Syrische president ontslaat zijn broer

DAMASCUS, 9 FEBR. De Syrische president, Hafez al-Assad, heeft zijn broer Rifaat gisteren als vice-president ontslagen. De staatstelevisie, die het nieuws meldde, gaf geen reden voor het ontslag.

Rifaat (61), die in 1984 tot vice-president werd benoemd, had al die tijd een stormachtige verhouding met zijn broer, en hij vervulde geen officiële taken. Er zijn nu nog twee vice-presidenten over, Abdul-Halim Khaddam en Zuhair Masharka.

Het zou kunnen zijn dat de maatregel onderdeel vormt van een regeling van de opvolging van president Assad (67). Aangenomen wordt dat Assad, die in 1970 de macht greep, zijn zoon Bashar als potentiële opvolger ziet. Zijn oudste zoon Basil, die duidelijk als kroonprins naar voren werd geschoven, kwam in 1994 bij een auto-ongeluk om het leven. Bashar, die tot de dood van zijn broer oogarts was, heeft recentelijk de rang van luitenant-kolonel gekregen en is als bevelhebber van de Republikeinse Garde benoemd.

Rifaat verwierf in 1982 internationale beruchtheid toen hij, in opdracht van zijn broer, zijn 'Defensie-brigades', een elite-eenheid, in de stad Hama tegen de moslim-fundamentalistische Moslimbroederschap inzette. In drie weken tijd doodden zijn troepen volgens zeer ruwe schattingen 20.000 mensen - onder wie veel gewone burgers - en maakten zij een groot deel van de stad met de grond gelijk.

Rifaat kwam in 1984 met zijn op dat moment zieke broer in conflict over een confrontatie tussen zijn 'Defensie-brigades' en andere legereenheden in wat ene opmaat naar een coup leek. Een burgeroorlog dreigde, maar Rifaat dolf het onderspit en werd vervolgens als vice-president benoemd en naar Europa in ballingschap gestuurd. Hij kondigde een snelle terugkeer aan, maar leiddde in plaats daarvan jarenlang het leven van een playboy in Spanje, Zwitserland en Frankrijk. De Spaanse poitie verdacht hem in 1988 van mafia-praktijken in Marbella, aan de Costa del Sol, waar hij een groot aantal restaurants bezat.

Na de dood van zijn moeder in 1992 keerde Rifaat naar Syrië terug. Daar verdienden hij en zijn zoons fortuinen in zaken, die echter kritiek oogstten van hoge functionarissen van de regerende Ba'athpartij. (Reuters, AFP, AP)