Speelse 'Trullenhoedster'

Voorstelling: De Trullenhoedster, naar Marten Toonder, door Opus One. Muziek: Ton Scherpenzeel. Liedteksten: Coot van Doesburgh. Spelers: Jon van Eerd, Frans Schraven, Wilma Bakker e.a. Choreografie: Frans Schraven. Regie en verhaalbewerking: John Yost. Gezien: 8/2, Stadsschouwburg, Amsterdam. Tournee t/m 7/6. Inl. (020) 6125034.

Ollie B. Bommel en Tom Poes begonnen hun theaterleven in 1941, kort nadat ze als stripfiguren hadden gedebuteerd in de Telegraaf, bij een toneelgroepje onder leiding van de jonge Wim Sonneveld. Puur kindervertier waren ze toen nog, en dat bleven ze tot in de jaren vijftig bij diverse andere gezelschapjes.

Pas nu de dansgroep Opus One hen op het repertoire heeft gezet, hebben Bommel en zijn jonge vriend ook in het theater de status van amusement voor alle leeftijden bereikt. Tijdens de tournee van De Trullenhoedster, waarvan de première gisteren als matinee werd gespeeld, zijn de middagvoorstellingen verder in de minderheid.

Opus One, dat met dansante familievoorstellingen op basis van bekende verhalen een groot publiek heeft aangeboord, koos op aanraden van Marten Toonder zelf voor het verhaal over de Trullenhoedster, die mannen van besproken gedrag - en dus niet Heer Bommel - het hoofd op hol brengt en verandert in willoze trullen. Dat was goed gezien, want er komen meer vrouwen in voor dan in de meeste andere Tom Poes-verhalen en bovendien zien de vrouwen zich gedwongen de belangrijkste functies in Rommeldam over te nemen als hun gewichtige echtgenoten zijn betoverd.

John Yost bewerkte het verhaal tot een reeks schilderachtige scènes, waarin de befaamde Toonder-taal redelijk bewaard is gebleven en goed samengaat met de musical-elementen van zang en dans. Voortdurend houdt hij de vaart erin door de liedjes en dialogen kort te houden en snel te changeren. De muziek, helaas op een geluidsband en slechts door electronica ten gehore gebracht, past niettemin mooi bij de sprookjesachtige sfeer, omdat componist Ton Scherpenzeel er tal van klassieke themaatjes in heeft verwerkt en in een trullendans echo's oproept uit de Ierse volksmuziek. Coot van Doesburgh schreef er vindingrijke zangteksten bij, die de personages aardig karakteriseren: 'Een heer van stand / ziet het groot verband / tussen doen en delegeren / elke wantoestand / kan hij heel galant / van een afstand steeds bezweren...'

Maar de meeste aandacht gaat vanzelfsprekend uit naar Ollie B. Bommel, die in zijn Oude Schicht een hartveroverende opkomst maakt en ook verder door Jon van Eerd wordt gespeeld als een markante Wichtigmacher met een geaffecteerde tongval en een haperende spreektrant. Naast hem speelt Frans Schraven een slimme Tom Poes met een hoekig, Chaplinesk dribbelpasje, dat telkens een lach oogst. Ook juffrouw Doddel, innemend vertolkt door Wilma Bakker, is een bedrijvige dribbelaarster. In de fraai geproportioneerde kostuums van Marijke Vogelzang is ieders gezicht vrijgelaten, net als in Cats, zodat de expressie niet verloren gaat achter een masker. Alleen de heer en mevrouw Dickerdack en de heer Fant zouden natuurlijk niet zonder hun imposante koppen herkenbaar zijn geweest. Koddige figuren zijn het allemaal, raak getypeerd en fantasierijk tot leven gebracht.

De Trullenhoedster straalt niet de pretentie uit van een volwaardige musical of een adembenemende dansvoorstelling. Zulke kwalificaties zijn hier niet aan de orde. De aantrekkingskracht schuilt nu juist in de onweerstaanbare charme waarmee het sprookje van de Trullenhoedster wordt verteld, en in de combinatie van speelsheid in spel, zang, dans en muziek. Opus One zal er de komende maanden veel bezoekers een groot plezier mee doen, dat staat vast.