Love Potion No. 9

Love Potion No. 9 (Dale Launer, 1992, VS). SBS6, 20.30-22.10u., onderbroken door reclame.

Het Amerikaanse showbusiness-vakblad Variety zag ruim vijf jaar geleden weinig commercieel heil in de romantische komedie Love Potion No. 9, het regiedebuut van de scenarioschrijver van Ruthless People en My Cousin Vinny. Dat lag volgens het blad onder meer aan het gebrek aan star names.

Nog geen twee jaar later zou een van de twee hoofdrolspelers, Sandra Bullock, haar 'grote doorbraak' maken met Speed. Incasseerde zij als buschauffeuse in deze hit van Jan de Bont een half miljoen dollar aan honorarium, de onvermijdelijke vervolgfilm Speed 2: Cruise Control bracht haar twaalfeneenhalf miljoen dollar in het laatje. Bullock, 'het mooiste meisje van hiernaast', was wat je noemt een star name geworden.

Tot de verworvenheden van het Nederlandse omroepbestel behoort het voorrecht dat je speelfilms krijgt voorgeschoteld die in ons land zelfs de videotheken niet haalden. Love Potion No. 9 is zo'n film, een op de hitsingle uit 1959 van The Glovers geïnspireerde, even onbeduidende als dwaze Assepoester-variant waarin niemand minder dan handlezeres Anne Bancroft liefdestoverdrankjes verstrekt die ervoor zorgen dat een timide biochemicus (Tate Donovan) en een dito apenpsychologe (Bullock) zelfvertrouwen krijgen en tenslotte voor elkaar durven te vallen.

Het is nogal wonderlijk om Sandra Bullock halverwege de film te horen zeggen dat ze tot het inzicht is gekomen dat ze nìet lelijk is. Vanaf haar geboorte waande ze zich een lelijk eendje. Aanvankelijk ziet ze er dan ook uit zoals Hollywood zich een muurbloempje voorstelt: zware bril, een ongeregelde coiffure, konijnentanden en een mantelpakje uit het jaar nul. Tot overmaat van ramp heeft ze een portret van Einstein aan de muur hangen, luistert ze naar klassieke muziek en leest ze Sartre. In één woord: rampzalig.

Maar halverwege de film wordt ze een ander mens. Haar gebit blijkt plotseling gecorrigeerd, het haar is op orde en ze draagt een oogstrelend avondtoilet. En via allerlei hilarische scenariokronkels vindt zij haar ware liefde, conform de aloude, humanistische Frank Capra-doctrine dat ieder menselijk individu de moeite waard is.

Na deze omslag wordt overigens niks meer vernomen van Sartre of Einstein.