Joaquim Sabaté maakt dansopera over 'de onnatuurlijke dood'; 'Dansende bassen, die zijn schaars'

Vandaag gaat A Taste of Glamour in première, een dansopera die wordt gedanst èn gezongen door vier countertenoren. “Je moet oppassen dat dans niet te serieus wordt”, zegt danser/choreograaf/zanger Joaquim Sabaté.

A Taste of Glamour, door Joaquim Sabaté, Korzo Theater Den Haag, 9 en 10 febr. tijdens Holland Dance Festival, inl. (070) 360 49 30.

AMSTERDAM, 9 FEBR. Dansopera. Het woord lijkt al eeuwen te bestaan en thuis te horen in het rijtje pastorale, Singspiel, opéra comique, rock-opera, dansopera. Een afsplitsing van de 'gewone' opera, een tussenvorm die in de operageschiedenis slechts korte tijd populair geweest is.

Toch is de combinatie van ballet en zang minder vanzelfsprekend dan zij lijkt. A Taste of Glamour, dat vandaag tijdens het Holland Dance Festival in première gaat, wordt gedanst èn gezongen door vier countertenoren en mag oprecht een unicum genoemd worden.

De Catalaanse choreograaf/danser Joaquim Sabaté (1963) is zelf ook een geschoold countertenor maar speelt in deze voorstelling niet mee. Dat hij vier dansers met een falsetstem heeft gevonden is volgens Sabaté een kwestie van geluk. “Maar vier dansende bassen zijn denk ik nòg zeldzamer”, zegt hij. “De bouw van een danser is te sensitief voor het basgeluid, maar heel geschikt voor de hoge stem.”

Sabaté volgde een dansopleiding in Barcelona en was als danser/choreograaf werkzaam in Spanje, Duitsland en sinds 1991 in Nederland. Bij het dansgezelschap Reflex maakte hij enkele choreografieën die opvielen door hun theatrale elementen. 'Pure' dans is dan ook niet besteed aan Sabaté:

“Dat is mij te naakt. Ik ben, net als veel andere choreografen, een beetje moe van dat purisme. Je kunt met dans zoveel meer doen. Het is theater. Je moet oppassen dat het niet te serieus wordt.”

In het programmaboekje wordt A Taste of Glamour dan ook 'een muzikaal en theatraal feest' genoemd. Tijdens een repetitie blijkt de voorstelling echter te bestaan uit vier mini-opera's die als gemeenschappelijk thema de 'onnatuurlijke dood' hebben. Stijloefeningen in operateske sterfscènes zijn het, met onder anderen Caligula en Marilyn Monroe in de hoofdrol.

Feest? “Het is melodrama, maar op een ironische manier gebracht. Dat trekt mij zo aan in de opera. Het sterven op toneel, het vergif, de dolk, de dood. Ik heb een voorkeur voor de decadentie en de glamour in de opera. Wat dat betreft, wordt het voor mij inderdaad een feest. En als mensen dat camp willen noemen, dan moet dat maar.”

Dat er in de opera nog wel meer te beleven is dan de val van hooggeplaatste historische figuren lijkt Sabaté in ieder geval enigszins ontgaan te zijn. De waarde van A Taste of Glamour moet dan ook vooral gezocht worden in de kwaliteit van de zangers/dansers in combinatie met de muziek van componist Patricio Wang.

De in Nederland wonende Chileen maakte voor Krisztina de Châtel al eerder balletmuziek en componeerde in 1994 de opera Pinocchio voor het RO Theater. De vier mini-opera's hebben bij Wang elk een eigen muzikaal idioom en zo krijgt het specifieke geluid van de hoge mannenstem een onvermoede verscheidenheid. Of zoals Wang het zelf zegt: “Het enige dat de vier delen muzikaal gemeen hebben is dat ze gecomponeerd zijn door dezelfde componist.”