Frankrijk is beschaamd over Corsica

Niemand in Frankrijk wijst graag openlijk naar de bestuurders, die het gewapend verzet op Corsica jarenlang oogluikend hebben geaccepteerd. Sommige politici durven nu te spreken over “lafheid en aanpasserij” van de Franse overheid.

PARIJS, 9 FEBR. Vanmorgen was Corsica een half uur 'ile morte' - dood eiland. Winkels bleven dicht, kerkklokken beierden, de mensen sloegen de ogen neer. Zij rouwden om een onschuldig geliquideerde hoge ambtenaar, om enige honderden zonen en mannen van het eiland zelf, vermoord in 22 jaar dubieuze strijd. Zij rouwden vooral om het schone Corsica.

Voor sommigen is de zaak na de moord van vrijdag op de prefect eenvoudig. Oud-premier Barre bijvoorbeeld zei gisteravond: “Corsica moet maar kiezen, de rechtsstaat erkennen of zijn eigen weg gaan.” Hij staat daarin alleen. Onafhankelijkheid is niet aan de orde, noch op het eiland, noch in de rest van Frankrijk. De meeste Franse politici roepen om strikte rechtshandhaving, maar weten dat zij op Corsica collectief een oogje dicht hebben gedaan. Naast alle officiële boosheid is Frankrijk ook beschaamd na deze 'aanslag tegen de Franse staat'.

Vrouwen die twee jaar geleden hun 'Manifest voor het leven' publiceerden, wilden een hele dag van stilte en bezinning uitroepen. Maar het moest bij een kwartier blijven, plus een stille omgang in de avondschemering. Al werd het bij verrassing een half uur, het mocht geen echt massa-evenement worden. Te velen die het voor het zeggen hebben zijn deel van het Corsicaanse systeem. Niemand wijst openlijk lokale of nationale bestuurders aan, maar het is een opmerkelijk feit dat zelden of nooit een moord, een bomaanslag, een afpersing, laat staan belastingfraude voor de rechter komt.

“Driehonderd gewapende mannen houden Corsica in gijzeling. Laat de staat daar een eind aan maken!” Die verzuchting van Danielle Caïtucoli, één van de vrouwen die het geweld niet meer accepteren, rekent af met het cliché dat 'de Corsicanen' niet deugen. “Het probleem is dat niemand zich durft te verzetten”, vertelde ze me na een vorige opleving van het conflict. “Onze bestuurders sluiten compromis op compromis en Parijs laat misdaden onbestraft en hoopt de zaak met nog meer subsidie te sussen.”

Intussen heeft de vorige regering in Parijs een poging gedaan met de 'nationalisten' een akkoord te bereiken - premier Juppé ontkende halverwege dat zoiets gaande was, waarop zijn stadhuis in Bordeaux werd gebombardeerd. En nu is de linkse regering-Jospin aan de beurt. Maar als ooit het Franse begrip 'la classe politique' zichtbaar wordt, dan is het nu wel. Lionel Jospin zou vanmiddag schouder aan schouder staan met zijn politieke opponent, president Chirac, omringd door ministers en hoge ambtenaren. Allen één. Om in het centrum van Ajaccio het gezag van de Franse Republiek te bevestigen. Waarna zij weer schielijk terugvliegen naar het vasteland.

Alain Marseaud, Kamerlid en voormalig rechter, roept vandaag in Le Figaro in herinnering wat iedereen weet: dat ambtenaren die niet afkomstig zijn uit Corsica de wet alleen kunnen toepassen met gevaar voor eigen leven, dat ondernemers van elders geen bedrijf kunnen opzetten zonder te betalen, en te blijven betalen. “Wij hebben deze realiteit niet tot ons laten doordringen omdat we de 'Corsicaanse specificiteit' zogenaamd wilden ontzien - schaamdoek voor onze lafheid en aanpasserij.”

Corsica is een van de mooiste maar niet de gelukkigste streken van Frankrijk. Jojo tussen Italië en Frankrijk. Dorre, bergachtige klont in de Middellandse Zee. Traditie van struikroverij die zich de wapens van de twintigste eeuw en de taal van verzetsbewegingen door de eeuwen heen heeft aangemeten. Nationalistische heroïek bij een jeugd die is opgegroeid in een klimaat waarin afrekeningen op klaarlichte dag en opgeblazen politievoertuigen en postkantoren tot de dagelijkse routine behoren.

Toen het in 1976 menens werd met het gewapend verzet tegen 'de koloniale macht Frankrijk' was de economische malaise aanzienlijk. Sindsdien is het nauwelijks beter geworden. Het vliegveld van Ajaccio, in '81 gebombardeerd kort na de landing van president Giscard d'Estaing, is weer prachtig herbouwd. Dat is een symbool voor de economie van het eiland: wat werkt is met veel subsidie op de been geholpen. Frankrijk geeft per inwoner twee keer zo veel uit op Corsica als in de rest van Frankrijk, de Europese Unie tien keer zo veel. Er zijn twee keer zo veel bijstandstrekkers op het eiland als elders in het land, en drie keer zo veel inwoners met een gehandicapten-uitkering.

Onder jongensboekachtige namen als Resistenza, FLNC (Front pour la Libération Nationale Corse) en FLNC Canal Historique zijn bevlogen Corsicanen aandacht gaan opeisen voor taal en geschiedenis van Corsica. Zij kwamen op tegen Frankrijks als minachtend ervaren behandeling van 'het Corsicaanse volk'. Die 'strijd' ontaardde in een smerige western die draaide om geld en geweld. Resultaat in twee decennia: een vermoorde onder-prefect ('83), twaalf dode politiemannen, vrijdag een vermoorde prefect en nog veel meer dode collega's. Het voornaamste slachtoffer heet Corsica: 250.000 Fransen wier eiland onnodig meer met Sicilië dan met Deauville gemeen heeft.