Clinton zou nu eens met Saddam moeten afrekenen; Strijdlust Congres brengt Clinton in lastig parket

Door bij voorbaat te stellen dat de VS de verliezer van de huidige crisis zijn als Saddam Hussein na een militaire actie nog in het zadel zit, zetten de Republikeinen president Clinton vrijwel klem.

WASHINGTON, 7 FEBR. Terwijl de Amerikaanse regering deze week de druk op Irak verder opvoerde, met krachtige taal en de versterking van de Amerikaanse troepen in de Golf, moesten president Clinton en zijn adviseurs op Capitol Hill alle zeilen bijzetten om de hoog opgelaaide strijdlust in het Congres te sussen. Want terwijl buitenlandse leiders de Amerikanen opriepen om niet te hard van stapel te lopen, pleitten de Republikeinse leiders juist voor militair ingrijpen dat verder gaat dan alleen luchtaanvallen. Clinton zou nu eindelijk eens met de Iraakse president Saddam Hussein moeten afrekenen, verkondigden Newt Gingrich en Trent Lott, de voormannen van de Republikeinen in het Huis van Afgevaardigden en de Senaat.

Dat wapengekletter bracht de regering-Clinton in een lastig parket. Door bij voorbaat te stellen dat Washington de verliezer van de huidige crisis is als Saddam Hussein na een militaire actie nog in het zadel zit, zetten de Republikeinen Clinton vrijwel klem. Zijn minister van Defensie, William Cohen, had immers al herhaaldelijk erkend dat het omverwerpen van het Iraakse regime of het afzetten van haar leider op dit moment niet het doel van een eventuele militaire actie kon zijn. Dat zou een veel omvangrijker operatie vergen dan nu mogelijk is, nog afgezien van de vraag of het wenselijk zou zijn.

Clinton was er veel aangelegen om te voorkomen dat de Amerikaanse bevolking zulke onmogelijk hoge verwachtingen zou hebben van de luchtaanvallen tegen Irak die worden voorbereid. Minister van Buitenlandse Zaken Madeleine Albright bracht daarom vele uren door op Capitol Hill, om de Republikeinen te overreden niet meer dergelijke krachtige taal uit te slaan. En Clinton zelf verklaarde:“Zou het Iraakse volk beter af zijn met een wisseling van leiderschap? Dat geloof ik zeker. Maar dat is niet waar de Verenigde Naties ons toestemming voor hebben gegeven, en dat is niet ons directe belang.” Washington wil in de eerste plaats proberen een diplomatieke oplossing te bereiken, onderstreepte hij.

De Republikeinse haviken zijn inmiddels wat bijgedraaid. Ze legden uit dat ze niet bedoeld hadden dat Saddam Hussein door de Amerikaanse regering om het leven gebracht moest worden. Maar nog steeds staan ze niet helemaal achter de regering. Er mag meer dan voldoende aanleiding zijn voor een stevige reeks luchtaanvallen, stellen ze nu, maar wat is het Amerikaanse plan als de aanvallen niet het gewenste effect hebben? Wat is de volgende stap, als Saddam Hussein blijft volharden in zijn weigering om de wapeninspecteurs van de Verenigde Naties volledige toegang te geven tot alle plaatsen die ze willen onderzoeken? In het verleden heeft de Iraakse president immers laten zien dat hij beschikt over een groot incasseringsvermogen en een grote koppigheid. In de woorden van senator John McCain: “We moeten weten wat Plan-B is.”

President Clinton zei gisteren tijdens zijn gezamenlijke persconferentie met de Britse premier Blair: “Als Saddam Hussein zich niet neerlegt bij het eenstemmige verlangen van de internationale gemeenschap, dan moeten we bereid zijn om op te treden, en dat zijn we.” Maar Blair gaf even later aan dat de Amerikaanse en de Britse regering weliswaar bereid zijn om een militaire actie te ondernemen, maar dat ze er nog niet klaar voor zijn. Hij doelde niet op de militaire voorbereidingen. “We moeten ons ervan verzekeren dat onze eigen publieke opinie goed is ingelicht over de redenen waarom het zo essentieel is dat de inspecteurs van de Verenigde Naties hun werk kunnen doen.” Het klonk als een aansporing, niet alleen aan zijn eigen ministers maar ook aan president Clinton.

De Amerikaanse bevolking heeft zich de afgelopen weken met van alles beziggehouden, maar nauwelijks met Irak. Een militaire operatie, ook als het alleen maar luchtaanvallen zijn, brengt risico's met zich mee en de regering-Clinton heeft tot nog toe vrijwel niets gedaan om de Amerikanen daar op voor te bereiden.

Senator McCain, die zelf tijdens de oorlog in Vietnam als piloot is neergehaald, verwijt de regering dat ze geen open kaart speelt over de risico's van de operatie die ze voorbereidt. Piloten kunnen neergeschoten worden, en sneuvelen of in gijzeling genomen worden door Irak. Amerikaanse bombardementen van installaties in Irak kunnen Iraakse burgerslachtoffers maken. En Bagdad zal CNN graag behulpzaam zijn de gruwelijke beelden daarvan snel over de wereld te verspreiden. Heeft de regering-Clinton de ruggegraat genoeg om haar actie voort te zetten als het hele land en de hele wereld moord en brand roept?, vraagt McCain. En zo niet, wat is dan het eindspel?

Volgens de Democratische leider in de Senaat, Tom Daschle, is het eindspel “eenvoudig dat de VN-inspecteurs toegang krijgen tot alle locaties waarvan vermoed wordt dat er biologische wapens worden gemaakt”. Maar de regering zal eerst duidelijker moeten uitleggen hoe ze dat denkt te bereiken, voor ze het Congres volgende week zover krijgt om zich in een resolutie uitdrukkelijk achter militair optreden te scharen.