Nuis reageert nog niet op claim Goudstikker

ROTTERDAM, 6 FEBR. Staatssecretaris Nuis (OCW) denkt nog 'enkele weken' nodig te hebben om te kunnen reageren op de claim van de erven Goudstikker, die ongeveer 150 waardevolle schilderijen opeisen van de Staat. Op 9 januari j.l. hadden de advocaten van de erven Nuis een brief gestuurd waarin zij hem vroegen binnen vier weken te reageren op de eis tot teruggave. Dat ultimatum verliep vandaag.

De Amsterdamse kunsthandelaar Jacques Goudstikker (1897-1940) bezat voor de oorlog een kunstcollectie van ongeveer 1100 schilderijen. In mei 1940 kwam hij tijdens een vlucht voor de nazi's om het leven. Zijn achtergebleven personeel verkocht de kunsthandel aan de Duitse bankier Alois Miedl, die een deel van de schilderijen voor 2 miljoen gulden doorverkocht aan Hermann Göring. Na de oorlog keerden ongeveer 300 schilderijen terug naar Nederland. De helft werd geveild, de andere helft, waaronder topstukken van onder anderen Rembrandt, Rubens en Steen, ging naar musea en ambassades. Dat gebeurde op basis van een wet die bepaalde dat alle goederen die vrijwillig aan de Duitse bezetters waren verkocht, staatsbezit werden.

Na de oorlog probeerde de weduwe van Goudstikker, Désirée von Halban, de schilderijen terug te krijgen. In 1952 trof ze, onder protest, een schikking met de Staat. De advocaten van de in Amerika wonende erven van Goudstikker stellen dat Désirée von Halban in de jaren vijftig door de staat verkeerd voorgelicht is over de waarde van de werken.