Crisis Thailand treft alle lagen van de bevolking

Thailand was vorig jaar het eerste slachtoffer van de Aziatische crisis. Inmiddels is een nieuwe regering aangetreden. Maar veel tijd is er niet om het vertrouwen in de Thaise economie te herstellen.

BANGKOK, 6 FEBR. Sinds zij hun baan als bouwvakker verloren, bivakkeren Tung en Ban op twee rieten matjes aan de rand van Sanam Luang, een uitgestrekt, zanderig veld tussen het Grote Paleis en Khao San, de rugzaktoeristenbuurt in Bangkok. De Thaise mannen, beiden achterin de veertig, hebben geen vaste inkomsten meer en missen een familienetwerk om op terug te vallen. Ze hebben hun gehuurde appartement aan de rand van de stad opgegeven en leven bij gebrek aan een Thais stelsel voor sociale zekerheid nu hier, licht beschut onder een paar bomen tegen de broeierige hitte, wachtend op een bord kippensoep en wat vruchten die Thaise monniken dagelijks brengen.

“Vrijwel alle bouwprojecten in de stad liggen stil omdat er geen geld meer is om materiaal in te kopen. Maar soms is er plotseling een klusje, dan komen de aannemers hierheen om mensen te werven. Want hier zit het vol met werkloze arbeiders”, vertelt Tung en wijst om zich heen naar de tientallen lotgenoten die zich inmiddels in dit informele uitzendbureau voor de Thaise bouw hebben verzameld.

Tung en Ban behoren tot de armsten in Bangkok, maar slachtoffers van de Aziatische crisis zijn in alle lagen van de Thaise bevolking te vinden. Vrijwel dagelijks tonen de Thaise media beelden van mannen en vrouwen die de dupe zijn geworden van de economische achteruitgang die vorige zomer begon: voormalige miljonairs die hun Rolls-Royce of Mercedes verkopen op de former rich weekend market, een ontslagen beurshandelaar die nu broodjes smeert in de keuken van een ziekenhuis of een failliete krantenuitgever die sinds kort T-shirts verkoopt op de toeristenmarkt Patpong. Allen staan zij symbool voor de werkloosheid in Thailand, die net zo explosief groeit als de economie de afgelopen tien jaar deed: inmiddels zijn meer dan 800.000 mensen hun baan kwijt en het einde is nog lang niet in zicht.

Voor het gros van de Thaise werklozen was er van de ene op de andere dag geen geld meer. Alleen in de financiële wereld, de aanstichter van de misère, krijgen ontslagen werknemers vaak een paar maanden salaris mee. De rest moet hopen op het wijdvertakte Thaise familienetwerk dat, zo zeggen de autoriteiten, vooral in de landbouw de komende tijd banen zal opleveren.

Thaise vakbonden ventileren de laatste tijd steeds luidruchtiger hun vrees voor sociale onrust in het land, als de eind vorig jaar aangetreden regering van premier Chuan Leekpai de groeiende werkloosheid niet snel onder controle krijgt. “De armen hebben straks niets meer te eten, de middenklasse kan haar kinderen niet meer naar school sturen. Als deze trend niet snel gekeerd wordt, barst hier binnen een half jaar de bom”, zei vakbondsleider Weng Tojirakarn deze week.

Pagina 4: Het volk kan niet anders dan Chan vertrouwen

Een verontrustend signaal voor de groeiende sociale problemen die voortvloeien uit de economische crisis is de snelle groei van de criminaliteit in Thailand. Vanuit de Gouden Driehoek, in het noorden bij de grens met Birma en Laos, is de drugssmokkel de afgelopen maanden sterk toegenomen. En in het zuiden van Thailand, bij de grens met Maleisië, hadden recentelijk zelfs een aantal terroristische acties plaats.

Dergelijke ontwikkelingen geven aan dat de tijd dringt voor Chuan en zijn regeringsploeg. Medio november vorig jaar begon de 59-jarige leider van de Democratische Partij aan zijn tweede premierschap dit decennium in Thailand. Eerder leidde hij zijn land van september 1992 tot juli 1995. Zijn opvolger, Banharn Silpa-archa, was veertien maanden premier. Vervolgens kwam Chavalit Yongchaiyudh, die amper een jaar diende. Beide premiers worden vooral herinnerd als corrupt en incompetent. Aan Chuan is nu de taak zijn land weer op de rails te zetten.

“Deze ploeg van Chuan krijgt op dit moment het voordeel van de twijfel van de bevolking”, zegt een Westerse diplomaat. “De ellende is nog lang niet voorbij hier, maar het volk heeft weinig keus nu.” Politieke analisten zien de ervaring van Chuan als premier als een gunstig gegeven. Volgens hun bracht Chuans reputatie als gematigd, eerlijk en verantwoordelijk politicus hem terug op de stoel van de leider. Chuan is in veel ogen de bescheiden en geduldige man, die de nu zo noodzakelijke rust en vertrouwen brengt. Volgens de grootste optimisten kan Chuan zelfs een voorbeeld worden voor andere leiders in de regio door in deze miserabele tijden het succes van good governance in Azië te tonen.

De kracht van Chuans regeringsploeg ligt vooral bij zijn economische team, dat wordt aangevoerd door plaatsvervangend premier en minister van Handel, Supachai Panitchpakdi, en minister van Financiën, Tarrin Nimmanhaeminda. Beide heren zullen, zo wordt verwacht, een cruciale rol spelen bij de internationale reddingsoperatie voor Thailand. Tarrin reisde vorige maand naar Washington om uitgebreid overleg te voeren met de Amerikaanse regering over de crisis. De reis wordt in diplomatieke kringen als “zeer succesvol” omschreven; de koers van de Thaise baht kreeg kort na Tarrins terugkeer een stevige duw in de goede richting.

De 52-jarige Tarrin, die als politicoloog afstudeerde aan Harvard, verwierf brede steun in het Amerikaanse kabinet voor economische hulp van de VS aan Thailand. De Amerikanen toonden zich bereid een leidende rol op zich te nemen bij het bezweren van de crisis in Thailand. Ook Tarrins gesprekken met het Internationaal Monetair Fonds (IMF) over aanpassing van enkele voorwaarden van het reddingspakket ter waarde van 17,2 miljard dollar, waarover vorig jaar zomer overeenstemming werd bereikt, verliepen gunstig.

Tarrins compaan, de 51-jarige Supachai, is vooral een man voor achter de schermen. Hij wordt omschreven als “de minst gepolitiseerde politicus” in de huidige regering. De plaatsvervangd premier ontvangt volgende week minister Van Mierlo van Buitenlandse Zaken, die zondag een driedaags bezoek aan Thailand begint, voordat hij doorreist naar Indonesië. Supachai studeerde in de jaren zestig economie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam, waar hij promoveerde onder professor Jan Tinbergen.

Het economisch team van premier Chuan Leekpai geeft de prioriteit aan sanering van de financieel-economische sector, de wortel van alle ellende. Vorig jaar werd al begonnen met het wegsnijden van de rotte appels door 56 financieringsmaatschappijen voorgoed te sluiten. De volgende stap is dat de financiële sector zich openstelt voor buitenlandse aandeelhouders. Maar volgens analisten zal bij de uitvoering van dat plan een beruchte zwakte van de Thais naar boven komen. “Als enige land in de regio is Thailand nooit gekolonialiseerd. Dat geeft de Thais tegenover andere landen in Zuidoost-Azië het machtige gevoel dat ze het uiteindelijk allemaal zelf wel weer kunnen doen”, zegt een Europese diplomaat. “De regering van Chuan lijkt op dit punt ook weer vast te lopen. Men heeft moeite de macht te delen met een buitenlandse partner. Dat is bij het speuren naar oplossingen voor de huidige situatie de grote adder onder het gras.”

Als premier Chuan de sanering van de financiële sector niet snel succesvol kan uitvoeren, zal de crisis aanhouden. Analisten wijzen erop dat alleen met vers buitenlands kapitaal voor de zieltogende Thaise banken en financieringsmaatschappijen de kredietverstrekking weer voorzichtig kan beginnen. Zolang dat uitblijft, kan de economie van het land niet herstellen.

“Het Thaise volk begrijpt op dit moment volledig welke ontberingen dit land moet doorstaan. Dat heeft men inmiddels geaccepteerd”, zei Chuan vorige maand in een vraaggesprek met het weekblad Asiaweek. De 60 miljoen Thais hebben massaal hun vertrouwen in de nieuwe premier gesteld. De vraag is nu of dat vertrouwen en het sterke economische team voldoende blijken om Thailand uit de crisis te trekken.

“De eerste test komt dit voorjaar. Als de regering tegen die tijd nog onvoldoende bewijzen kan leveren dat de situatie onder controle is, en de baht nog niet veel sterker is geworden, zal de sociale onrust verder groeien en zal de druk vanuit de oppositie toenemen om verkiezingen uit te schrijven”, vreest een diplomaat. Maar als het Chuan Leekpai lukt de komende weken het vertrouwen in Thailand, zowel nationaal als internationaal te herstellen, kan zijn regering de komende drie jaar blijven zitten. “Op lange termijn is dat voor iedereen de beste optie.”