Britten willen Winnie-the-Pooh terug

De knuffelbeer die voor 's werelds beroemdste beer model heeft gestaan zit al jaren in een vitrine van kogelvrij glas in New York. Het Britse parlementslid Gwyneth Dunwoody is een actie begonnen om het ongelukkige dier en zijn vriendjes terug naar hun land van herkomst te halen.

WASHINGTON, 6 FEBR. Aan de vooravond van de besprekingen tussen president Clinton en de Britse premier Blair, dezer dagen in Washington, gaf het Witte Huis een verklaring uit: het lot van Winnie-the-Pooh stond niet op de agenda, al kon niet worden uitgesloten dat het in het gesprekken tussen beide regeringsleiders aan de orde zou komen. Dat de crisis in Irak en de situatie in Noord-Ierland dringender om een oplossing vragen zal niemand ontkennen, maar toch wordt aan beide zijden van de Atlantische Oceaan in spanning afgewacht of premier Blair om uitlevering van de alom geliefde beer zal vragen.

Al ruim een halve eeuw blijkt de knuffelbeer die voor Winnie-the-Pooh model heeft gestaan zich in de Verenigde Staten te bevinden. In een vitrine van de Donnell Library Center in New York is Pooh te bezichtigen, samen met vier van zijn vrienden: de oude, grijze ezel Eeyore, tijgertje Tigger, knorretje Piglet en Kanga, moeder van Roo. A.A. Milne, de Britse schrijver die de speelgoeddieren van zijn zoon Christopher Robin in zijn verhalen onsterfelijk maakte, gaf ze in 1947 aan zijn Amerikaanse uitgever. Die schonk ze in 1987, met toestemming van de oorspronkelijke eigenaar, Christopher Robin Milne, aan de New-Yorkse bibliotheek.

Maar volgens Gwyneth Dunwoody (67), een Britse parlementariër van de Labour Partij, worden de danig versleten dieren daar tegen hun zin vastgehouden. “Ik heb ze onlangs gezien, en ze zagen er bepaald ongelukkig uit,” verklaarde ze deze week tegenover het persbureau Associated Press. Van de sombere Eeyore zou niemand anders verwacht hebben, maar de bedroefdheid van de andere dieren was hartverscheurend. “Het verbaast me niets, als je bedenkt dat ze al die jaren in een vreemd land opgesloten zijn geweest in een glazen kooi,” aldus Dunwoody.

Aan de vooravond van Blairs reis naar Washington verzocht ze de Britse regering formeel zich in te spannen voor de terugkeer van Pooh en de zijnen, als belangrijk Brits cultuurgoed. Ze vergeleek de zaak met de Elgin Marbles, de oud-Griekse beelden die sinds 1816 in het British Museum staan, tot ergernis van Athene. “Net zoals de Grieken hun Elgin Marbles terugwillen, zo willen wij onze Winnie-the-Pooh en zijn fantastische vrienden terug”.

In de Engelse pers vond de oproep van Dunwoody gehoor. 'Free the Pooh Five', kopte de Londense Evening Standard. En gisteren bereikte de kwestie de Verenigde Staten, waar The New York Times de affaire op de voorpagina behandelde onder de kop: 'Back Home to Pooh Corner? Forget It, New York Says'.

Inderdaad is New York niet van plan om de dieren te laten gaan. Gouverneur George Pataki zei dat ze moeten blijven, en burgemeester Rudolph Giuliani beloofde dat hij “alles zal doen om ze hier te houden”. Om zijn vastberadenheid te onderstrepen bracht de burgemeester, die nog nooit een kans heeft laten lopen om in het nieuws te komen, gisteren prompt een bezoek aan de beroemde dieren. “Hij wil de beer verzekeren dat hij niets te vrezen heeft op Amerikaans grondgebied,” verklaarde de woordvoerder van Giuliani.

Pooh, naar eigen zeggen 'A Bear of Very Little Brain', is begin jaren twintig door Milne aangeschaft in het warenhuis Harrod's, in Londen, voor zijn destijds 1-jarige zoon. In 1926 en 1928 publiceerde Milne Winnie-the-Pooh en A House at Pooh Corner, met als hoofdpersoon Pooh Bear, ook wel genoemd Winnie-the-Pooh, F.O.P. (Friend of Piglet's), R.C. (Rabbit's Companion), P.D. (Pole Discoverer), E.C. and T.F. (Eeyore's Comforter and Tail-finder). In zijn vitrine van kogelvrij glas, met klimaatregeling en alarmsysteem, ziet de beer jaarlijks zo'n 750.000 mensen aan zich voorbij trekken. Dat is slechts een fractie van de vele miljoenen Amerikanen die hem en zijn vrienden in hun hart hebben gesloten.

Net als elders ter wereld zijn Milne's verhalen in de VS razend populair, in de oorspronkelijke uitgave met tekeningen van Ernest H. Shepard, in de superieur voorgelezen versie op cassette van de Britse acteur Peter Dennis, maar ook in boek- en tekenfilmversies van de firma Disney.

De amusementsfabriek uit Hollywood heeft het oeuvre van Milne zelfs aangevuld met nieuwe verhaaltjes, die met robots, buitenaardse wezens en veel gooi- en smijtwerk geheel op de Amerikaanse smaak zijn toegesneden. Tegen die aantasting van cultuurgoed is voor zover bekend nog geen Britse parlementariër in het geweer gekomen.

Gisterochtend, voor zijn eerste bespreking met president Clinton, zei Blair dat repatriëring van Pooh en zijn maatjes niet hoog op zijn agenda staat. Hij zei weinig van de zaak af te weten, maar erkende: “Ik ben ervan overtuigd dat ze zich in goede handen bevinden.” Voor president Clinton, zo liet zijn woordvoerder later op de dag weten, is “de gedachte dat de Verenigde Staten Winnie zouden verliezen absoluut onverdragelijk.”