Alleen Geesink heet kroonprins welkom in Japan

NAGANO, 6 FEBR. In de stationshal van Nagano stonden Japanse vrouwen en kinderen vol verwachting met vlaggetjes te zwaaien. Op het perron waar de supersnelle Shinkansen-trein van Tokio arriveert, veegden mannen en vrouwen met water en bezems de vloer schoon. De stad maakte zich op voor de aankomst van de Japanse keizer en andere prominente gasten van de Olympische Winterspelen.

Maar toen kroonprins Willem-Alexander in gezelschap van staatssecretaris Erica Terpsta uit de trein stapte, wist niemand buiten de Nederlandse journalisten en fotografen, een paar mensen van de Rijksvoorlichtingsdienst én Anton Geesink om wie het ging.

Geesink was de enige sportbestuurder op het station. “Er is zelfs niemand van het NOC. Dat is toch een belediging van het koningshuis”, riep de in Japan populaire oud-judoka. Vertegenwoordigers van NOC*NSF, de overkoepelende Nederlandse sportbond, schitterden door afwezigheid. Terwijl Willem-Alexander er toch beschermheer van is. Als enige official verwelkomde Geesink de hoge gasten. Willem-Alexander begroette zijn aanstaande collega in het IOC met de woorden: “Bedankt dat u mij heeft gekozen.”

Enige uren eerder was IOC-voorzitter Samaranch tijdens een persconferentie desgevraagd ingegaan op de benoeming van de Nederlandse kroonprins. Op de vraag of hij met vertegenwoordigers van de Nederlandse regering overleg had gehad, antwoordde hij: “Nee. Ik ben niet in de positie om met kandidaten en hun vertegenwoordigers daarover te praten. Ik raadpleeg alleen IOC-leden.”

Geesink bevestigde deze verklaring. “Die man heeft het te druk om even naar Den Haag te gaan of daar voor te bellen. Hij gaat echt niet met anderen buiten het IOC praten over een kandidaat, ook niet met regeringsfunctionarissen.” De Utrechter bekende dat hij al in een vroeg stadium op de hoogte was van de plannen van Samaranch om Willem-Alexander voor te dragen. “In Lillehammer 1994 is er al een serieus gesprek geweest. Het was de bedoeling van Samaranch om de prins op het IOC-congres van 1999 in Seoul voor te dragen als kandidaat. Dat hij in september 1997 tijdens zijn verblijf in Nederland als antwoord op de vraag of Nederlanders zich kandidaat konden stellen 'waarom niet?' heeft geantwoord, heeft het proces rond de prins versneld.”

Geesink verklaarde verder dat hij op 13 januari van dit jaar uit hoofde van zijn functie als Nederlands IOC-lid door Samaranch was aangesproken over de benoeming. “Hij zei me dat al die andere Nederlandse kandidaturen de zaak onoverzichtelijk maakten. 'Dit loopt uit de hand, we moeten snel met de prins rond komen. We moeten hem in Nagano benoemen als dat kan', zei hij. Toen heeft hij contact met hem laten opnemen.” Geesink wist er dus al die tijd van. “Ja, ik moet mijn excuses maken. Ik ben een sportman, dus ik wil niet als een leugenaar overkomen. Maar ik heb nu iets moeten verzwijgen tegenover de pers. De baas wil dat zo. En dan doe ik dat.”