Zwervers en werkbijen in alledaagse wereldsteden

Tentoonstelling: The Global City: Berichten uit de post-industriële stad. Gemeentemuseum Helmond, Kasteelplein 1, Helmond. Di. t/m vr. 10-17 uur, za. en zo. 14-17 uur. T/m 22 maart. Inlichtingen: (0492) 547475.

Wanneer je denkt aan een wereldstad, zie je rijen toeterende auto's, massa's haastige mensen op weg naar de volgende zakenlunch en indrukwekkende, futuristische wolkenkrabbers. Politiewagens rijden af en aan en op elke hoek van de straat word je aangeklampt door een hongerige zwerver of wanhopige junk. Je denkt aan steden als New York, Hong Kong, Parijs en misschien Rotterdam, maar in elk geval niet aan Helmond. Toch is in deze Brabantse stad, waar de TGV waarschijnlijk nooit zal stoppen, een tentoonstelling met de titel The Global City te zien.

Van vijfien internationale kunstenaars zijn installaties, foto's en video's geselecteerd die reflecteren op het leven in moderne metropolen. Als er één ding duidelijk wordt op deze tentoonstelling, dan is het wel dat het leven in de grote stad niet zaligmakend is. De jonge, snelle geldverdiener kan zich een duur appartement op een toplocatie in de stad veroorloven, maar heeft geen tijd om ervan te genieten, terwijl kansarmen een anoniem en eenzaam bestaan lijden in de voormalige arbeiderswijken. De fotograaf Andreas Gursky laat zien hoe zelfs 's avonds laat nog tientallen werknemers van de Shanghai Bank in Hong Kong hard aan het werk zijn. In een felverlichte torenflat zitten zij etage na etage aan dezelfde bureaus en achter dezelfde computers, gevangen als werkbijen in een glazen honingraat.

De scherpe tweedeling tussen mensen die het gemaakt hebben en mensen die hun leven lang op straat zullen slijten, wordt op een indringende manier in beeld gebracht in de video Beggar (1993) van Federico d'Orazio. We kijken naar Bologna door de ogen van een zwerver, die de straten afstruint op zoek naar wat kleingeld of een sigaret. Een verborgen camera op zijn schouder registreert de reacties van het - vaak in bontjassen gehulde - winkelende publiek. Vrijwel iedereen negeert hem of beantwoordt zijn vraag om kleingeld met een simpel 'nee'. Ongewild denk je bij het zien van de video aan de vele keren dat je zelf met een afgewend gezicht aan de vragende hand van een bedelaar voorbij bent gelopen.

Ook de foto's van de Amerikaan Philip Lorca diCorcia belichten de schaduwzijde van de grootstedelijke samenleving. Hij betaalde mannelijke prostituées in Hollywood hun uurtarief om voor hem te poseren op het bed van een goedkope hotelkamer, in de berm van een snelweg of in de bar van een fastfoodrestaurant. En weer een andere serie toont toevallige passanten als zakenmannen en zwervers in de straten van New York, Tokyo en Los Angeles. De foto's zijn evenwichtig van compositie en prachtig belicht - alsof de mensen er niet toevallig waren, alsof alle details tot in de puntjes geregisseerd werden. Tòch gaat het hier om foto's van de alledaagse realiteit.

Het tegenovergestelde is het geval bij het tweeluik Man in street (1995) van Jeff Wall. De twee foto's, naast elkaar in een lichtbak gepresenteerd, lijken weliswaar op snapshots van een gewone voorbijganger, maar zijn zorgvuldig geënsceneerd. Een verzorgd uitziende jongeman, netjes gekleed in een lange regenjas loopt op de rechterfoto over straat en zit op de linkerfoto op een bankje. Bij nadere beschouwing blijkt hij een bloedneus te hebben. Het opgedroogde bloed zit op zijn kin, jas en zelfs zijn oor. Zijn in zichzelf gekeerde blik en de gekke grijns op zijn gezicht geven hem opeens een angstaanjagend uiterlijk. Is de man wel zo normaal als hij er uitziet, of is hij wellicht een moordlustige psychopaat?

The Global City is een boeiende tentoonstelling, waar zonder uitzondering kunstwerken van hoge kwaliteit zijn samengebracht. Toch zijn niet alle bijdragen even relevant voor het thema. De ingetogen video Portraits Tarragona (1996) van de Zwitser Beat Streuli bijvoorbeeld, had in elk willekeurig dorp gefilmd kunnen zijn. Een uur lang filmde hij ongezien in close-up het gezicht van een Spaans meisje dat op straat rondhing. De tiener staart wat voor zich uit, praat met een vriendin, zingt even mee met een liedje dat op straat klinkt en droomt dan weer weg.

Ook de video The Buzzclub-Mysteryworld van Rineke Dijkstra uit 1996, opgenomen in discotheken in Liverpool en Noord-Holland, gaat niet specifiek over jongeren in de grote stad. Zwaar opgemaakte en in korte jurkjes geklede meisjes deinen nonchalant op de muziek mee. Ze zijn door Dijkstra uit de discotheek geplukt en voor een neutrale witte wand gezet. Bekeken door het oog van de camera, verandert hun onverschillige houding al snel in grote onzekerheid. Kauwgomkauwende gabbers, die voor de camera hun typische dansje opvoeren, verliezen hun stoere imago zodra ze uit hun vertrouwde omgeving zijn weggehaald. Hoewel de gabberhouse zijn oorsprong vond op Rotterdamse bodem, is deze muziekstijl al lang niet meer voorbehouden aan de grote stad. Ook in Helmond bepalen kale koppen en trainingspakken inmiddels het uiterlijk van de rondhangende plaatselijke jeugd.