Winterswijk talmt met nieuw gemeentehuis

De voormalige textielfabriek Tricot in Winterswijk moet het nieuwe gemeentehuis worden. Maar na vier jaar is er nog geen muurtje gerestaureerd. Het komt nu aan op een nu-of-nooit-onderzoek.

WINTERSWIJK, 5 FEBR. De vloeren zijn geveegd, een ijzige wind waait door stukgeslagen ramen. Vroeger werden hier arbeiders afgebeuld, in de toekomst moeten hier ambtenaren vergaderen. De voormalige textielfabriek Tricot vormt een schakel tussen twee tijdvakken, maar de gemeente Winterswijk weet er niet goed raad mee.

De Tricotfabriek aan de Groenloseweg staat op een stuk grond van twee hectare, midden in het Achterhoekse Winterswijk. Vele tientallen jaren was het dorp bijna volledig afhankelijk van de textielindustrie. In twee grote fabrieken werkten duizenden arbeiders. Maar net als in Twente raakte ook de textiel in de Achterhoek in verval. Door de nood gedwongen sloot de Tricot de poort in 1978. Toen zette het verval van het complex in.

Dat betekende echter nog niet het einde van de Tricotfabriek. Medio 1994 drong het in Winterswijk door dat de fabriek als industrieel erfgoed behouden moest blijven en een nieuwe bestemming zou kunnen krijgen. Waarom de bouwval niet omgetoverd tot een nieuw gemeentehuis, zo klonk het.

Met aanstekelijk enthousiasme stortte ook de politiek zich erop. Er werd een programma van eisen opgesteld, de grond werd aangekocht voor 3,5 miljoen gulden en bij de provincie Gelderland werd een subsidiepotje van drie miljoen gulden gevonden dat voor de bouw gebruikt kon worden. Er kwam een stuurgroep met leden van het gemeentebestuur, die het project moest begeleiden. Het nieuwe complex mocht maximaal 17,8 miljoen gulden kosten, zo liet de gemeenteraad weten aan de Amsterdamse architect die was aangezocht om een ontwerp te maken.

Uiteindelijk, na veel vergaderingen en overlegronden, kwam de architect op 21 november van het afgelopen jaar met een ontwerp. Daarin was het gemeentehuis als een doos ondergebracht in de voormalige spoelerij, een van de gebouwen op het terrein, met ondergrondse vergaderzalen en een dak van gras. Een prachtig plan, maar veel te duur: bijna zes miljoen gulden meer dan de raad had aangegeven.

De architect kon uitleggen waarom zijn ontwerp duurder was uitgevallen: het vloeroppervlak was - op verzoek van de gemeente - vergroot, en er was een aantal kosten naar voren gehaald.

Ook volgens burgemeester C. Stigter kan die meerprijs voor niemand als een verrassing zijn gekomen. “Sommige partijen hebben de andere kant uitgekeken toen we hebben gezegd dat we meer ruimte nodig hebben”, zegt ze ter verklaring.

In januari van dit jaar besloot de gemeente het project in samenwerking met de woningcorporatie De Woonplaats te onderzoeken. Vorige week stelde de raad een werkgroep in die vóór eind april in een soort alles-of-niets-poging moet uitzoeken in hoeverre het nieuwe gemeentehuis gebouwd kan worden in het licht van de oorspronkelijke doelstellingen. Morgen komt de werkgroep voor het eerst bijeen.

Als het gaat om de bouw van het nieuwe stadhuis spreekt fractievoorzitter H. van Lith van Progressief Winterswijk het liefst over een soap-opera. Zijn partij is van meet af aan een groot voorstander geweest van het Tricot-project. Van Lith: “Er is vanaf het begin niemand in het college van burgemeester en wethouders geweest die de zaak goed gecontroleerd heeft, die zich bemoeid heeft met de voortgang. De stuurgroep is al een jaar niet bij elkaar geweest. B en W hebben het project gewoon overgedragen aan ambtenaren, die hun eigen koers gingen varen.”

Zo kon het gebeuren dat termijnen verstreken zonder dat er actie was ondernomen, dat de architect een veel te duur plan presenteerde en dat het moreel van de Winterswijker in de straat gaandeweg verdween. Van Lith: “De politiek doet maar, vindt men hier nu. En dat terwijl er vier jaar geleden een groot enthousiasme was onder de bevolking. Toen waren er bijeenkomsten waar 600 mensen op afkwamen die van mening waren dat we alles op alles moesten zetten om het nieuwe gemeentehuis er door te krijgen.”

Volgens Van Lith speelt in deze soap-opera ook mee dat de burgemeester en de betrokken wethouder niet met elkaar overweg kunnen.

Burgemeester Stigter ontkent niet dat zij andere opvattingen heeft dan de wethouder, maar bestrijdt dat ze slecht overweg kunnen. Aan de andere kant: “Het is duidelijk dat het meespeelt als je beiden telkens andere ideeën hebt.”

Dat de burgemeester niet in staat is het project te controleren, beaamt ze. “Het is een kar met twintig wielen. Ik heb het gevoel dat geen mens die kan besturen. Het is nog een wonder dat we zo ver zijn gekomen.” Ze schat de kans op het doorgaan van het project op vijftig procent. Als het niet doorgaat, heeft Winterswijk een groot probleem, want een nieuw gemeentehuis is in elk geval noodzakelijk. Nieuwbouw is zeker zo duur als de voorgenomen verbouwing.

Winterswijk wacht nu eerst de bevindingen van de werkgroep af.