Rechtspositie

Het volk wil ontslagen zien (zo ook B. van der Goen in de krant van 28 januari, 'Ambtelijk ontslagrecht blokkeert democratie'). Dat betekent echter nog niet dat het in het algemeen een goed idee is om rechtsposities uit te hollen. Een slechte rechtspositie dwingt ons om te werken aan het behoud van onze positie en te zorgen voor alternatieven voor het geval we geloosd worden - en dat valt niet noodzakelijk samen met het werk waarvoor men ons gehuurd heeft.

Sterker, voor functies als die van procureur-generaal is een volstrekte belangeloosheid noodzakelijk die alleen kan bestaan bij functionarissen die menen hun schaapjes op het droge te hebben. Extrinsieke motivatie, of het nu positief is door steekpenningen of negatief door ontslagdreiging, is daar uit den boze.

Het kan natuurlijk geen kwaad om rechtsposities af en toe nader te preciseren. Misschien moet voor procureurs-generaal nu eens worden vastgelegd dat zij geen betaalde bijbanen mogen hebben. Het klinkt natuurlijk wel aardig, dat je zo voeling houdt met de maatschappij, maar dat doe je ook als voorzitter van de volksdansvereniging, of in de kroeg met je vroegere collega's van de betonfabriek.

En los daarvan: misschien moet de overheid zich niet laten onderzoeken door particuliere bedrijven met onoverzienbare connecties.