Films die de historische honger stillen

ROTTERDAM, 5 FEBR. Vietnam in 1981, Hongarije in 1910, Japan in 1895, West-Afrika in de negentiende eeuw. Film wordt door het Rotterdamse filmfestival een wrede machine genoemd. Het is ook een tijdmachine. Het kan de historische honger voor even stillen, een kostuum met buik en borsten vullen, een stoomtrein laten rijden, een schilderij doen bewegen.

In Buud Yam, het door het Hubert Bals Fonds gesteunde, lieve vervolg op Wend Kuuni, laat Gaston Kaboré een held op een paard langs de oevers van de Niger rijden en schenkt je de illusie dat Afrikaanse dorpen er anderhalve eeuw geleden zo hebben uitgezien. Jon Sanders haalt in Painted Angels de romantiek uit het Wilde Westen. Zijn taaie drama lijkt daardoor realistischer dan menige western. Sanders' hoeren spoelen hun mond als ze iemand hebben afgetrokken en smeren na zaterdagnacht zalf op hun beurse plekken.

De Italiaanse regisseur Giuseppe Gaudino nam niet tijd maar plaats als uitgangspunt van zijn tijdmachine. Zijn voor een Tiger Awards geselecteerde Giro di lune tra terra e mare vertelt de geschiedenis van een dorp vlakbij Napels. Het was hier dat Nero zijn moeder Agrippina liet vermoorden, hier dat de jonge Artema een martelares werd en hier dat een aardverschuiving het dorp in 1984 onbewoonbaar maakte. Van een chronologische volgorde is geen sprake. Gaudino's film lijkt eerder de invallen bij te houden van een wijze door Pozzuoli lopende wandelaar. In willekeurige volgorde verschijnt de geschiedenis voor diens geestesoog - Gaudino heeft niet het verleden, maar de historische verbeelding verfilmd.

Of je de werkelijkheid kunt verbeelden zoals hij echt is geweest, onderzocht de jonge Amerikaanse Elisabeth Subrin. Zij vond soelaas bij de film. Subrin stuitte in een archief op een korte documentaire uit 1967 over een kunststudente uit Chicago, die later een bekende feministe werd. Subrin maakte van dit filmpje een net niet helemaal kloppende remake, die ze af en toe doorsneed met beelden uit het oude. Daardoor lijkt het net alsof we de historische verbeelding kunnen controleren.

Blue Moon van de Taiwanese regisseur Ko I-Cheng speelt zich helemaal af in het heden. Hij vertelt het verhaal van een schrijver, een producent, en een meisje, maar de volgorde van dat verhaal staat niet vast. De vijf filmrollen waaruit Blue Moon bestaat, worden voor elke vertoning in een willekeurige volgorde afgespeeld. Helaas wordt het effect van deze wat schoolse ontregeling van oorzaak en gevolg verminderd doordat de regisseur zijn verhaal wel heel vaag heeft gehouden.

Kaal en tijdloos lijkt hierna het wonderbaarlijke Goshogaoka van de Amerikaanse Sharon Lockhart. Zij zette de camera neer in de gymzaal van een school in Japan. Haar film bestaat uit zes shots van telkens tien minuten uit steeds hetzelfde standpunt. Voor de lens verschijnen de meisjes van het basketbalteam van de school, en hun training choreografeerde Lockhart tot een komische dans. Het hier en het nu vult de camera, tot de film op is en de meisjes even pauze hebben tot de volgende take. Misschien maakt iemand over dertig jaar een remake van Goshogaoka.