Club van Rome

Wouter van Dieren verdedigt de voorspellingen van de Club van Rome (NRC Handelsblad, 3 februari). Hij beweert dat de prognoses betrekking hebben op het jaar 2050 en stelt de retorische vraag hoe ik nu al kan weten welke voorspelde rampen in 2050 niet zullen gebeuren.

Het rapport 'Limits to Growth' bevatte echter continue tijdspaden over de periode 1900-2100. De gemiddelde wereldburger zou volgens de grafieken in het rapport van de Club van Rome anno 1998 al bijna vijftien jaar voortdurend armer worden.

Zó was het rapport van de Club van Rome in 1972 ook ontvangen. De bekende econoom prof. Jan Pen schreef bijvoorbeeld ook dat het niveau van de welvaart “binnenkort moet worden verlaagd” (NRC Handelsblad 18 maart 1972). De voornaamste fout in de berekeningen van de Club van Rome was het weglaten van elke vorm van betere productiviteit, variërend van zuiniger auto's tot verbeteringen in de landbouw.

Daarom liep de wereld kapot tegen een areaal aan landbouwgrond en eindige voorraad van grondstoffen. Gelukkig is daar niets van uitgekomen: de gemiddelde wereldburger heeft ieder jaar iets meer te besteden in plaats van minder. Er blijven tal van ernstige problemen, ook met het milieu, maar de Club van Rome is geen waardevolle gids. De voorspellingen voor 1998 waren zó verpletterend verkeerd, dat ik niet zie waarom de jury volgens Wouter van Dieren opeens tot het jaar 2050 (waarom dan niet 2060 of 2100) zou moeten wachten.