Actie, spanning en melodrama

Voor de Italiaanse regisseur Riccardo Freda is film niet voor de eeuwigheid bedoeld. “Celluloid is per definitie vergankelijk”. Het Filmfestival Rotterdam besteedde aandacht aan hem in een retrospectief van Italiaanse B-films.

ROTTERDAM, 5 FEBR. Bij de vertoning van Lo spettro (The Ghost, 1963) liep de film kort voor de aftiteling van de spoel. En bij de voorstelling van Beatrice Cenci (1956) brak de film al tijdens de aanloopstrook. De films van Riccardo Freda (1909) zijn bijna even oud als de filmmaker zelf.

Toch is het kleine retrospectief van Italiaanse B-films dat het Filmfestival Rotterdam heeft gegroepeerd rondom vier videoportretten (Ritratti d'autore ) van genre-meesters Joe D'Amato (Aristide Massaccesi), Dario Argento, Riccardo Freda en Lucio Fulci opwindend genoeg. Zo vaak zijn hun visuele uitspattingen vol bloed, ingewanden, wellustige necrofielen en dansende vampiers niet op het witte doek te zien. De films van Freda zijn zelfs in gespecialiseerde videotheken moeilijk te vinden, dus wie een klassieker als I vampiri wil zien is aangewezen op sporadische televisieuitzendingen op nagesynchroniseerde zenders.

De filmografie van de verklaarde anti-neorealist leest als een handleiding voor genrefilmers, er is werkelijk geen B-filmsoort die Freda niet heeft beproefd. Van historische spektakelfilms (Les misérables, Spartaco) tot horror (The Terror of Dr. Hichcock) en spaghettiwesterns (Death at Orwell Rock) tot onvervalste giallo (die typisch Italiaanse mix van horror- en thrillerelementen). Hij mat zich diverse pseudoniemen aan om zijn remakes, rip-offs en goedkope imitaties van Amerikaanse avonturenfilms makkelijker aan de man te kunnen brengen, al ging hij daarin nooit zo ver als bijvoorbeeld Joe D'Amato die zelfs eens een Chinese nom de plume aannam of zichzelf verschool achter élke naam op de aftiteling. Maar of het nou als Robert Hampton (voor de horrorfilms), George Lincoln (westerns) of Willy Pareto (giallo) was, al Freda's films worden gekenmerkt door cinematografisch plezier.

Goedkoop waren ze, snel en meestal haastig gemaakt, maar altijd exuberant van stijl, enthousiast, virtuoos en inventief, zodat elk continuity-foutje of 'over the top' special effect alleen maar bijdraagt aan het kijkgenot. Film is leuk, is de boodschap van al die werkstukken, die je eraan herinneren dat er een tijd was dat filmkunst gewoon een ambacht was.

Freda geniet van de aandacht die het Filmfestival Rotterdam hem geeft en zijn verlate sterrendom als cult-held. Hij laat zich betuttelen en koketteert met zijn slechte geheugen. Hij begint de dag met een straffe 'oewiskie' en wil dan wel wat herinneringen ophalen aan zijn eerste bioscoopbezoekjes. “Mijn moeder was een echte filmliefhebster. In de bioscopen noemden ze haar Madame Pelicula, Mevrouw Speelfilm. Ze zag vaak zo'n vier films op een dag. Mij nam ze altijd mee.” Ging de cinefilie van Madame Pelicula vooral uit naar sentimentele liefdesverhalen, de jonge Freda hield bovenal van Amerikaanse avonturenfilms. “Als er maar geschoten of gevochten werd, dan was ik al tevreden.”

Het is die combinatie van actie, spanning en melodrama die Freda's werk is gaan bepalen. Zelfs Lo spettro, een bloedstollende griezelfilm in de traditie van Edgar Allan Poe, deinst er niet voor terug om actrice Barbara Steele (de heldin van de Italiaanse horrorfilm en ontdekt door Freda's voormalige cameraman en latere filmregisseur Mario Bava) zowel als moordenares als handenwringend slachtoffer te portretteren.

In het gesprek dat Freda voor Ritratti d'autore met Giuseppe Tornatore had, vertelt hij dat hij zijn eigen films nooit meer herziet. “Films zijn niet voor de eeuwigheid gemaakt”, zegt hij. “Dat heeft ook met het materiaal te maken. Celluloid is per definitie vergankelijk.” Hij gaat trouwens nooit meer naar de film, vertelt hij in Rotterdam. “Waarom zou je als oude man de deur uitgaan als je lekker thuis televisie kunt kijken?” Waar hij dan zoal naar kijkt? Nou moderne films, bijvoorbeeld met Spencer Tracy en Katherine Hepburn. Rudolf Valentino bewondert hij ook heel erg en films met Greta Garbo kunnen hem ook zeer bekoren. Riccardo Freda's geheugen is even vergankelijk als celluloid.