Tweemaal 500 meter

In Nagano zullen de schaatsers de 500 meter tweemaal moeten rijden, net zoals dat al twee jaar het geval is bij de WK sprint, de WK afstanden en de nationale kampioenschappen. Tot nu toe werden de medailles op de Winterspelen verdeeld na één race over 500 meter.

Door de grotere snelheden die mede dankzij de klapschaats worden bereikt, ondervindt de schaatser die de laatste binnenbocht heeft meer nadeel van de centrifugale krachten dan zijn concurrent in de buitenbocht. In de laatste bocht rijden de schaatsers ongeveer vijftig kilometer per uur. Om de races eerlijker te laten verlopen, starten de deelnemers de ene dag in de binnenbocht en de andere dag in de buitenbocht.

De einduitslag wordt bepaald door de twee tijden bij elkaar op te tellen. Een deelnemer die bijvoorbeeld twee keer als tweede eindigt, kan olympisch kampioen worden. Het is ook mogelijk dat de schaatser die een wereldrecord rijdt door een slechte prestatie in de andere race geen medaille wint. “Ik denk dat het voor mij een voordeel is”, zei wereldkampioen sprint Jan Bos vanochtend. “Omdat veel sprinters alle energie in één wedstrijd leggen en daarna opgebrand zijn.” Zijn ploeggenoot Erben Wennemars: “Je moet er niet te veel over nadenken: gewoon twee keer 500 meter knallen.”