Tweede Kamer stemt in met nieuwe VBO/Mavo

DEN HAAG, 4 FEBR. De Tweede Kamer heeft gisteren het wetsvoorstel VBO/Mavo aangenomen, dat in het schooljaar 1999/2000 van kracht wordt.

Onder druk van de Kamer heeft staatssecretaris Netelenbos (Onderwijs) ermee ingestemd dat de zwakste leerlingen verspreid over vier jaar in totaal twaalf uur meer praktijklessen per week krijgen dan Netelenbos voor ogen had.

VBO en Mavo worden vanaf 1999/2000 vervangen door vier nieuwe programma's, die het hernoemde voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (VMBO) vormen. Leerlingen die slechts het eindexamen halen in een aantal vakken, zullen niet alsnog een diploma krijgen, zoals Netelenbos onlangs voorstelde. Ze is bang dat die leerlingen anders gedemotiveerd de school verlaten. De regeringsfracties vreesden echter dat de waarde van het VMBO-diploma daardoor zou dalen. Deze leerlingen krijgen straks een getuigschrift per vak.

De nieuwe examens voorzien in vier programma's die aflopen in moeilijkheidsgraad. Het hoogste niveau, het theoretische programma, leidt op voor de Havo of het MBO. De tweede, het gemengde programma, bevat meer praktijkuren en leidt op voor het MBO. De overige twee (lange en korte) 'beroepsgerichte' programma's leiden op voor een korte vervolgopleiding op het MBO of in het leerlingwezen.

De leerlingen in het 'beroepsgerichte' programma kunnen al in het eerste schooljaar praktijkvakken volgen. Zij kunnen dan ruiken aan een beroep en aldus gemotiveerd worden een diploma te halen.

De Onderwijsraad kritiseerde vorig jaar de nieuwe examenprogramma's omdat die voor zwakke VBO-leerlingen te veel theorie zouden bevatten. De Kamer nam deze kritiek over, wat er mede toe heeft geleid dat Netelenbos nu meer praktijkuren in de programma's heeft opgenomen.