Ontuchtpleger mag drie jaar niet in Ochten komen

ARNHEM, 4 FEBR. De Ochtense ontuchtpleger H. van de H. mag zich drie jaar lang niet in de regio Ochten vertonen.

Dat heeft de rechter in Arnhem gistermiddag bepaald in een kort geding dat was aangespannen door vijf ouderparen uit Ochten, die vrezen dat H. hun kinderen bij terugkeer opnieuw seksueel zou misbruiken.

De zwakbegaafde H. werd in 1994 veroordeeld tot jeugd-tbs wegens seksueel misbruik en zware mishandeling van meer dan twintig kinderen in Ochten, in leeftijd variërend van vier tot tien jaar. Op 11 februari wordt hij 21 jaar en moet dan worden ontslagen uit de jeugdinrichting Harreveld. De behandeling van H. is evenwel nog niet afgerond, en artsen houden het voor mogelijk dat hij zich opnieuw aan kinderen zal vergrijpen.

In een kort geding vroegen de ouders op 20 januari een regioverbod voor onbepaalde tijd. Rechter J. Hooft Graafland bepaalde gisteren dat H. een dergelijk verbod opgelegd krijgt voor drie jaar. In die tijd mag hij zich niet in Ochten, Kesteren, Lienden, Echteld en Tiel laten zien. Ook mag hij op geen enkele manier contact zoeken met de slachtoffers.

Drie keer per jaar mag H. - onder strenge begeleiding - op bezoek bij zijn ouders in Ochten. Zijn komst moet dan een week van tevoren worden aangekondigd bij de burgemeester van Echteld, waartoe Ochten behoort. De burgemeester kan dan, indien nodig, maatregelen treffen. De ouders reageerden gisteren zeer opgelucht op het vonnis. “Dit biedt ons de zekerheid die we nodig hebben”, zei één van hen.

Burgemeester H. Zomerdijk speelde de afgelopen weken een belangrijke rol in de zaak. Mede dankzij zijn bemiddeling besloot H. op vrijwillige basis in Harreveld te blijven en door te gaan met de behandeling. Begin deze week werd al duidelijk dat H. toch niet vrij zou komen. Het ministerie van Justitie begon in overleg met het ministerie van Volksgezondheid een procedure voor gedwongen opname van H.

De rechtbank in Arnhem honoreerde gistermiddag de eisen van de ouders omdat gedwongen opname in eerste instantie een half jaar duurt. Het is niet zeker dat behandeling van H. in die periode kan worden voltooid. Om te voorkomen dat hij dan op vrije voeten wordt gesteld, zou opnieuw een procedure voor gedwongen opname moeten worden gestart. “Ochten wil rust, en dat is belangrijk”, aldus rechtbankpresident Hooft Graafland.