Onderzoek tegoeden uit Nederlands Indië

DEN HAAG, 4 FEBR. Minister Borst (Volksgezondheid) laat nagaan of bij banken en verzekeringsmaatschappijen nog bezittingen te vinden zijn van mensen die deze tijdens de Japanse bezetting van Nederlands Indië zijn kwijtgeraakt. Er komt daartoe onder meer een meldpunt voor mensen die beschikken over documentatie die bruikbaar kan zijn bij het onderzoek.

Borst heeft gisteren in Den Haag een commissie geïnstalleerd die het onderzoek gaat begeleiden. De voorzitter van de commissie is de oud-president van de Centrale Raad van Beroep A. van Galen. Volgens Van Galen moet het onderzoek vooral aan het licht brengen wat er is gebeurd met de bezittingen en wat de omvang is van de nog aanwezige tegoeden.

Het gaat de commissie vooralsnog niet om het honoreren van individuele claims. “De bewijzen voor de juistheid van die claims zijn waarschijnlijk moeilijk te leveren”, aldus Van Galen. “Er is geen reden te verwachten dat betrokkenen terug kunnen krijgen wat ze destijds zijn kwijtgeraakt.”

Van Galen verwacht dat eind 1999 duidelijkheid bestaat over de vroegere bezittingen van ongeveer 130.000 mensen. Hij denkt dat veel informatie voorhanden is, niet alleen bij banken en verzekeringsbedrijven, maar ook in stukken van de Raad voor Rechtsherstel en het voormalige ministerie van Overzeese Gebiedsdelen. Wellicht zullen ook contacten nodig zijn met Indonesië en Japan.

Naast Van Galen doen in opdracht van de regering meer deskundigen onderzoek naar de naoorlogse afwikkeling van de kwestie van geroofde of verloren geraakte bezittingen in en kort na de Tweede Wereldoorlog. De commissie-Van Kemenade kijkt naar het Zwitserse goud, Scholten naar financiële instellingen en Ekkart naar kunst. De commissie-Kordes, die onderzoek doet naar de archieven van de bank Lippmann-Rosenthal (Liro), heeft vorige week een eerste rapportage uitgebracht over de verkoop van joodse kleinoden aan medewerkers van het ministerie van Financiën.

De instelling van regeringscommissies is een reactie van het kabinet op de discussie die ook in Nederland is ontbrand, toen Zwitserland internationaal in opspraak kwam als oorlogsprofiteur.

De Nederlandse joden wezen op de kille behandeling die hen na de oorlog ten deel is gevallen en de moeizame wijze waarop zij hun bezittingen hebben teruggekregen. Naar aanleiding daarvan hebben ook mensen met een Indisch verleden aandacht gevraagd voor hun verdwenen bezittingen.