Tegenslag voor KaradziEÉc; Banja Luka neemt rol over van Pale

BANJA LUKA, 2 FEBR. Het Bosnisch-Servische parlement heeft zaterdag besloten om de regeringszetel te verplaatsen van Pale naar Banja Luka.

Vijfenvijftig van de in totaal drieëntachtig afgevaardigden in het parlement stemden voor overplaatsing naar het noord-westelijk gelegen Banja Luka, de grootste stad van de Republika Sprska.

Het besluit volgde kort na de beëdiging van de nieuwe, gematigde Bosnisch-Servische regering van premier Milorad Dodik. De aanhang van Radovan KaradziEÉc had tijdens de plechtigheid uit protest de zaal verlaten, maar was verder wel bij de parlementszitting aanwezig. Opmerkelijk was dat een aantal van hen later met de gematigden meestemden voor overplaatsing van de regeringszetel naar Banja Luka.

Het skidorp Pale even buiten Sarajevo is sinds het begin van de vijandelijkheden in Bosnië in 1992 de machtsbasis geweest van de hardliners rondom Radovan KaradziEÉc. Vandaaruit bestuurde KaradziEÉc het gebied van de Bosnische Serviërs, eerst als president en leider van de radikaal-nationalistische SDS partij, later toen hij dooor de internationale gemeenschap gedwongen werd uit de openbaarheid te treden, van achter de schermen. De wegens oorlogsmisdaden gezochte Servische leider zou zich nog altijd in de buurt van Pale ophouden.

De vreedzame machtsoverdracht van de haviken rond KaradziEÉc naar de nieuwe gematigde regering onder leiding van de jeugdige zakenman Dodik wijst erop dat de extreem nationalistische krachten onder de Bosnische Serviërs voorlopig naar het tweede plan zijn verdrongen. Aleksa Buha, trouwe rechterhand van KaradziEÉc en leider van de SDS merkte tijdens deparlementszitting in Banja Luka op dat zijn partij op dit moment genoegen moet nemen met een rol in de oppositie. Buha zei te vrezen dat de beëdiging van de nieuwe regering en de overplaatsing naar Banja Luka het begin betekent van het herstel van de eenheidsstaat Bosnië. Iets waar de SDS zich tegen zal blijven verzetten, aldus Buha.

Met de vreedzame beëindiging van de machtsstrijd tussen de gematigde Bosnische Serviërs rondom president Biljana PlavEÉc en de radikale nationalisten van Radovan KaradziEÉc komt de weg vrij voor financiële steun. Minister president Dodik zei zaterdag in het parlement dat zijn regering al financiële toezeggingen ter waarde van 200 miljoen gulden heeft gekregen. De Europese Unie en andere donor-organisaties hebben onmiddellijk steun toegezegd om politie, leraren en andere ambtenaren te kunnen betalen. Ook wordt geld beschikbaar gesteld voor de wederopbouw van het Bosnische Servische gebied.

Van de ruim drie miljard gulden die sinds de ondertekening in december 1995 van het verdrag van Dayton naar Bosnië is gestroomd, is tot nog toe maar een kleine drie procent bij de Bosnische Serviërs terecht gekomen omdat deze voortdurend dwarslagen bij de uitvoering van de vredesakkoorden.

Hans Schumacher, de rechterhand van hoge vertegenwoordiger van de internationale gemeenschap in Bosnië Carlos Westendorp, stelde na afloop van de zitting van het Bosnisch-Servische parlement tevreden vast dat nu definitief een einde is gekomen aan het 'lijntrekken' door de Bosnische Serviërs en dat er nu eindelijk een regering zit die vooruit wil. (Reuters, AFP)