Obsessie voor een Amerikaans tieneridool

ROTTERDAM, 2 FEBR. De Amerikaanse filmmaker Sadie Benning draaide voor de vertoning van Flat is beautiful de rollen even om. Ze nam een foto van het publiek, van de mensen in de zaal die in hun programmakrantje zulke uiteenlopende films als Bennings Flat is beautiful, Jim Jarmusch' Year of the Horse en Jan Kounens Dobermann aankruisen. Veel filmliefhebbers zullen afkomen op al in Berlijn, Cannes of Venetië gelauwerde films als Hani/Bi van Takeshi Kitano of The River van Tsai Ming-Liang, maar ook bij voorstellingen als Flat is beautiful van de vrij onbekende Benning zit de zaal vol.

Het heeft wel haast, het publiek in Rotterdam; meestal verlaat het rap de zaal op weg naar een andere film of een biertje. Tijdens de vragenuurtjes met de regisseur na afloop is de zaal meestal bijna leeg en ook de talkshows in de Schouwburg worden vaak slecht bezocht. Wel leveren veel mensen na afloop van de voorstellingen de kaartjes voor de Citroen Publieksprijs in. Op de eerste plaats in de waardering van het publiek staat na vijf dagen festival The Kingdom II, de televieserie over een Kopenhaags ziekenhuis van Lars von Trier, gevolgd door Lawn Dogs van John Duigan, een vriendelijke film over de niet getolereerde vriendschap tussen een tienjarig meisje en de jongen die het gras maait in de tuinen van een Amerikaanse suburb.

Ook Sadie Bennings Flat is beautiful gaat over Americana. De jonge regisseur (1973) filmde met een speelgoedcamera scènes uit het leven van een elfjarig meisje dat voor het eerst ongesteld wordt, computerspelletjes speelt, met haar gescheiden vader door de telefoon praat, op straat reclames voor 'new and bigger croissants' ziet en dus veel elfjarige Amerikaanse meisjes had kunnen zijn. Taylor wordt dan ook gespeeld door verschillende kinderen, die net als de andere personages in de film, een masker dragen.

Een van de amusantste films op het festival gaat over de obsessie van een bekakte Engelse schrijver voor een Amerikaans tieneridool. Love and Death on Long Island, het speelfilmdebuut van de Engelse regisseur Richard Kwietniowski wordt gedragen door het spel van John Hurt als de schrijver en Jason Priestley, bekend van de tv-serie Beverly Hills 90210, als de ster van films als Hot Pants College II. Schrander en zachtmoedig vertelt Kwietniowski over de liefde van een intellectueel voor pulp, over het vinden van schoonheid waar hij die niet verwacht. Tegen het slot verrast Kwietniowski opnieuw omdat hij zijn film zo gewoon laat eindigen, zonder ontknoping, maar ook zonder dédain voor het narratieve, dat zoveel artistieke films in Rotterdam kenmerkt. Schrijver en sterretje hebben elkaar ontmoet en gaan weer hun weegs, de plot is op en het verhaal is uit.

Nederlanders lijken op het festival een voorkeur te hebben voor buitenlandse verhalen. Peter Delpeuts Felice... Felice... speelt in Japan, Mirjam Kruishoops Vive Elle in Parijs en zowel Paula van der Oests De trip van Teetje en Ben van Lieshouts De verstekeling gaan over Russen in de Rotterdamse haven. De scenarioprijs van de stad Rotterdam (125.000 gulden) is toegekend aan Pieter Oomes voor Farangana, die zal gaan over een Rus die in dezelfde haven een olietanker kaapt.

Even leek het er op dat Paris, de nieuwe speelfilm van documentaireveteraan Raymond Depardon, ook schoonheid zou vinden waar je het niet verwacht. Om nooit meer op te houden zijn de zwart-wit beelden van uit treinen stappende, zich haastende mensen die je nooit rustig kunt bekijken omdat je meestal een van hen bent. Depardon wisselt de snellende mensen af met glorieuze close-ups van een vrouw. Na tien minuten neemt geneuzel over film en de liefde van mannen voor mooie meisjes helaas de overhand.

Narratief op de lichtste manier was Ernie Gehrs film Eureka (1974). Gehr, aan wie het festival een retrospectief wijdt, vond een in 1906 vanuit een rijdende tram gemaakte opname van Market Street in San Francisco, een shot dat, door Gehr een beetje vertraagd, een half uur duurt. Het krioelt er van de paard en wagens, auto's en mensen. Verkeersregels lijken er niet te bestaan: telkens gebeurt er bijna een ongeluk. De film brengt dit verleden onversneden dichtbij en krijgt extra kracht door het gebouw dat eerst nog in de verte haaks op Market Street staat. Daar moet de tram wel stoppen en Gehr en de onbekende filmmaker uit 1906 hebben gezien dat het opwindend is om te zien dat tram en film dat ook echt doen. Ook zoiets is schoonheid waar je het niet verwacht, en daar kun je in Rotterdam naar zoeken.