It koe minder

Februari 1979. Friesland beleeft een barre winterweek. Sneeuwstormen veranderen de provincie in een witte vlakte. Dorpen raken geïsoleerd, treinen rijden niet meer, scholen gaan dicht. Het openbare leven ligt volledig stil. Radio Fryslân, dat indertijd een uur per dag uitzond, is de hele dag in de lucht: met reportages uit de sneeuw, mededelingen over afgelastingen, overlast, hulpacties en met tips.

Voor de meeste Friezen vormde het radiostation de enige verbinding met de buitenwereld. Vooral door deze marathonuitzendingen raakte de Friese radio bekend en geliefd. “De Friezen hebben ons toen ontdekt en zijn naar ons blijven luisteren”, licht programmaleider Rein Tolsma toe. “Ondanks de toevloed van radiozenders is onze positie alleen maar sterker geworden.” Momenteel is de 'omrop' tussen 12.00 en 13.00 uur, als het 'Regionaal nijs' waaraan het 'waarberjocht' van Piet Paulusma is gekoppeld, de best beluisterde zender in Friesland. Van de honderd Friezen stemmen er 42 hun radio af op Omrop Fryslân. Het gemiddeld marktaandeel bedraagt 25 procent. De trouwe groep luisteraars beschouwt Omrop Fryslân als een 'huisvriend', aldus Tolsma, “met wie men een band voelt”.

De gemeenschapszin komt natuurlijk tot uitdrukking door het gebruik van het Fries als voertaal. “Mensen luisteren naar ons om zich ergens mee te kunnen identificeren”, stelt Tolsma. “Het Fries versterkt niet alleen het wij-gevoel, maar maakt de zender tegelijkertijd herkenbaar. En dat is nodig om op te vallen in radioland.” Overigens is sprake van een “soepele tweetaligheid”, beklemtoont hij. Geïnterviewden 'mogen' Nederlands spreken.

Ook de toonzetting en sfeer van de uitzendingen zijn Fries-eigen. Sensationeel taalgebruik wordt vermeden, aangedikt wordt er niets. Het Anjumse pension (waar twee lijken werden opgegraven, red.) zal niemand bij Omrop Frsylân een 'house of horror' horen noemen. Bij muziekprogramma's en verzoekplatenprogramma's ontbreekt het populaire 'dj-toontje', want Friese luisteraars zijn wars van sensatie en dikdoenerij. Omrop Fryslân is misschien wel zo geliefd omdat het kleine nieuws niet wordt vergeten. De bouw van twee woningen in Lollum is net zo goed een item als de de dood van Meindert Tjoelker in Leeuwarden. Bewust wordt wordt nieuws nieuws uit de hele provincie gebracht. Dichtbij de mensen staan, is het parool, want dat verstevigt de band met de luisteraar.

Nieuws, informatie, muziek en ontspanning vormen de ingrediënten van de programma's van Omrop Fryslân. Tine Buma (64) van Terschelling is al jaren een trouwe luisteraar. Haar favoriete programma is 'PM kanaal 5', en daarvan speciaal het onderdeel 'De alde doos', waarin luisteraars oude spulletjes opvragen. Een Fries kwartetspel uit 1939 en een plaatje van Swiebertje kreeg ze dankzij de uitzendingen al in bezit. Vooral vraaggesprekken en de nieuwsuitzendingen beluistert ze graag. En met het eufisme, de Friezen eigen, zegt ze: “Ze houden je aardig op de hoogte.”

Omrop Fryslân wil de hele Friese bevolking bedienen. In het wekelijkse verzoekplatenprogramma komt dat prachtig tot uitdrukking: je kunt er psalm 42 horen na een single van Normaal. Ook kleine groepen liefhebbers komen aan hun trekken. Vorig jaar werd begonnen met het klassiek platenprogramma 'Omrop Fryslân Klassyk'. Hoewel er maar twee procent naar luistert, blijft het nadrukkelijk in de ether. Datzelfde geldt voor 'Hafabra' (harmonie, fanfare en brassband). Bijna elk Fries dorp bezit een eigen koor of brassband. Dus reist een eigen reportageploeg naar landelijke concoursen waar brassband Soli Deo Gloria, De Wâldsang of het Pasveerkorps meestal hoge ogen gooien.

In 'De gong van saken' komen eigen gemaakte degelijke documentaires aan bod. Onlangs werd een dubbelportret uitgezonden over de Friese schaatshelden Ids Postma (opgevoerd als 'de stilist uit Dearsum') en Rintje Ritsma. Als enige regionale radiozender zendt Omrop Fryslân eens per week een half uur schoolradio uit. Leerlingen van honderden basisscholen uit de provincie volgen de uitzendingen. Een populair programma, niet het minst omdat de scholen zo inhoud kunnen geven aan het verplichte vak Fries. De Friezen zijn tevreden met hun radio. Kritiek is er nauwelijks, zegt Tolsma. Complimenten evenmin. 'It koe minder' (het kon wel minder) zeggen de Friezen vaak. Tolsma: “We hebben een groot krediet.”