'Haast maken met reorganisatie OM'

Na twee stormachtige weken lijkt de rust terug te zijn bij het openbaar ministerie. De minister en het uitgedunde college van procureurs-generaal hebben volgens deskundigen nog een zware klus voor de boeg.

DEN HAAG, 31 JAN. De Nijmeegse hoogleraar strafrecht I. Buruma beschrijft hen als “dooie vogeltjes”. Hij doelt dan op procureur-generaal (PG) Ficq en hoofdofficier van justitie Van Gend die zich afgelopen donderdag solidair verklaarden met de minister van Justitie. Twee mannen met gezichten op half zeven. Buruma: “Ze willen wel proberen hun beste beentje voor te zetten, maar ik zet vraagtekens bij de mate van hartelijkheid.”

De vrede in het openbaar bestuur is getekend. Althans, voor het oog van de camera's en het oor van de microfoons. Het besloten gesprek van donderdag tussen minister Sorgdrager en de top van het openbaar ministerie was heel “open en vriendelijk” geweest, verklaarden de minister, de PG en de hoofdofficier na afloop tegen de pers. Toch mochten er geen vragen worden gesteld.

Maar de vraag rest hoe het verder moet met het ministerie van Justitie en het openbaar ministerie. “Crises kunnen louterend werken”, zei Sorgdrager na afloop van het gesprek met de OM-top. “We zullen in de toekomst gezamenlijk optrekken en investeren in de communicatie.” In een snel ingelaste megazitting sprak ze dezelfde middag het personeel van haar departement toe.

Zal het zo makkelijk gaan? Hoogleraar strafrecht T. Schalken uit Amsterdam meent dat het openbaar ministerie is geschrokken van alle tumult. En de medewerkers waren volgens hem al zo angstig. “Het departement rekent te veel af. Het OM mag geen fouten meer maken.” Zijn collega Buruma uit Nijmegen onderstreept dat. “Vooral jonge mensen binnen het OM durven niets meer te zeggen”. Dat heeft gevolgen voor de opsporing van criminelen. “Een officier van justitie moet soms zijn grenzen verkennen, moet zijn nek durven uitsteken. Maar officieren zitten nu als bange konijntjes in hun hol. Ze mogen geen fouten maken, anders kunnen ze fluiten naar hun carrière.”

Wellicht eindigt een volgende minister deze veronderstelde afrekencultuur. In dat geval moeten de leden van het OM stil zitten tot de verkiezingen van 6 mei. Zo eenvoudig ligt het niet, menen de deskundigen in het strafrecht. Ze zien in het conflict van de afgelopen weken een opleving van de aloude strijd tussen het departement en het openbaar ministerie. Hoe ver gaan de bevoegdheden van de minister? Hoe ver reikt de zelfstandigheid van het OM?

Buruma heeft weinig vertrouwen; de minister heeft in het debat van woensdag haar greep op het OM verstevigd. Met hulp van de Kamerleden vindt hij, in hun poging de ambtenaren te bedwingen. Buruma: “Er is sprake van een ongelijkwaardige houding en dat is zeer ernstig.”

Onzin, meent de Groningse hoogleraar staatsrecht D. Elzinga daarentegen. Ja, de procureurs-generaal zijn deze week terug gezet. “En mijn collega's in het strafrecht mogen ook wel eens terug in hun hok. Ze wakkeren die zogenaamde strijd alleen maar aan.” In Nederland bemoeit een minister zich vrijwel nooit met de individuele vervolging, zegt Elzinga.

Soms, zoals bij de kwestie rond de voorgenomen aanhouding van de Surinaamse ex-legerleider Bouterse, moet een minister stelling nemen. Vorig jaar zomer blies Sorgdrager de aanhouding van Bouterse, tegen wie een internationaal arrestatiebevel loopt, af. Ze kwam zo in aanvaring met het OM, dat de aanhouding al had geregeld met de Braziliaanse justitiële autoriteiten.

Buruma twijfelt aan die geringe ministeriële bemoeienis. Hij wijst op officier van justitie R. Drenth. Deze kreeg in 1995 een schriftelijke berisping van minister Sorgdrager, nadat hij de rechtbank had gevraagd het openbaar ministerie niet-ontvankelijk te verklaren in een euthanasie-zaak. Sorgdrager was verbolgen, omdat Drenth hiermee een proefproces frusteerde.

De minister heeft haar verantwoordelijkheid, benadrukt Elzinga, en het openbaar ministerie moet dat beseffen. Bovendien zijn de tijden veranderd. Officieren van justitie handelen volgens hem niet meer “ gewoon” procesdossiers af, zij geven ook leiding aan de politie. Fouten kunnen ernstige gevolgen hebben - zowel voor de officier als voor de minister. “Wil je politiechef Lancée met een helikopter van Schiermonnikoog halen, dan moet je goed nadenken over de consequenties.” Dienstbaarheid aan het gezag, noemt Elzinga dat. “De brandweer blust de brand. Maar worden er fouten gemaakt, dan is de burgemeester verantwoordelijk.”

Alle betrokkenen vinden wel dat de reorganisatie van het OM snel moet worden voortgezet. Het huidige college van procureurs-generaal kan dat het beste, meent voorzitter A. Huydecooper van de Nederlandse Orde van Advocaten “Blijft dit college, dan loopt de reorganisatie enkele maanden vertraging op. Wijzigt het college, dan raakt zij enige jaren achterop.” Samen de schouders eronder is de enige boodschap die Huydecooper kan meegeven. “En dat gaat al beter dan drie dagen geleden.”

Hoogleraar Buruma meent dat de procureurs-generaal het heft in handen moeten nemen. Al onderkent hij de moeilijkheden. Docters van Leeuwen is ziek, Ficq en Blok lijken op “dooie vogeltjes” en Steenhuis legde donderdag een persoonlijke uitnodiging van Sorgdrager naast zich neer. Hij was, in tegenstelling tot berichten van justitie, niet ziek, maar had werk te doen.

Buruma: “De minister moet nu prudentie tonen. Ze heeft de mogelijkheid toe te slaan. En dat moet ze niet doen.”