Ensemblespel met spierballen en fijne delicatessen

Concert: Ives Ensemble. Werken van Fox, Ford, Nieder, Carl, Von Biel en De Falla. Gehoord 26/1 De IJsbreker Amsterdam. Herh.: 1/2 16 uur Huis aan de Werf Utrecht.

In de IJsbreker wordt een lessenaar met een zwart doek eromheen klaargezet, als voor het optreden van een illusionist. De solist komt op en buigt met de rug naar het publiek toe, hulpmiddelen als een vibrator bij de hand. Dit moet een happening anno 1965 zijn. En inderdaad: het Ives Ensemble presenteert Quartett mit Begleitung van Michael von Biel, de voormalige fluxus-kunstenaar, die maar niet kan kiezen tussen een carrière als beeldend kunstenaar (opgeleid aan de kunstacademie in Düsseldorf bij Joseph Beuys) en als componist (leerling van Karlheinz Stockhausen).

Waarop het lijkt? Eigenlijk moet je dit niet beschrijven maar meemaken. Maar goed, het lijkt nog het meest op wroeten in zand en modder. Dat loont, want aan het eind komt er een mozaïekje tevoorschijn, half verborgen onder de smurrie als een mooi koraal. Von Biel kán componeren, maar hij doet heel erg zijn best om dat te verbergen.

De overige stukken zijn gewoner en maken duidelijk dat de ene minimal music de andere niet is. Alle componisten op dit programma onder de titel Kammerkonzerte 1 hebben een solistisch element. Volgend seizoen komt er een vervolg, tot ten slotte alle leden van het Ives Ensemble solospel met ensemblespel hebben kunnen afwisselen, want een solist keert onmiddellijk als ensemblespeler terug.

De Engelsman Christopher Fox koos voor de hobo, de Amerikaan Gene Carl voor de klarinet als solo-instrument. Fox deed het temerig, het smaakte naar niets, een 'gebakken-seringen'-muziek noem ik het maar, en Carl had te veel met peper en zout gewerkt. Carls uitgangspunt, de verhouding tussen melodie en begeleiding, begint aardig. De klarinet blaast lange lijnen, die in Louis Andriessen-stijl door driftige klankblokken 'begeleid' worden. In goed minimalistische traditie versnelt geleidelijk de klarinet en wordt hij degene die begeleidend stuwing geeft. Helaas is de koek daarmee op en rommelt het stuk maar wat aan.

Gelukkig is er behalve deze respectievelijk zeldzame flauwe dan wel swingende spierballenmuziek ook een 'echt' stuk van een meesterkok, de Italiaan Fabio Nieder. Zijn vioolconcert onder de titel Landschaft in Kanonform (1997-1998) smaakt naar meer, Nieder schotelt ons maar liefst zeven heerlijke gerechten voor. Op papier lijkt de structuur serieus: het begin wordt aan het slot in kreeftgang gebracht en ook de middendelen spiegelen elkaar. In het centrum staat een uitgekiende dialoog, daaromheen twee kanonische pianodelen en als ring daarbuiten plaatst hij twee complexe delen met de blazers in een prominente rol.

Maar hoe solide ook, het gaat in feite niet om de structuur maar om verfijnde details, om delicate combinaties. Als de partituur Extrem Dunkel vermeldt, weet de componist niet hoe snel hij celesta en klokkenspel onder handen moet nemen, want aan dit verfijnde getinkel kan geen Italiaan weerstand bieden. Zelfs autoclaxons worden subtiel behandeld, en ik moet bekennen: ik lust daar wel pap van. Nieder is een echte illusionist.

Ten slotte zorgt Ron Ford in Promise (1997) in de vorm van een concert voor speeldoos en ensemble voor een ontspannen moment in een lieftallig niemandalletje, zoiets als het behaaglijk spinnen van een poes, zachtjes ronkend, niet meer maar ook niet minder. Met deze zeer diverse mini-concertjes bewijst het Ives Ensemble zijn flexibiliteit. Want om het even of er verfijnde delicatessen dan wel ruw spierballenwerk aan de orde was: alles klonk even overtuigend. Alleen Fox was niet te redden.