Vonnis Etienne U. 'enig juiste resultaat'; Gesprek met officier van justitie F. van Straelen

In de zaak-Etienne U. mochten de regels van de opsporing nergens worden opgerekt. Een 'overwinning' wil officier van justitie Frits van Straelen de veroordeling van drugsbaron Etienne U. echter niet noemen.

AMSTERDAM, 30 JAN. Op de kamer van de Haarlemse officier van justitie Frits van Straelen is geen spoor van een overwinningsroes te bekennen. Nergens bloemen. Hij spreekt ook liever dan van “winnen” van “het enige juiste resultaat”. Dan, een tikje somber: “Helemaal kun je nooit voorkomen dat je een zekere mate van tevredenheid uitstraalt.”

Maandag veroordeelde de Amsterdamse rechtbank Etienne U. tot zes jaar cel; het moment was pikant. De veroordeling van Etienne U. op basis van 'schoon' recherchewerk was een symbool van een uit de as herrezen openbaar ministerie. Want Etienne U. zette het OM in de IRT-tijd nog voor schut, toen bleek dat infiltranten softdrugs mochten importeren om hem te kunnen grijpen. Waarna een parlementaire enquête volgde, het onderzoek naar Etienne U. werd stopgezet en een grootscheepse reorganisatie van het OM begon. Uitgevoerd door 'super-PG' A. Docters van Leeuwen en een nieuw college van procureurs-generaal. En juist terwijl de top van het OM afgelopen maandag in Utrecht in spoedberaad bijeenkwam wegens het conflict tussen Sorgdrager en het door Docters geleide college, wees in Amsterdam de rechter het vonnis tegen Etienne U..

Van Straelen blijft als altijd op zijn hoede. Een crisis aan de top is “slecht voor de rechtshandhaving en het OM”, en dat is dat. Hij kent die top goed. Voordat hij naar Haarlem kwam was hij advocaat-generaal in Den Bosch, daarna werkte hij als hoofd van het beleidscentrum van het OM in Den Haag samen met de toenmalige vergadering van procureurs-generaal. “We waren met de grote lijnen bezig. Maar het echte werk wordt gedaan door de officieren van justitie.” Het werd ook een van de lessen van de commissie-Van Traa. “Daarvoor was de afstand tussen de procureurs-generaal en de parketten enorm, nu groeien we naar elkaar toe.” Als officier in Haarlem geeft hij ook leiding, bespreekt hij de tactiek in lopende zaken. “Hier is álles leuk!” En open voor de buitenwereld, wat hem betreft. Te beginnen met de zaak-Etienne U., die door de voorgeschiedenis met name op opsporingsmethoden uiterst kritisch zou worden gevolgd. Niets uit het besmette IRT-onderzoek tegen U. mocht opnieuw worden gebruikt.

In de nieuwe zaak-U. konden de regels voor het rechercheren nergens worden opgerekt. De helft van zijn rechercheurs was evenwel afkomstig uit het bekritiseerde IRT-team. “Ik ben absoluut niet uitgeprobeerd. Het was eerder zo dat je die jongens moest stimuleren, dan dat zij mij wilden overhalen tot een onderzoek dat kantje boord was.” Er werden voor het eerst e-mails afgetapt, er zijn koffers doorzocht. In huizen, hotels en ook telefooncellen werden telefoongesprekken getapt. Het observatieteam dat de verdachten volgde, kreeg te maken met zogenoemde contra-observanten. “Dat is een in Amsterdam bekende groep die het observatieteams lastig maakt, die ze zelf gaat volgen. Ze kunnen door criminelen worden ingehuurd. Het is lastig om ze aan te pakken.” De verdachten werden bijna permanent gevolgd, en ze waren gewiekst. Van Straelen: “We hebben gesprekken afgeluisterd waarin ze elkaar een exacte beschrijving van onze observanten gaven. Dan kun je dus ophouden.” Bewijslast verzamelen werd voor een groot deel een kwestie van details bijeensprokkelen.

Van Straelen was daarom graag verder gegaan. Hij pleitte al tijdens de zitting voor het zogenoemde direct afluisteren, met microfoons in woningen van verdachten. Minister Sorgdrager, die aan een afluisterregeling werkt, is geen voorstander. Van Straelen: “Het is ver gaand, het betekent ook dat je mag inbreken om afluisterapparatuur te gaan plaatsen. Maar het voorkomt dat woningen een vrijplaats voor criminelen worden.”

Ook kroongetuigen had hij desnoods graag gehoord: “Je moet er soms riskante deals met criminelen voor sluiten. Maar dan zonder geheime afspraken. Met dekking van je eigen OM en de minister loop je weliswaar nog bepaalde risico's, maar dan zijn het risico's die je hebt kunnen inschatten.” (Verheugd reageerde Van Straelen vanmorgen op de uitspraak van het hof tegen drugsbaron Johan V., waarmee deals werden goedgekeurd: “Een richtinggevende uitspraak.”) Tegen Etienne U. durfde evenwel nauwelijks iemand te getuigen. Eén getuige liet zich nog liever wegens meineed arresteren in de rechtszaal.

Etienne U. bleek gedurende het gehele proces beheerst en uiterst vriendelijk. Volgens Van Straelen heeft hij bewust aangestuurd op wat hij “een teddybeer-effect” noemt. “Hij had voortdurend zachte lamswollen truien aan. Ik ben ervan overtuigd dat die bewust gekozen zijn - hij moest tegen een imago opboksen.” Zo kwam het akkefietje met 'de pink' in het requisitoir terecht. De officieren vertelden dat Etienne U. zijn vriendin eens een gebroken pink had geslagen. Tot woede van de verdediging, omdat het een privé-detail zou zijn. Van Straelen. “De pink. Daar hebben we een discussie over gehad. Op een gegeven moment was het requisitoir af, dat heb je onder hele grote druk gemaakt. En ik dacht: eigenlijk is het idioot. Het proces draait om een persoon en we hebben eigenlijk niets over zijn persoonlijkheid. Terwijl hij wél heel welbewust een beeld van zichzelf schept.” Van Straelen en zijn collega-officier P. Bender hebben “gewoon een kwartier om de tafel” gezeten: “Om te bedenken: wat weten we van zo'n man. En ik ben overtuigd van zijn gewelddadige achtergrond.”

De advocaten noemden het 'walgelijk' en 'schijnheilig'. Bij sommige felle aanvallen van de verdediging, waarbij met name de opsporingsmethoden keer op keer verdacht werden gemaakt, placht Van Straelen met rood hoofd uit zijn stoel te schieten om zich, zich verslikkend van nijd, te rechtvaardigen. Nu hij dat hoort, bloost hij weer. “Collega Bender was wel wat flegmatieker. Wat mij kwaad maakt: ik wéét dat we echt een schoon onderzoek hebben gedaan. Zeggen dat we liegen, terwijl we dat aanwijsbaar niet doen, maakt me nijdig.”

Van Straelen beaamt dat het bijna drie maanden durende proces tegen Etienne U. door het zo bij voortduring hameren op besmet bewijsmateriaal en onzorgvuldige onderzoeksmethoden een soms slaapverwekkende herhaling van zetten werd. Hij ziet een overgang naar het Angelsaksische rechtssysteem, waar elke handeling van de politie ter terechtzitting moet worden herhaald. “Dat is op zichzelf goed. Maar de nadruk van het onderzoek komt in de steeds langere zittingen te liggen. In de praktijk hebben we daarvoor de capaciteit nog niet. We kunnen dat soort processen nog van zijn leven niet aan.”