Lachjes van verontschuldiging; Tv kijken in het museum met John Baldessari

'Home Screen Home & John Baldessari', Witte de With, Rotterdam. Tot 22 maart. Lezingen in het kader van het Rotterdam Film Festival en Exploding Cinema.

John Baldessari richtte voor de tentoonstelling 'Home Screen Home' de zalen van Witte de With in als huiskamer. De Amerikaanse kunstenaar begon al vroeg in de jaren zestig met het naast elkaar zetten van de meest uiteenlopende dingen. “Ik probeer van alles om mijzelf anders te laten kijken.” Waarom behang? vraag ik. “Omdat het idee van behang een dom idee was, en ik hou van domme ideeën”, zegt hij.

We zitten in een van de zalen van Witte de With die voor de tentoonstelling Home Screen Home zijn ingericht als woonvertrekken. Er staan tafels, stoelen, banken, zitzakken en zelfs een reusachtig bed, zodat de bezoeker zich knus voor de buis kan installeren tijdens het bekijken van de honderd video's die filmmaker Michael Shamberg heeft uitgekozen. John Baldessari (USA, 1931) heeft het huiselijke idee voltooid door felkleurig behang te ontwerpen waarop hier en daar pontificaal een grote, ingelijste zwart/wit foto hangt. Er staat een kamerplant op, of een schemerlamp.

Baldessari: “Ik vroeg me af hoe je een museale ruimte en tv kijken zo kunt combineren dat mensen het gevoel kwijt raken dat het om iets kostbaars, om kunst gaat. Ik bedacht dat ik iets aan de muur wilde en zo kwam het idee van behang op.”

Er is rose, geel, blauw en groen behang met ieder zijn eigen motief. Dat motief is telkens een koppel van voorwerpen die soms enige vormverwantschap vertonen, maar op het eerste gezicht inhoudelijk niets met elkaar te maken hebben, zoals een aardappel naast een gloeilamp, een oor naast een pretzel, en een klok naast een pizza. Ik zeg dat de propjes popcorn naast de neus snottebellerig aandoen.

Baldessari lacht een van zijn ontelbare, half verontschuldigende, half tot pret uitnodigende lachjes: “Bij tv kijken hoort junkfood eten. En omdat ik ook aan de zintuigen dacht begon ik morfologisch te vergelijken. Een oor bijvoorbeeld heeft wel wat van een pretzel.”

Waarom een aardappel naast een gloeilamp?

“Een aardappel omdat je in het Engels iemand die altijd als een zoutzak op de bank voor de buis zit een couch-potato noemt. Een lamp gebruik ik de laatste tijd als beeld voor meer kennis willen, wegkomen van de duisternis. Het is een metafoor voor illuminatie. Ik vind dat aardig naast elkaar.”

Baldessari begon al vroeg in de jaren zestig met het naast elkaar zetten van de meest uiteenlopende beelden. Niet omdat hij dat zo had bedacht, maar omdat het zo uitkwam. Om inspiratie te vinden voor de abstracte schilderijen die hij toen nog maakte, trok hij er vaak met zijn camera op uit en fotografeerde aan de Amerikaanse Westkust waar hij woonde, allerlei dingen alsof ze een plat vlak waren, van billboards en posters tot brievenbussen en achterkanten van trucks. Al vrij snel begon hij die formele manier van kijken naar vormen, oppervlaktes en structuren op de fotobeelden zelf toe te passen en delen weg te schilderen om bepaalde elementen beter uit te laten komen. De nieuwe en onverwachte associaties die daardoor mogelijk werden, fascineerden hem zozeer dat hij zich erop begon toe te leggen fotografische beelden op allerlei manieren van hun gewone betekenis te ontdoen.

Baldessari: “Ik blijf mij erover verbazen hoe dingen bijna alles kunnen betekenen wat jij wilt. Een criticus vroeg me eens of ik dyslectisch was omdat ik dingen uit elkaar neem en weer op een totaal andere wijze in elkaar zet. Maar het is mijn passie om niets als een gegeven te beschouwen. Ik wil altijd zien wat het tegendeel of de achterkant van iets is.”

Tegelijk voel ik dat u verhalend denkt. De pizza is voor een kwart deel aangesneden, en met de wijzerplaat ernaast denk je dan ook aan een kwartier.

“Wat ik doe is schrijven met beelden. Taal boeit me bovenal. Als ik de moed had gehad was ik schrijver geworden. Zodra ik een woord hoor, denk ik aan een woord dat ook zo klinkt.”

Wat voor soort boeken zou u dan hebben geschreven?

“Detectives. Ik lees ze zelf niet, maar ik begrijp het principe: je denkt dat je erachter bent en dan ben je het toch niet. Zo werkt het bij mij ook. Ik speel spelletjes. Dat kan ik ook goed. Ik ben bijna mijn hele leven al met kunst bezig en weet nu wel hoe ik het publiek kan bespelen.”

Richt u zich op een groot of een select publiek?

“Dat is precies de vraag die een kunstenaar zich moet stellen: zeg je 'fuck de bourgeoisie' of wil je iedereen behagen? Ik heb voor een positie gekozen die ergens boven het midden ligt, ik probeer zo veel mogelijk mensen van de bodem omhoog te tillen. Mijn streven is om kunst te maken waar iedereen op zijn niveau wat mee kan, kunst die gecompliceerd en simpel tegelijk is. Dat is een paradox, maar het kan. Kijk maar naar Matisse. En Judd.”

U spreekt over omhoog tillen: daarmee neemt u als kunstenaar veel verantwoordelijkheid op zich.

Baldessari, onrustig en zonder zijn lachje: “Het is gênant om toe te geven, maar ik heb dat bijna-religieuze gevoel dat ieder mens een doel heeft en om de een of andere reden schijnt kunst mijn doel te zijn. Ik ben begonnen als sociaal werker, maar daar was ik niet begaafd genoeg voor. Kunst maken kan ik wel, dus doe ik wat ik kan.”

U heeft een sterk geloof in kunst.

“Kunst schijnt in de spleten van iemands psyche te kunnen glippen. Misschien doet ze daar iets goeds, ik heb geen idee. Ik ben niet het soort mens dat kan zeggen: 'Ik weet dat het zo is'. Ik weet niets, behalve dat ik zelf, als ik geen kunst zou maken, zou wegglijden en sterven. Ik zou geen doel hebben.”

Maar wat is kunst? Voor Baldessari is het altijd een begrip geweest waar hij zich zo hard mogelijk tegen afzet als daar speciale verwachtingen of voorschriften aan zijn verbonden. Zijn kunstgevoel is eindeloos uitrekbaar waardoor hij in een tijd dat dat nog niet gebruikelijk was net zo makkelijk zijn inspiratie en materiaal bij reclameteksten en posters vond als bij snapshots en filmstills. Die vrijgevochten mentaliteit maakte dat hij in de jaren zestig een van de eersten was die fotografie met tekst combineerde en een aantal werken bestaan zelfs helemaal uit tekst. Zijn invloed op jongere lichtingen kunstenaars in Los Angeles, waar hij jarenlang aan het Californian Institute of the Arts (ofwel Calarts) les gaf, is enorm. En wanneer je zijn oeuvre-catalogus doorbladert zie je de roots van succesvolle oud Calarts-studenten als Matt Mullican, Richard Prince, Mike Kelley en Barbara Bloom. We praten over het nut van kunstacademies.

Baldessari: “Je kunt iemand niet leren hoe hij kunst moet maken, maar studenten moeten wel weten wat kunstenaars denken en doen. Kunstenaars zijn geen superwezens die van hogerop iets meedelen. Kunst maken is niet iets mysterieus, maar komt voort uit experimenteren. Je moet leren begrijpen wat fouten maken is, want wanneer iets mis gaat wordt het interessant. Ik heb op Calarts studenten gezien die zich zo panisch afvroegen of ze wel het goede soort theoretische of politieke werk maakten, dat ze niets tot stand brachten. Je moet dom durven zijn om kunst te kunnen maken.”

U bent een cerebraal kunstenaar, ik zie veel analyse in uw werk. Domheid moet in uw geval niet makkelijk zijn.

“Het ideaal voor kunstenaars is om iets telkens voor het eerst te zien. Dat is voor mij de opgave, al is die onmogelijk. Ik probeer van alles om mijzelf anders naar dingen te laten kijken. Zo heb ik eens een serie gemaakt over de ruimte tussen de voorwerpen in. Wij kijken naar dingen, maar niet naar wat er tussenin is. Dat wilde ik eens zien. Het is zoiets als je richten op de ruimte tussen twee gedachtes in.”