Hoger en lelijker

Rotterdam ziet zichzelf graag als Nederlands enige echte wereldstad. Hier wordt, zoals het hoort in een ware metropool, niet gezeurd over een wolkenkrabber meer of minder, maar schieten ze, als was Rotterdam een Aziatische stad, vanzelf uit de grond. Vorige week presenteerde de Mediamax Group een toren die het voorlopige hoogtepunt van de Rotterdamse hoogbouw moet worden: de Rotterdam Tower. Deze 350 meter hoge toren gaat de oude Euromast uit 1960 letterlijk opslokken.

Als reden voor deze nieuwe toren gaf de Mediamax Group het kwijnende bestaan van de huidige Euromast, die steeds minder bezoekers trekt. Lange tijd fungeerde de mast als het beeldmerk van Rotterdam, maar inmiddels heeft de twee jaar geleden geopende Erasmusbrug deze rol overgenomen. Ook zijn er in het centrum van Rotterdam allerlei andere hoge gebouwen verrezen die de Euromast minder uniek hebben gemaakt.

Toch is het te hopen dat de nieuwste toevoeging aan de Rotterdamse skyline niet doorgaat. Rotterdam is de stad van de wederopbouw, zoals Amsterdam de stad van de Gouden Eeuw is. En de Euromast is hét monument van de wederopbouw, het laatste heroïsche tijdperk dat Nederland heeft gekend. Bovendien heeft architect Maaskant de Euromast een elegante vorm gegeven die door de schitterende asymmetrische bak van alle kanten anders oogt.

Maar de beste reden om de Euromast te behouden is dat de Rotterdam Tower op de presentatietekeningen zo armzalig blijkt. Jazeker, hij wordt met zijn lengte van een-derde kilometer veel hoger dan de oude Euromast, maar dat is nog niet hoog genoeg. De nieuwe toren wordt niet eens de hoogste van Europa - dat blijft die van Berlijn. “De op een na hoogste toren van Europa”, dat is toch werkelijk geen wervende kreet.

Nu is het natuurlijk niet per se nodig dat een toren ook de hoogste van een continent wordt. Maar dan moet er wel iets bijzonders tegenover staan. Zet er bijvoorbeeld een achtbaan boven op, zoals de bouwers van de vergelijkbare Stratosphere Tower in Las Vegas hebben gedaan.

Architect Jan van der Hoeven heeft de meest voor de hand liggende vorm voor de Rotterdam Tower gekozen: een cilinder die eindigt in een grote uitkragende bak. Dit is de archetypische vorm van dergelijke torens, zoals het Empire State Building in New York de archetypische wolkenkrabber is. Maar bij de Rotterdam Tower pakt deze vorm desastreus uit, omdat de architect er ook nog eens 288 appartementen in moest proppen. Waarschijnlijk is dit nodig om de toren rendabel te maken, maar hier wreekt zich het kapitalisme: de Rotterdam Tower wordt veel te breed in verhouding tot de lengte en krijgt zo het lompe aanzien van een gigantische zaklantaarn.