Expositie over filmdecorontwerper Trauner; Kartonnen monster van Loch Ness

Tentoonstelling: Alexandre Trauner, architect van de illusie. Vijftig jaar filmdecors. T/m 8 maart. Nederlands architectuurinstituut, Museumpark 25, Rotterdam. Di t/m za 10-17u, zo en feestdagen 11-17u. Inl. 010-4401200, www:http://nai.nl. Op 8 februari om 14u30 wordt de documentaire Voyage surprise d'Alexandre Trauner van Teci Wehn-Damisch vertoond, voorafgegaan door een lezing door de maakster.

De straten van Rotterdam lijken wel een filmdecor. Of zou dat komen doordat er overal vrolijke tijgers rondhuppelen?

Wie alleen maar kijkt naar wat er te zien is, ziet veel te weinig. Die ziet slechts dat die tijgers hem aangrijnzen vanaf de affiches van het 27e International Film Festival Rotterdam, maar niet hoe ze argeloze voorbijgangers bespringen of besnuffelen.

Film is illusie, dat weten we allemaal en met een klein beetje fantasie wordt de werkelijkheid al snel betoverend, gevaarlijk, sprookjesachtig of romantisch. Maar om in duistere bioscoopzalen te vergeten 'dat het maar film is', moet de illusie suggereren dat zij wérkelijk is.

Decorontwerper Alexandre Trauner (1906-1993), van wiens werk ter gelegenheid van het Filmfestival Rotterdam een kleine tentoonstelling te zien is in het Nederlands Architectuurinstituut, was zo'n meesterillusionist. Hij kon de straten van Parijs nabouwen in een Amerikaanse filmstudio (Irma la Douce), liet een kartonnen monster van Loch Ness rondzwemmen in een bassin in een tent in The Private Life of Sherlock Holmes (1970) en ontwierp pyramides, kastelen, zolderkamertjes en verlaten straten. De filmografie van Trauner leest als een lijst met hoogtepunten uit de filmgeschiedenis van de afgelopen vijftig jaar. Hij ontwierp decors voor films van Marcel Carné, Orson Welles, David Lean, Anatole Litvak, Howard Hawks, Billy Wilder, Joseph Losey, Luc Besson en Bertrand Tavernier, namen die zelfs niet-cinefielen bekend in de oren moeten klinken.

Trauner (1906-1993) werd geboren in Boedapest, waar hij een opleiding tot kunstschilder volgde. Op de vlucht voor het opkomend antisemitisme trok hij in 1929 naar Parijs, waar hij als klusjesman in een filmstudio terechtkwam. Vijf jaar later ontwierp hij het decor voor zijn eerste film: Sans famille van Marc Allégret. Trauner staat bekend om het hyperrealisme van zijn taferelen en daarom is het zo aardig om te zien dat zijn ontwerpen er helemaal niet zo werkelijkheidsgetrouw uit zien. Alles is te hoog, te breed of te lang. “We bekijken de werkelijkheid met twee ogen”, legde voormalig collega Didier Naert ter gelegenheid van de opening van de tentoonstelling in Rotterdam deze gekke perspectieven uit. “Trauner was in staat om de werkelijkheid met het ene oog van de filmcamera te bekijken en te reconstrueren.”