Doel van 3,25 procent groei in 1997 moeilijk haalbaar

ROTTERDAM, 29 JAN. De economische groei over 1997 zal waarschijnlijk lager uitvallen dan de 3,25 procent waar het kabinet van uit gaat. Dat blijkt uit de publicatie van de economische groei over het derde kwartaal vanmorgen, door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het CBS bevestigde een eerdere voorlopige telling dat de economie in dat kwartaal met 2,9 procent is gegroeid ten opzichte van het zelfde kwartaal een jaar daarvoor. In de eerste twee kwartalen groeide de economie met respectievelijk 2,6 procent en 3,1 procent op jaarbasis.

Om over geheel 1997 uit te komen op een groei van 3,25 procent, de schatting van het Centraal Planbureau die ten grondslag ligt aan het kabinetsbeleid, zal de economische groei uit moeten komen op 4,4 procent in het vierde kwartaal. “Het gaat uitstekend met de economie, maar een groei van boven de 4 procent is heel uitzonderlijk,” aldus P. Oomens van het CBS, dat zich overigens onthoudt van prognoses.

Wel kan er uiteindelijk een verschil optreden tussen de telling van het bruto binnenlands produkt op kwartaalbasis en op jaarbasis. Over 1996 was dat verschil fors. Op basis van een kwartaaltelling kwam het CBS aanvankelijk uit op een groei van 2,7 procent. Op jaarbasis werd het uiteindelijke, officiële, groeicijfer later vastgesteld op 3,3 procent. Het verschil zat toen vooral in de wijze waarop subsidies en belastingen worden meegeteld.

Eind februari, twee maanden eerder dan gebruikelijk, wordt al een voorlopige telling over geheel 1997 gepubliceerd. Dit vroede tijdstip houdt verband met de publicatie van het Nederlandse begrotingstekort en staatsschuldquote over 1997, die dan al bekend moeten zijn. Beide cijfers spelen een doorslaggevende rol bij de beoordeling welke van de EU-landen zich kwalificeren voor de Economische en Monetaire Unie. De Europese Unie heeft de afspraak gemaakt dat alle lidstaten eind februari met gegevens daaromtrent naar buiten komen.