Chu was corrupt, maar ook een goed ondernemer

Het vroegere hoofd van China's grootste sigarettenfabriek is uit de communistische partij gezet. Hij sjoemelde, maar zorgde ook voor welvaart in de provincie Yunnan.

PEKING/KUNMING, 29 JAN. De bijl is gevallen voor Chu Shijian. Begin deze week werd bekend dat de voormalige voorzitter van de raad van bestuur van China's grootste sigarettenconcern in de provincie Yunnan uit de communistische partij is gezet en wordt vervolgd voor de verduistering van 7 miljoen gulden. Maar de zaak van Chu is, volgens hen die met hem hebben samengewerkt, alles behalve een klip en klaar voorbeeld van een corrupte partijfunctionaris die uitsluitend aan zijn eigen portemonnee heeft gedacht.

Yuxi Sigaretten, het concern waarover Chu tot vorig jaar de leiding had, betaalt de centrale overheid meer belasting dan welk ander bedrijf in China dan ook. “Wat Chu heeft uitgehaald, staat los van hetgeen hij voor Yunnan en de rest van het land heeft betekend. Zonder hem zou de provincie veel minder welvarend zijn geweest. Dat is een prestatie die onbetaalbaar is”, aldus een functionaris van het provinciebestuur in de hoofdstad Kunming eind vorige maand.

Het nieuws over Chu, het laatste voorbeeld van het schrijnende probleem van corruptie dat de Chinese samenleving dreigt te ontwrichten, is in de wereld gebracht enkele dagen nadat China's president, Jiang Zemin, opnieuw pleitte voor harde aanpak van corruptie. “Het is een probleem dat de positie van de communistische partij ondermijnt”, aldus Jiang vorige week.

Maar het is ook een probleem dat volgens sommigen, met name managers binnen de staatsgeleide industrie van China, bijna niet voorkomen kan worden. “Chu Shijian is één van de weinigen die in staat is geweest een staatsbedrijf zeer succesvol en concurrerend te maken. Het merendeel van de staatsbedrijven verkeert in crisis. De overheid eist dat die bedrijven herstructureren en creatief gebruikmaken van nieuwe kapitalistische maatregelen, zodat zij niet langer afhankelijk zijn van de staat en feitelijk geheel op eigen benen kunnen staan. Chu heeft dat gedaan, maar is daarin misschien te ver gegaan. Hij was té creatief”, zegt een ambtenaar van een bureau voor economische samenwerking in de zuidwestelijke provincie.

De situatie van Chu symboliseert het dilemma waarmee Peking wordt geconfronteerd sinds het staatsbedrijven de opdracht heeft gegeven te herstructureren. Want als staatsbedrijven moeten concurreren met andere bedrijven, vooral in het buitenland, dan is een vrij en onafhankelijk beleid een voorwaarde voor succes. Maar beschikken managers eenmaal over die vrijheden, dan blijkt misbruik van geld en vooral macht minder goed beheersbaar te zijn. Chu heeft met zijn onderneming en het moederbedrijf, de Yunnan Hongta-groep, pijnlijk bewezen dat staatsbedrijven kunnen functioneren in de kapitalistische markt - en daarbij heeft hij, naar nu is gebleken, zijn eigenbelang niet vergeten.

Het verhaal van Yuxi Sigaretten is uitzonderlijk, omdat het bedrijf in de 18 jaar dat Chu er de scepter zwaaide, zo groot is geworden, dat het praktisch bevelen kan geven aan het provinciaal bestuur van Yunnan. De gehele sigarettenindustrie in de provincie is goed voor 70 procent van Yunnans inkomsten en het merendeel daarvan wordt gegenereerd door Yuxi en de Hongta-groep. Op nationaal niveau heeft Yuxi Sigaretten volgens de gegevens van het provinciebestuur omgerekend 2,8 miljard gulden per jaar aan belasting betaald, meer dan iedere andere staatsonderneming in China. De fabriek, honderd kilometer ten zuiden van Kunming, zou met een productie van meer dan honderd miljard sigaretten per jaar de grootste in Azië zijn.

De groei van Yuxi en de bedrijfsvoering van Chu zijn door velen bejubeld. Eén van China's bekendste economen, Wei Jie, schreef er begin jaren negentig samen met Chu zelfs een boek over. 'Het licht van Yuxi' behandelde de geschiedenis van de fabriek en was een lofzang aan het adres van Chu. “Chu is iemand die over zoveel kennis en fijnzinnigheid beschikt, dat hij zonder meer de aangewezen persoon is geweest om een ingeslapen staatsindustrie die Yuxi eind jaren zeventig was, nieuw leven in te blazen”, zegt Zhang Taiming, wetenschappelijk medewerker van een overheidsinstelling die onderzoek doet naar de economische ontwikkeling van Yunnan. “De groei die de sigarettenindustrie onder zijn leiding heeft doorgemaakt, had nooit kunnen plaatshebben zonder goedkeuring van de overheid.” En die goedkeuring moet Chu hebben gehad, want het bestuur van de economisch achtergestelde provincie was zeer gebrand op de ontwikkeling van een dergelijke cruciale industrie. Zhang wijst er indirect op dat, als Chu vuile handen heeft, de provinciale overheid ook niet vrijuit gaat.

Maar dat is een gedachte die in Yunnan niet kan worden uitgesproken zonder dat het boze reacties oproept. De verantwoordelijke autoriteiten houden zich onbereikbaar, de fabriek in Yuxi houdt pottekijkers buiten haar poorten. Voor informatie wordt verwezen naar de Chinese kranten. Die hebben sinds het einde van 1995 echter slechts mondjesmaat bericht gegeven over de ondergang van Chu. In november 1995 werden Chu's vrouw, Ma Jingfen, en zijn dochter in de centraal-Chinese provincie Hunan gearresteerd op verdenking van verduistering. Enkele dagen later zou dochter Chu Yingqun zijn overleden, volgens de autoriteiten door zelfmoord. Chu Shijian zelf ging nog vrijuit. Collega's vertelden dat hij vrijwel geen emotie toonde toen hij het nieuws over de dood van zijn dochter hoorde.

Eerder dat jaar had de centrale overheid de provinciale partij-secretaris Pu Chaozu vervangen. Een weinig verhullende boodschap van Peking omdat de Yunnanees Pu een goede vriend was van Chu en met het vertrek van de partijsecretaris een abrupt einde kwam aan het hechte en derhalve ondoorzichtige contact tussen de partij en de sigarettenindustrie. Chu zelf verdween begin vorig jaar uit beeld en uiteindelijk zou het nog meer dan een jaar duren voordat de centrale autoriteiten sluitend bewijs tegen hem konden aandragen. De uitzetting uit de partij betekent het definitieve einde van de sigarettenbaas, en hem wacht vrijwel zeker de doodstraf.

Toch blijven vrienden, collega's en de vele stille bewonderaars de gevallen sigarettenkoning trouw. Yuxi, vertelt een aanhanger, was het enige bedrijf dat materiële steun gaf aan de boeren. Het voorzag de agrarische industrie van landbouwapparatuur en technologie. En in 1996 schonk het 250.000 gulden aan China's centrale televisiezender voor de bouw van 20 schakelstations in achtergestelde regio's. Het bedrijf van Chu investeerde in energiecentrales in de provincie en schonk de stad waar de fabriek haar naam aan heeft ontleend flats, kantoorgebouwen, een zwembad en een bioscoop.

“Het kan mij niet zoveel schelen wat Chu heeft gedaan”, zegt vice-directeur Zhang Xuanjing van de corporatie voor internationale samenwerking in Kunming, terwijl hij een pakje Hongtashan-sigaretten tevoorschijn haalt. “Iemand die zoveel voor elkaar heeft gekregen met de verkoop van dat wat in dit doosje zit, verdient flink wat respect.”