Weerstand bij consumenten tegen chipkaart

ROTTERDAM, 28 JAN. De strijd tussen twee verschillende chipkaarten heeft onnodig veel weerstand opgeroepen bij consumenten en winkeliers. Daardoor wordt zowel de Chipknip van de banken als de Chipper (Postbank en PTT Telecom) nauwelijks gebruikt.

Dat concludeert de Consumentenbond na een onderzoek naar het nieuwe betaalmiddel.

Ongeveer de helft van de consumenten heeft een chipkaart, maar zeventig procent van die kaarten wordt nooit gebruikt, zo bleek in het onderzoek. Slechts 8 procent van de kaarthouders gebruikt de chipkaart minimaal één keer per week.

Er bestaat bij de meeste mensen geen behoefte aan een nieuw betaalmiddel, stelt de Consumentenbond. De kaarten zijn door de banken bedoeld als een oplaadbare portemonnee voor betalingen tot een paar tientjes. Maar consumenten blijken de chipkaart vooral te zien als vervanger van de pinpas.

Ook klagen consumenten over het geringe aantal winkels waar met chipkaarten kan worden betaald. De Consumentenbond ging bij zeventig winkels langs: in 26 ervan was de Chipknip te gebruiken, in zes winkels de Chipper en slechts in één winkel beide passen. Winkeliers betalen niet graag abonnementskosten voor twee verschillende systemen.

Onhandig voor consumenten blijkt ook dat de kaart telkens moet worden opgeladen, terwijl de pinpas - bij voldoende banktegoed - altijd te gebruiken is. Bovendien weten veel consumenten niet hoeveel tegoed hun chipkaart nog bevat als ze die hebben gebruikt, hoewel daarvoor miljoenen 'uitleesapparaatjes' zijn verstrekt.

De Consumentenbond bepleit samenvoeging van beide kaarten. Ook dringt de bond aan op meer voor de kaart geschikte betaalpunten, bijvoorbeeld parkeermeters en automaten.

De banken ontkennen aan een uniform systeem te werken. Wel voeren ze overleg om beide systemen beter op elkaar af te stemmen. In de praktijk moeten meer apparaten beschikbaar komen die geschikt zijn voor beide kaarten.

De kaartuitgevers zeggen dat het geringe gebruik van de chipkaarten het gevolg is van vertragingen in de levering van apparatuur. Het duurt bijvoorbeeld nog een paar maanden voordat parkeerautomaten aangepast kunnen worden voor de chipkaarten.