Publieke opinie is laatste houvast voor Clinton

Hij praat met Netanyahu en Arafat over het vastgelopen vredesproces in het Midden-Oosten alsof hij zelfs nog nooit van Monica Lewinsky heeft gehoord. Bill Clinton betoont zich een meester in het omdraaien van knoppen. Veel tijd voor tobben is er niet. Maar tobben zal hij wanneer het publiek hem en masse laat vallen, verwacht Juurd Eijsvoogel.

Bill Clinton beschikt over een bijzondere eigenschap, een karaktertrek die hem nu meer dan ooit van pas komt. Vorige week, op de dag waarop het grootste schandaal van zijn presidentschap naar buiten kwam, sprak hij er even over. In een interview werd hem gevraagd hoe hij zijn werk als president nog kon doen, nu hij in het middelpunt van zo'n heftige politieke storm stond. Hoe kan iemand nu onderhandelen met Netanyahu en Arafat, als zijn presidentschap wankelt en heel Amerika zich afvraagt of hij een verhouding heeft gehad met een stagiaire, en of hij haar heeft aangezet om daarover te liegen? Vorige week dinsdagavond laat, toen de president al wist wat hem boven het hoofd hing, voerde hij met Netanyahu nog intensieve en gedetailleerde besprekingen over de Westelijke Jordaanoever.

“Ik ben het aan het Amerikaanse volk verplicht om dit in een apart doosje te stoppen”, zei Clinton over het schandaal. Het vermogen om allerlei zaken in doosjes te stoppen is voor een Amerikaanse president waarschijnlijk een voorwaarde om te kunnen overleven. Na beslissingen van oorlog en vrede, moeten immers ook knopen worden doorgehakt over de toekomst van de sociale zekerheid, de inhoud van een belangrijke toespraak of de benoeming van een nieuwe minister. Veel tijd voor tobben is er niet, het ambt vraagt aandacht voor de volgende kwestie.

Gisteren liet Clinton zien hoe effectief zijn doosjes-methode is. Wie net terugkwam van een weekje naar Mars en 's avonds om negen uur Amerikaanse oostkusttijd de televisie inschakelde, zag een zelfverzekerde president die de State of the Union uitsprak, niet wezenlijk anders dan in andere jaren gebeurt, hoogstens was de toon wat optimistischer omdat het zo goed gaat met het land. “Dit zijn goede tijden voor Amerika.”

Een schandaal komt altijd ongelegen, maar voor Clinton kwam het ongelooflijk goed uit dat hij zich na een week van vernietigende publiciteit anderhalf uur lang kon presenteren als een waardig staatsman. In een van de plechtigste ceremonies van de Amerikaanse republiek, waarbij de traditie veel applaus voorschrijft, kon hij het Amerikaanse volk nog eens uitgebreid uitleggen waarom hij ook weer gekozen was: om de bloeiende economie, om de afnemende misdaad, om het slinkende begrotingstekort en om de talloze huis-tuin-en-keuken-initiatieven waarmee hij Amerika, zoals hij zo graag zegt, voorbereidt op de 21ste eeuw.

Natuurlijk sprak Clinton met geen woord over het schandaal dat heel Amerika zo bezighoudt. Het schandaal zit in een doosje. Het is een streek van een “reusachtige rechtse samenzwering”, volgens zijn vrouw. Maar het is in elk geval niet iets om het Amerikaanse volk aan te herinneren.

De Republikeinen konden niet anders dan het spel meespelen. Clinton ontkent immers alle aantijgingen, en iedereen verdient het om als onschuldig beschouwd te worden zolang zijn schuld niet is bewezen. En dus deed zich de wonderlijke situatie voor dat de razende storm die een weeklang genadeloos aan het presidentschap had gerukt en gesjord, anderhalf uur lang even volkomen stil kwam te liggen.

Bill Clinton weet dat de meeste Amerikanen hem als persoon niet erg vertrouwen of respecteren. Al jaren blijkt uit opiniepeilingen dat men van zijn persoonlijke moraal en zijn karakter geen hoge dunk heeft. Maar hij weet ook dat veel van diezelfde Amerikanen hem tegelijkertijd als president waarderen. Met andere woorden: ook het publiek beschikt over doosjes. Bij de verkiezingen in 1996 stopte het electoraat de affaires van Bill Clinton in een doosje weg. Zijn persoonlijke moraal werd in twijfel getrokken, maar op de koop toegenomen. Zijn publieke optreden, de manier waarop hij zijn ambt vervulde, was bevallen. Clinton kreeg een tweede termijn, en de kiezers waren in zekere zin zijn medeplichtigen geworden. Ze wisten immers wat voor vlees ze in de kuip hadden?

Op het spreekgestoelte van het Huis van Afgevaardigden gaf Clinton gisteren een meesterlijke vertolking van zijn presidentiële rol. Hij slaagde erin om het onderwerp van gesprek te veranderen. Nadat Amerika een week lang was beheerst door trefwoorden als meineed, afluisteren, orale seks en onafhankelijke aanklager, ging het nu weer over de zaken die Main Street America echt aan het hart gaan: de oudedagsvoorziening, kinderopvang, kleinere klassen en het begrotingstekort.

Het is niet waarschijnlijk dat heel Amerika na deze opbeurende State of the Union, na alle statige ceremonieel, besluit om het aardse drama rond Bill Clinton en Monica Lewinsky verder maar in een doosje te laten zitten. De storm rond het Witte Huis zal ongetwijfeld weer opsteken.

En als de aantijgingen tegen Clinton waar blijken, of voor een deel waar blijken, is de grote vraag of Clinton het publiek er opnieuw van kan overtuigen om zijn persoonlijke moraal weer los te zien van de manier waarop hij zijn presidentschap uitoefent. Het is moeilijk voorstelbaar. Ook gisteren al cirkelde het schandaal als een onzichtbare gier boven het hoofd van de president. Niemand liet het merken, maar iedereen was zich ervan bewust. Zijn dit goede tijden voor Amerika? Met een president die in zo'n diepe crisis verkeert?

Op het strafrechtelijke onderzoek dat onafhankelijke aanklager Kenneth Starr instelt kan de president weinig of geen invloed uitoefenen. Maar Clinton is er de man niet naar om de uitkomst van dat onderzoek lijdzaam af te wachten. Hij is een politicus, en hij zal bij de publieke opinie zijn redding zoeken, zoals hij gisteren al liet zien.

Zelfs voor een president van de Verenigde Staten is macht in belangrijke mate de schijn van macht. En als Clinton in de opiniepeilingen overeind blijft, kan hij wellicht weer respect afdwingen bij zijn collega-politici. Dan kan hij beginnen zijn machtsbasis in het Congres weer van de grond af aan op te bouwen. Maar als het publiek zijn vertrouwen opzegt, is Clinton uitgespeeld.