Invloed Peking is garantie voor injectie van activa; Chinese 'rode' aandelen even uit de gratie

De herstructurering van Chinese staatsbedrijven is sterk afhankelijk van het beursklimaat in Hongkong. De Aziatische crisis heeft het imago van hun aandelen, bekend als red chips, aangetast. Toch overheerst optimisme.

HONGKONG, 28 JAN. Dat het lot van de socialistische staatsindustrie in China steeds meer afhangt van het gemoed van aandeelhouders uit Hongkong, moet menige havik onder het communistische leiderschap op zijn minst een gevoel van bevreemding bezorgen. Wat is er toch gebeurd met de staatsbedrijven, de eens zo glorieuze pijlers van de Chinese economie? En waarom kan een handjevol speculanten, nota bene kapitalisten uit Hongkong, de voortgang bepalen van de herstructurering van het staatsaandeel van de economie?

Begrip voor de beursgegevens op de financiële pagina's van China's staatspers is nu belangrijker dan kennis van marxistische dialectiek. Zeker sinds het beste wat de Chinese staatsindustrie te bieden heeft een plaats heeft verworven op de effectenbeurs van Hongkong. En aangezien ook de economie van Hongkong is geïnfecteerd door de Aziatische crisis, zijn de bazen van de Chinese staatsbedrijven en hun mentoren in Peking ongerust.

Tot voor kort was een plek op de effectenbeurs van Hongkong een vrijwel zekere garantie voor een gestage opbouw van kapitaal voor de selecte groep staatsbedrijven. De Chinese ondernemingen genoten grote populariteit onder de investeerders in Hongkong, want de steun van de centrale of regionale overheid, bood een vertrouwenwekkend vooruitzicht op een hoog dividend en toegang tot een uitgestrekte markt met een enorm potentieel voor groei.

Investeerders, van de grootste banken tot de man in van de straat, trotseerden lange rijen en wachttijden in de hoop de aandelen van de Chinese concerns te bemachtigen. Red chips, de 'rode' aandelen van Chinese bedrijven die zijn genoteerd en geregistreerd in Hongkong, behoorden tot de lievelingen van het publiek. En evenals de H-shares, de aandelen van Chinese bedrijven die worden verhandeld op de beurs in Hongkong, maar staan geregistreerd in China, gingen red chips als warme broodjes over de toonbank. Beijing Enterprises, een staatsconglomeraat onder supervisie van het stadsbestuur van Peking, werd voorafgaand aan de beursintroductie (IPO) in mei vorig jaar maar liefst 1.276 keer overschreven, een absoluut record.

“De red chips hadden voor de neergang van de beurs in oktober een enorme aantrekkingskracht op investeerders”, zegt Anthony Mei, analist van de Hongkongse vestiging van de Development Bank of Singapore (DBS). “Dergelijke bedrijven zijn altijd omgeven geweest door een sfeer van succes en ongekende mogelijkheden.” Als 'vensterbedrijven' van het Chinese vasteland, die de centrale of regionale overheid vertegenwoordigen, zouden ze de garantie zijn voor investeringen in China. “Grote aandeelhouders hebben ongetwijfeld meer toegang tot China, want de bedrijven waarvan ze aandelen hebben gekocht, staan in direct contact met belangrijke overheidsfunctionarissen.” zegt Mei. “Voor het hebben van dergelijke contacten betaal je alleen wel een prijs; China is groot en zijn economie ondoorzichtig. Het is moeilijk na te gaan wat de waarde van zo'n contact precies is.”

Aanvankelijk waren aandeelhouders volgens Mei dan ook uitsluitend geïnteresseerd in de hoogte van het dividend, met uitbetalingspercentages van veertig of zelfs vijftig procent. Of de genoteerde bedrijven de geworven fondsen wel zinvol hadden besteed, leek bij dergelijk hoge percentages van ondergeschikt belang. “Aandeelhouders zouden beter hebben moeten weten”, aldus Mei.

Schandalen zoals in 1995, toen bleek dat Tsingtao Bierbrouwerij de fondsen die het op de beurs van Hongkong had gegenereerd, had hergebruikt voor de uitgifte van leningen met hoge rente aan andere bedrijven, zouden geen uitzondering zijn.

De prestaties van de red chips zijn grotendeels gelijk opgegaan met de dramatische op- en neergaande bewegingen op de effectenbeurs van Hongkong. Na een aantal topmaanden in de zomer, voor en na de overdracht van de Britse kroonkolonie aan China, is het vanaf de herfst vooral bergafwaarts gegaan. De Hongkongse beurs was afgelopen week bijna de helft waard van hetgeen het in de zomer nog opleverde, en tot de grote verliezers behoorden de red chips en A-shares.

De treurigste ontwikkeling gold China Telecom (HK), een in Hongkong genoteerde dochtermaatschappij van het Chinese ministerie van post en telecommunicatie. De beursgang van het bedrijf, dat met 32 miljard dollar Hongkongs grootste emissie aller tijden was, had plaats op de dag dat de beurs onderuit ging. De aandelen van China Telecom (HK) daalden direct 9 procent. Tal van andere Chinese bedrijven besloten daarop hun voorgenomen beursgang uit te stellen. En Chinese beleidmakers in Peking vreesden dat hun plannen voor de versnelde privatisering van de staatsindustrie, met behulp van in Hongkong gegenereerd kapitaal, zouden moeten worden uitgesteld.

De ondergang van Peregrine, één van Hongkongs grootste en succesvolste investeringsbanken, twee weken geleden, betekende een nieuwe tegenvaller. Het bedrijf had zich in korte tijd ontwikkeld tot Hongkongs belangrijkste handelaar in Aziatische en vooral Chinese effecten. Eén van zijn oprichters, de Hongkong Chinees Francis Leung, stond zelfs bekend als 'de vader' van de red chips, en vond het, getuige zijn emotionele commentaar op een persconferentie na de liquidatie van de bank, zijn vaderlandse plicht “iets te doen voor China.” Leung hielp grote conglomeraten zoals CITIC Pacific, die verantwoording aflegt aan China's grootste overzeese investeringsbedrijf, en Beijing Enterprises naar de Hongkongse markt.

Maar beursspeculanten zouden zichzelf niet zijn wanneer ze niet over een gezonde portie optimisme zouden beschikken. Maggie Tang, econoom van het Hongkongse effectenhuis Sassoon Securities, is ervan overtuigd dat de red chips weer volop in de belangstelling zullen staan zodra de markt aantrekt.

“De invloed van de centrale of regionale overheid op de achtergrond is een voortdurende garantie voor de injectie van nieuwe activa”, zegt Tang. “Dat geeft de 'red chips' hernieuwde potentie.” En de kans dat Chinese bedrijven hun heil elders zullen zoeken, op de aandelenmarkten van Europa of de Verenigde Staten, acht Tang gering. “De kennis die in Hongkong bestaat over China is uniek. Daarom zal een notering hier altijd beter lopen dan bijvoorbeeld in New York.” De Chinese aandelen op Wall Street, de zogenaamde N-shares, hebben tot dusver matig gepresteerd.

Alex Tang Yee-yuk, onderzoeksdirecteur van Core Pacific-Yamaichi International (HK), die zegt de term red chip te hebben verzonnen, verwacht dat dit jaar red chips en H-shares zelfs een winst per aandeel (EPS) zullen laten zien van tussen de 20 en 25 procent. Tang denkt dat de economische crisis in Azië Peking leert dat de snelle herstructurering van zijn noodlijdende en geldverslindende staatssector absolute voorrang dient te krijgen en dat derhalve de komende jaren nieuwe veelbelovende Chinese ondernemingen naar de markt in Hongkong zullen worden gebracht.