Demi Moore

In een serie profielen van gezichtsbepalende filmsterren deze week de verrassend tot rolmodel uitgegroeide Demi Moore, die nu in 'G.I. Jane' een ambitieuze luitenant is, en zo weer het verlangen 'one of the boys' te zijn uitspeelt.

Na Madonna is Demi Moore (Roswell, New Mexico, 11 november 1962) waarschijnlijk de eigentijdse ster aan wie de meeste wetenschappelijke publicaties zijn gewijd. Gender bending is de term die haar dan wordt toegeschreven; het voormalige fotomodel, dat in haar eerste films, waaronder Blame it on Rio (1984) en St. Elmo's Fire (1985), vooral verleidelijke tienermeisjes speelde, is verrassenderwijs uitgegroeid tot een rolmodel voor moderne, dus ambivalente seksuele identiteit.

Hoewel Moore's halfnaakt poseren voor glossy bladen in ver gevorderde staat van zwangerschap daarmee in tegenspraak lijkt, is haar imago toch vooral samen te vatten als een verlangen one of the boys te zijn. Het blijft speculeren over een eventueel verband met het imago van Moore's stoere echtgenoot Bruce Willis, maar als ze in G.I. Jane in elkaar getremd is door een drilinstructeur, roept haar gehavende gezicht herinneringen op aan Willis' bruises in bijvoorbeeld Die Hard of Pulp Fiction.

Moore was al eerder te zien in militair uniform in For a few good men (1992), maar de transformatie van bimbo tot vrouw die mannen op hun eigen terrein naar de kroon steekt begon pas goed met Disclosure (1994): als kantoorchef van Michael Douglas onderwerpt zij deze aan onvervalste seksuele intimidatie en machtsmisbruik.

Optimaal benutten Moore's personages de door hormonenuitstoot veroorzaakte zwakheden van mannen. Voor een nacht met Robert Redford toucheert ze in Indecent Proposal (1993) een miljoen, en de uitbuiting van de stakkers in Striptease (1995) wordt samengevat in het gekwijl aan haar voeten van Burt Reynolds.

De belangrijkste troef van Moore in haar mannelijke strategie van onderwerping van het andere geslacht is haar lijf: als zwangere pin-up, stripteasedanseres of superatletische militair. Af en toe bewijst ze haar feminisme ook op een andere manier, door bijvoorbeeld de als pleidooi voor het recht op abortus bedoelde tv-film If These Walls Could Talk (1996) te produceren, maar zelden zie je haar vrouwelijke eigenschappen verheerlijken.

Omdat ze toch altijd schijnbaar lief en aardig blijft als een pruilerig popje, wordt het uitdagende gedrag van Demi Moore meer gewaardeerd dan dat van de aanzienlijk meer subversieve Madonna. Misschien past Demi beter in het postfeministische tijdperk, waarin het verschil tussen mannen en vrouwen liefst onzichtbaar gemaakt wordt.