Voorrang in de zorg al praktijk

De Tweede Kamer wijst voorrangsbehandelingen in de gezondheidszorg af. De wachtlijstproblematiek is hardnekkiger dan verwacht.

DEN HAAG, 27 JAN. Waarin verschilt een zieke werknemer van een huisarts, familieleden of vrienden van een medisch-specialist, verpleegkundige of ziekenhuisdirecteur, politici of captains of industry? Het eerder helpen van die zieke werknemer leidt tot tweedeling in de zorg en is in strijd met de medische ethiek, herhaalde de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst vorige week nog eens in een brief aan de Tweede Kamer. Maar voor die anderen is voorrangsbehandeling in de praktijk vanzelfsprekend, wordt in brede kring in diezelfde KNMG erkend.

De Maatschappij blijft er niettemin bij dat het niet mag: zieke werknemers minder lang laten wachten op behandeling dan patiënten die geen betaalde baan hebben. Al mag het ook weer wel, maar dan alleen als het niet leidt tot “verdringing van andere patiënten”, zo schreef de KNMG de Kamer. Van voorzitter F.B.M. Sanders van de Orde van medisch specialisten mogen zieke werknemers wel degelijk in een 'bedrijvenpoli' met voorrang worden behandeld als die poli onderdeel van een gewoon ziekenhuis is en de wachtlijsten in dat ziekenhuis, ook voor niet-werkenden, korter worden.

De Tweede Kamer ontvangt morgen een groot aantal deskundigen om in een 'ronde-tafelgesprek' zicht te krijgen op de 'tweedeling' in de zorg. Het oordeel van de Kamer over voorrangsbehandeling staat overigens al vast: met uitzondering van de VVD wijzen alle fracties die categorisch af.

De zorg over een mogelijke 'tweedeling' ontstond toen werd besloten werkgevers zelf de kosten van het ziekteverzuim te laten betalen en deze niet meer uit collectieve middelen te financieren. Een groot aantal organisaties waarschuwde toen voor spanningen die daardoor binnen de gezondheidszorg zouden kunnen ontstaan. Werkgevers kregen er financieel belang bij dat de zieke werknemer weer snel mogelijk weer aan slag gaat. Lange wachttijden rekken het verzuim onnodig en zullen onvermijdelijk leiden tot pogingen van werkgevers om de behandeling van hun werknemers te bespoedigen, zo werd verwacht.

Deze 'vrees' werd spoedig bewaarheid. Zo vonden het Rijnstaete Ziekenhuis in Arnhem en een aantal bedrijven in de omgeving, waaronder Akzo Nobel, elkaar: zij richtten samen een - tot dusver niet florerende - 'bedrijvenpoli' op waar werknemers van de deelnemende bedrijven terecht konden. Elders werden eveneens 'wachtlijstomzeilende' initiatieven genomen in de vorm van zo'n poli of aparte spreekuren voor zieke werknemers. Daarnaast zorgde meer concurrentie tussen zorgverzekeraars voor extra dienstverlening: bemiddeling voor verzekerden die in een ziekenhuis op een (lange) wachtlijst terecht komen.

Het was de bedoeling dat gelijktijdig met de privatisering van de ziektewet de wachtlijsten in de ziekenhuizen en Regionale instellingen voor ambulante geestelijke gezondheidszorg (Riaggs) zouden zijn verdwenen. “Het wegwerken van de wachtlijsten en het verkorten van de wachttijden duurt veel langer dan we hadden gedacht”, aldus minister Borst (Volksgezondheid) in de Kamer.

Specialisten en ziekenhuizen gebruiken wachtlijsten als politiek instrument, zo verklaarde onlangs hoogleraar economie en organisatie van de gezondheidszorg, dr. R.T.J.M. Janssen in het blad Arts & Auto. Extra geld geven voor het wegwerken van wachtlijsten werkt averechts. Je moet dat geld juist aan ziekenhuizen zonder wachtlijsten geven. Borst zei in andere woorden begin dit jaar hetzelfde in Medisch Contact. Enkele dagen daarna verklaarde ze in de Kamer naar extra geld te zoeken voor het wegwerken van de wachtlijsten.

Buiten de Kamer worden geleidelijk aan meer vraagtekens geplaatst bij de stelling dat het verlenen van voorrang aan werkenden de solidariteit aantast. Uiteindelijk gaat het er om dat iedereen binnen een redelijke termijn adequaat wordt behandeld, betoogde onlangs de hoogleraar ziektekostenverzekering dr. W.P.M.M. van de Ven in deze krant. Gebeurt dit, dan doet de volgorde waarin de patiënten worden behandeld er niet toe - het nationaal belang, het zo snel mogelijke herstel van de 'kostwinner', kan dan een reden zijn om hem voorrang te verlenen.