'Zoiets heeft El Señor nog nooit meegemaakt'

De paus hield gisteren in Havana een mis voor ruim 300.000 Cubanen, voordat hij naar Rome vertrok.

HAVANA, 26 JAN. De politie neuriet het wijsje dat net op het plein van de Revolutie werd gescandeerd. “De paus leeft, de paus leeft om-iedereen-in-vrijheid-te-zien!” Intussen slingert hij achteloos met zijn wapenstok. Ter ere van het pausbezoek loopt de politie nu al vijf dagen zonder vuurwapens rond. Even verderop spelen kinderen 'pausje' met een oude doek. Anderen verzamelen de wit met gele pausvlaggetjes en gebedenboekjes die langs de route verloren zijn gegaan.

“Mijn God”, zegt Melchor. “Zoiets heeft El señor nog nooit meegemaakt.” Met zijn hand maakt hij een gebaar van een baard. De manier om in Cuba Fidel Castro aan te duiden. Het is deel van de algemene geheimtaal die elke Cubaan gebruikt als hij over 'hem' praat. Toch heeft de gebarende Melchor gelijk. Nog nooit heeft er in Cuba openlijk kritiek geklonken op Fidel Castro. Nooit was er een massabijeenkomst die niet van 'de partij' was. Onwennig bladeren de mensen in hun misboekjes. De 'amens' klinken te vroeg, dan weer te laat. “En alles wordt nog uitgezonden ook”, giechelt Melchor die zelf al jarenlang bij de verkalkte Cubaanse staatstelevisie werkte: een aaneenschakeling van goed-nieuwsberichten over 'buitengewone' quota, 'glorierijke' vernieuwingsplannen en 'dramatische' efficiëntieverbetering, in een land dat zichtbaar van misère uiteenvalt. Ander nieuws heeft Cuba nooit gekend.

Nu klonken zaterdag op allebei de staatszenders de harde woorden van de bisschop van Santiago. Een volk dat lijdt onder een systeem van “paternalisme” en “marxistisch-leninistische” staatsindoctrinatie, zei hij onder luid applaus. Een volk dat tot de armsten ter wereld behoort “omdat het de gift van de vrijheid niet kent”. Nog geen paar uur later haalt ook de paus naar Castro uit. Tijdens een mis voor de zieken in Havana roept hij hem op de ongeveer 500 politieke gevangenen op Cuba vrij te laten. “Wat zij willen is actief deelnemen aan het leven. Te zeggen wat ze op het hart hebben in een klimaat van tolerantie.”

Daar staat hij nu weer op het grote plein van de Revolutie in Havana. Achter hem een portret van Jezus Christus. Op de tribune Fidel Castro die net een paar priesters heeft geknuffeld. Opnieuw vraagt de paus om meer vrijheid op Cuba. En voor de zoveelste keer wordt de mis onderbroken door het gejoel van de mensen. “Ik ben niet tegen applaus”, zegt de paus. “Als er geklapt wordt kan de paus uitrusten.”

Eén zin later haalt de paus onverwachts fel uit naar het “kapitalistisch neoliberalisme”. Hij spreekt over “blinde marktkrachten” die maken dat een kleine groep rijken steeds rijker wordt, en de armen steeds armer. “Wat een optreden”, zegt de Amerikaanse paus-watcher Jonathan Kwitny aan het eind van de mis. “Hij pakt de bankiers op Wall Street net zo hard aan als Castro.” Voor het Amerikaanse televisienetwerk NBC becommentarieert Kwitney het pausbezoek. “De regen van deze uren kan betekenen dat de Cubaanse hemel huilt omdat de paus vetrekt”, zei Johannes Paulus II gisteravond bij zijn vertrek op het vliegveld. “Maar ik vertrouw erop dat deze regen een teken is van een nieuwe etappe in de geschiedenis van Cuba.” Kwitny is het daar volledig mee eens. Volgens hem is het pausbezoek aan Cuba in alle opzichten “historisch” geweest.

Van het begin tot het bittere einde heeft Fidel Castro geprobeerd het bezoek van paus Johannes Paulus II te presenteren als een mondiale twee-handen-op-één-buikshow. Op elk partijkantoor hangt een poster met een foto van Fidel en de paus. Daaronder een tekst van Castro uit 1993: “Wij strijden voor alles wat nobel, goed en genereus is in de mens.” En alsof er deze dagen niets is gezegd, hield Fidel bij het afscheid van de paus nog eens een klaagzang over de kleine David die weerstand moet bieden tegen de “monstrueuze misdaad tegen de mensheid” die de Amerikaanse blokkade is. “Hoe wordt er niet geroddeld over mijn land”, hield Castro de paus voor. “Sommigen hoopten zelfs dat uw bezoek de apocalyptische ondergang zou betekenen van wat boze tongen het laatste bastion van het communisme op de wereld noemen.” Welnu, zegt Fidel. “Dat is dus niet gebeurd.”

Wat is er dan wel gebeurd? Wat is er zo historisch geweest aan dit bezoek? Jonathan Kwitny hoeft er niet lang over na te denken. “De kerk in Cuba is nu definitief gelegitimeerd”, zegt hij. Voor het eerst is er naast de staat een instituut gekomen waarmee rekening moet worden gehouden. Dit betekent volgens Kwitny dat ook op Cuba de katholieke kerk wel eens de organisator zou kunnen worden van de eerste binnenlandse oppositie die er ooit tegen het regime van Castro bestaan heeft. “Net als ooit in Polen zijn een ongecensureerde katholieke pers en katholieke hulporganisaties vanaf nu niet meer weg te denken.”

Ook verder ziet Kwitny parallellen met Polen. Om te beginnen is er het onderscheid tussen de lokale kerk en de paus. Aan de ene kant de clerus, geradicaliseerd door veertig jaar onderdrukking. En aan de andere kant de verzoenende invloed van de paus. Kwitny: “Uit alles blijkt dat Wojtyla heeft besloten geen directe confrontatie met Castro aan te gaan.” Even vaak als niet onderstreepte de paus zijn overeenkomsten met Castro. Daar was het gezamenlijk verzet tegen de Amerikaanse boycot, die de paus gisteren opnieuw “ethisch onacceptabel” noemde. Verder waren er de talloze oproepen aan de bevolking tegen de door Castro zo gehate prostitutie op het eiland, het morele verval, de geldwoede en buitenlanderverering. “Dit alles legitimeert de paus in Castro's ogen tot dé gesprekspartner in een eventueel hervormingsproces.”

Sinds de val van het oostblok wordt de wereld door Castro ervaren als een planeet vol 'vijanden', die er samen op uit zijn de Cubaanse revolutie te 'liquideren'. “Het totale pacifisme van de paus biedt in Castro's ogen een garantie tegen bloedvergieten.” Het werpt in elk geval een veilige dam op tegen de radicale Miami-zeloten, vindt Kwitny. De paus vraagt Castro niet om op te stappen. Hij vraagt alleen: maak je systeem wat losser.

Volgens Kwitny bleek in Polen deze strategie de winnende kaart. “Het zal zichzelf nog een weg moeten eten. Maar de eerste stappen zijn gezet”, meent de expert. En de Cubanen zelf? “Ach”, zegt Melchor. “Een verandering op de milimeter is zo moeilijk te zien. Vooral als je zelf al zo lang op de centimeter leeft.”