Revolutie in Novosibirsk

Westerlingen hebben soms de neiging een beetje meewarig naar de Russische technologische vooruitgang te kijken. Het ruimtestation Mir heeft zijn beste jaartjes achter de rug en de meerderheid van de Russen rijdt nog steeds rond in lamentabele Lada's. Maar de uitzondering bevestigt de regel - of hoe een Siberisch radiostation als voorbeeld van een snel evoluerende maatschappij kan dienen.

Radio Europa Plus in Novosibirsk (Zuidwest-Siberië) maakt deel uit van een hele keten radiostations in 74 Russische steden, die voor hun programmering grotendeels afhankelijk zijn van een Moskouse 'moederzender'. Elke station is echter financieel-economisch zelfstandig en heeft de mogelijkheid zich via een eigen beleid te profileren. Van die kans heeft Europa Plus gretig gebruik gemaakt. Dankzij de belangrijke investering van een computerbedrijf, werd Europa Plus een van de modernste radiozenders in heel Rusland en kan hij de vergelijking met elk westers radiostation makkelijk doorstaan. Alle reclameboodschappen zijn gedigitaliseerd en binnenkort zullen ook de cd's met een simpele klik van de muis de ether worden ingestuurd.

Europa Plus was bij de oprichting, begin 1993, een van de duurste radiostations in het land, maar de investering begon zes maanden later, in oktober van dat jaar, al haar vruchten af te werpen. In mei vorig jaar werd door het station een tweede (onafhankelijke) zender opgestart, Radio Twee. De nieuwe zender is enkel op Russische muziek georiënteerd en zou nu, ruim een half jaar na de oprichting, al de meest beluisterde radiozender zijn in Novosibirsk. Omdat alle infrastructuur aanwezig is, is het volgens Andrej Glatsjenko, de algemene directeur van Europa Plus, mogelijk om zonder veel bijkomende uitgaven nóg twee zenders te beginnen. De plannen voor één daarvan hebben reeds vorm aangenomen. “We kennen het gat in de markt: romantische muziek, melodische jazz en klassiek.”

De inkomsten van Europa Plus zijn vooral afkomstig uit reclame. Voor de Russische radio, die nog maar net het juk van de overheidscontrole en censuur heeft afgegooid, is Europa Plus dan ook opvallend professioneel en commercieel uitgebouwd. Het bedrijf werkt met sociologische doelgroeponderzoeken, analyseert de prime time en benadert zijn klanten met gedetailleerde gegevens over de luisterdichtheid per tijdsblok. Daarnaast verdient het station ook geld met het organiseren van disco-avonden en wordt gedacht aan een eigen muzikaal televisieprogramma. De financiering van de derde radiozender zou op een andere manier aangepakt worden. Een tiental sponsors zullen hun naam en imago aan het station kunnen verbinden, om de zender financieel te ondersteunen.

Europa Plus, dat vrijwel uitsluitend westerse hits draait, creëerde volgens Glatjsenko een nieuwe muzikale radiocultuur in Novosibirsk, naar Westers stramien. Maar hét grote verschil met vroeger ligt bij de journalistieke berichtgeving. Tijdens het Sovjet-tijdperk waren bijna alle journalisten spreekbuizen van de communistische partij. Ze konden zich niet zelfstandig profileren en misten professionele media-ervaring. Vele Russische journalisten staan nog steeds onwennig tegenover dagelijkse berichtgeving via radio en televisie. Maar het succes van de nieuwsverslaggeving in Rusland maakt duidelijk dat persvrijheid een verworven recht is en dat er geen weg terug meer is. Glatsjenko beseft dat ook zijn radiostation uiteindelijk die nieuwe ontwikkeling zal moeten volgen. “Wat wij nu in Novosibirsk doen, is niets meer dan beperkte sociaal-culturele berichtgeving. De radiostations hier richten zich nog veel meer op muziek dan op verslaggeving. Wij zijn nog niet klaar om veel geld in journalisten te investeren. En als we daaraan beginnen, zullen de resultaten pas na enkele jaren zichtbaar zijn.” Voorlopig gaat de aandacht van Europa Plus nog uit naar de bouw van gloednieuwe studio's en bureaus. Wie geld verdient, mag het ook uitgeven.