Patrick Kluivert: zondagskind of total loss

Het Amsterdamse gerechtshof hoort vandaag in besloten zitting voetbalinternational Patrick Kluivert en drie van zijn vrienden over de avond in mei vorig jaar toen zij seksuele gemeenschap hadden met een jonge vrouw. Volgens de vrouw was dit tegen haar zin. Opnieuw is het jonge talent Kluivert (21) in opspraak. Ook bij zijn huidige club, AC Milan, gaat het niet voorspoedig.

Een warme, mooie avond, augustus 1994 in het Olympisch Stadion. De jonge Ajacied Patrick Kluivert geeft zijn visitekaartje af in het eerste elftal van de Amsterdamse club. In de wedstrijd om de Supercup tegen Feyenoord bereidt hij de tweede Ajax-treffer voor. Het derde doelpunt maakt het dan achttienjarige talent zelf: met een sliding en buitenkant rechtervoet.

Na de wedstrijd praat Kluivert over zijn rooms-katholieke geloof. Dat is hem door zijn moeder Lidwina met de paplepel ingegoten. Als hij het veld betreedt, hoopt hij dat God hem bijstaat, zegt hij. Voor zijn eerste grote optreden heeft hij zich afgezonderd op het toilet om zich te concentreren op een kort gebed. Zijn moeder zal ook later regelmatig een kaarsje voor hem opsteken in de kerk op de dag dat hij moet spelen.

Kluiverts roem is hem vooruitgesneld door zijn verrichtingen in de A-junioren en de vertegenwoordigende jeugdelftallen. Bezit Ajax weer een talent dat in de voetsporen kan treden van de grote sterren uit het verleden die bij de Amsterdamse club in de spits stonden? Op de tribunes en later in de catacomben van het Olympisch Stadion wordt die zwoele avond driftig gediscussieerd over de kwaliteiten van Kluivert. Conclusie: hij heeft alles mee om een groot voetballer te worden. Hij is snel als een hinde, heeft de techniek en het postuur (1.87 meter) van Frank Rijkaard, de voormalige stervoetballer van Ajax en AC Milan, en slaat voor het doel toe als een poema die zijn prooi bespringt.

Kluivert krijgt alle ruimte bij Ajax om zich te ontplooien in het eerste elftal. Hij maakt zijn belofte waar met achttien competitietreffers en, als hoogtepunt in dat eerste seizoen, het gouden doelpunt in de Champions League-finale tegen AC Milan. Als invaller maakt hij op 24 mei 1994 uit een pass van Frank Rijkaard met de punt van zijn schoen het winnende doelpunt. Kluivert weet natuurlijk niet wat hem overkomt. Hij is in één klap een voetballer die in de hele wereld bekend is.

Met die felle demarrage en die ene simpele voetbeweging staat hij voor eeuwig in de internationale voetbalannalen. 's Avonds, in het Weense Hilton-hotel, wordt hij na het banket voor het eerst op de hielen gezeten door de wereldpers. “Het gaat te snel met mij, het gaat te snel”, stamelt hij steeds. Kluivert is in het gezelschap van een meisje dat af en toe als tolk voor hem optreedt en dat daarna nooit meer met hem wordt gezien. Tot grote ergernis van zijn moeder volgen er nog vele andere vriendinnen. Geen van hen kan haar goedkeuring wegdragen. Maar Kluivert is nu snel op weg naar sterrenstatus en de tijd is voorbij dat zijn moeder 's nachts om drie uur bij de bushalte op hem wacht na een avondje stappen.

Sportpsycholoog Peter Blitz denkt dat de magische treffer in Wenen bepalend is geweest voor de onverkwikkelijke affaires waar Kluivert later in verzeild is geraakt. In zijn ogen is de plotselinge weelde te groot geweest voor de jonge voetballer die in Amsterdam-Noord opgroeide in een beschermd milieu onder de vleugels van zijn dominante Antilliaans-Surinaamse moeder. Zijn Surinaamse vader voetbalde weliswaar met Patrick, maar bemoeide zich weinig met de opvoeding van zijn jongste zoon, een nakomertje in een gezin met drie kinderen.

Kluivert heeft niet alleen een neus voor doelpunten, maar ook voor problemen. Wie Kluivert kent, zeggen insiders, ziet in hem zeker geen crimineel of het toppunt van roekeloosheid, maar eerder een slachtoffer van zijn omgeving, van verkeerde vrienden en - sinds hij het ouderlijk huis heeft verlaten - van gebrek aan begeleiding. Een beetje een zondagskind, misschien wat te veel verwend en beschermd door zijn moeder. Hij oogt als een vrolijke, spontane jongen met een brutale uitstraling. Hij wekt niet de indruk ook maar een vlieg kwaad te kunnen doen.

Maar dat zegt niets over zijn onbezonnenheid die bij tijd en wijle de kop opsteekt. Soms blijkt hij een wolf in schaapskleren. In een geleende, onverzekerde BMW-sportauto veroorzaakt hij op 9 september 1995 het dodelijke ongeluk waarbij de Vlaardingse schouwburgdirecteur M. Putman om het leven komt. Hij wordt wegens te hard en roekeloos rijden met dodelijk gevolg veroordeeld tot 240 uur dienstverlening en een voorwaardelijke gevangenisstraf. Daarna moet Kluivert de weg terug zien te vinden naar het voetbalveld. De technische staf van Ajax maakt een onvergetelijke fout door Kluivert in het tweede elftal te laten spelen op de dag van de begrafenis van Putman. Als de commotie daarover is verstomd, scoort hij op 24 september het winnende doelpunt voor Ajax in Breda tegen NAC. Uitgelaten rent hij naar de hekken om het publiek deelgenoot te maken van zijn vreugde. Dat heeft hij een vriend beloofd. Het is ongepast, maar het gebeurt in een ontlading na alle ellende. Aanvoerder Danny Blind voelt wel aan dat Kluiverts euforie misplaatst is en sleurt hem terug het veld op.

Drie dagen later speelt Ajax in Boedapest tegen Ferencvaros voor de Champions League. Intussen is bekend geworden dat Kluivert na zijn ongeluk opnieuw is aangehouden door de politie wegens roekeloos rijden. Op de Amsterdamse Stadhouderskade zou hij door een rood verkeerslicht zijn gereden. De in Boedapest aanwezige media kunnen zich niet voorstellen dat Kluivert die woensdagavond aan spelen toekomt. Trainer Louis van Gaal gunt de veelbesproken spits echter een invalbeurt. “Want elke andere verkeersovertreder moet de volgende dag ook weer gewoon op zijn werk verschijnen.”

Ook voor het Nederlands elftal heeft Kluivert bewezen dat hij op de belangrijke momenten zijn mannetje staat. Op 13 december in dat najaar van 1995 schiet hij op Anfield Road in Liverpool met twee treffers de Ierse hoop op deelname aan het EK-voetbal in Engeland aan flarden.

Maar in het seizoen '96-'97 dat volgt, komt Kluivert bij Ajax nauwelijks aan spelen toe. Na het Europees kampioenschap heeft hij genoten van een vakantie in plaats van verder te werken aan de revalidatie van zijn linkerknie. Bij de start van de voorbereidingen blaast hij het nog broze gewricht in feite op. De medische staf kiest nu voor een geleidelijke terugkeer. Maar als hij in het najaar zijn opwachting maakt in de Arena, keert het publiek zich tegen hem.

Zijn spelpeil is abominabel. Van Gaal blijft hem de hand boven het hoofd houden. De ontgoochelde Kluivert zegt dan dat het moment van vertrek naar een andere club dichterbij komt. Op 12 januari 1996 meldt de Gazzetta dello Sport al dat Kluivert een voorcontract zou hebben getekend bij AC Milan. Kluivert moet in het voorjaar van '97 weer onder het mes, nu voor zijn rechterknie. Eigenlijk laat Kluivert in zijn laatste jaar voor Ajax zich twee keer van zijn goede kant zien. In Zürich speelt hij weer voor reddende engel door op een loodzwaar veld met een karakteristiek doelpunt Ajax naar de kwartfinales van de Champions League te schieten.

Begin februari kondigt hij zijn vertrek aan. Kluivert heeft het “even gehad in Nederland” en laat duidelijk doorschemeren dat de bejegening door het publiek en de media een belangrijke rol heeft gespeeld bij de beslissing zijn contract bij Ajax niet te verlengen. In al zijn naïviteit laat hij zich ook voor het karretje spannen van Sigi Lens, de man die bij de spelersvakbond VVCS de belangen van onder anderen Kluivert behartigde. Toen Lens buiten de bond om zaakjes voor zichzelf bleek te regelen, werd hij door de VVCS ontslagen. Maar Kluivert tovert op Schiphol, op weg naar Italië, een voor Lens ontlastend document te voorschijn.

De kwestie rond Lens is natuurlijk maar een peulenschil vergeleken bij de verkrachtingszaak waarover hij vandaag door het Amsterdamse gerechtshof wordt gehoord. Het is de nacht van zaterdag 10 op zondag 11 mei vorig jaar. Om half vijf in de vroege ochtend staat Kluivert op de stoep van de Willems Club aan de Amstel in Amsterdam. Een van de portiers is na een woordenwisseling neergestoken. De dader wordt door omstanders in zijn kraag gegrepen. Als een politieman de messentrekker wil opbrengen, verhindert een grote groep omstanders dit. Kluivert stapt naar voren. “Dat is mijn neef, hij heeft niets gedaan”, zegt de bekende voetballer. Later moet Kluivert op het politiebureau toegeven dat de man zijn neef helemaal niet was.

Maar de lange nacht is nog niet voorbij. Met drie vrienden vergrijpt de voetbalinternational zich in zijn woning in Amsterdam-Noord aan de twintigjarige Mariëlle Boon, de voormalige Miss Vijfhuizen uit de Haarlemmermeer die hij eerder die avond in de discotheek Sinners had ontmoet. De jonge vrouw doet aangifte van groepsverkrachting.

Kluivert geeft tijdens een politieverhoor toe dat hij seks heeft gehad met Mariëlle. Zij doet in Privé uitgebreid haar verhaal. Op advies van de politie heeft ze aanvankelijk geen aanklacht ingediend. Bewijzen voor verkrachting zijn er niet, Kluivert en zijn vrienden hadden condooms gebruikt. Andere sporen worden door de politie vernietigd, nadat er de eerste drie weken na het voorval nog geen aangifte was gedaan.

Los van de vraag of de Haarlemmermeerse al dan niet heeft meegewerkt aan de groepsseks, heeft de reputatie van Kluivert opnieuw een deuk opgelopen. Het gebeurde immers allemaal op enkele meters van het wiegje in de slaapkamer van Kluivert waar later zijn pasgeboren zoon zou komen te liggen. Vriendin Angela verbleef op dat moment wegens complicaties rond de zwangerschap in het ziekenhuis. Ze zou het hem later allemaal vergeven.

Het wangedrag van Kluivert brengt bondscoach Guus Hiddink ernstig in verlegenheid voor de interland van het Nederlands elftal tegen België, begin september vorig jaar. Hiddink aarzelt voor het cruciale duel met de Belgen of hij Kluivert zal opstellen. Maar als hij merkt dat de spelers met het sterkst mogelijke elftal de grasmat op willen gaan en geen morele bezwaren hebben tegen de aanwezigheid van Kluivert, selecteert hij de spits van Milan. Ondanks de aanpassingsmoeilijkheden die hij heeft in de Italiaanse competitie maakt Kluivert één van de Nederlandse treffers. Na afloop klinkt er meisjesgegil van bewonderaars als hij De Kuip wil verlaten. Alsof er niets is gebeurd.

Vóór de interland geeft Kluivert samen met twee andere spelers van de Surinaamse 'kabel' in het trainingskamp een interview aan het Surinaams-Nederlandse blad Obsession waardoor hij een maand later bij publicatie opnieuw in opspraak komt. In het omstreden vraaggesprek zegt hij liever voor een Surinaams elftal te willen uitkomen. Weer is er een stormpje opgestoken rond de jonge voetbalinternational.

Met stijgende verbazing hebben z'n collega's en coaches de afgelopen jaren over zijn escapades gelezen in kranten en roddelbladen, want zo kennen ze 'Patje' helemaal niet. Gerard van der Lem, assistent van Louis van Gaal, die Kluivert al begeleidde in de jeugdafdeling, zoekt naar oorzaken. “Ik ken Patrick als een lieve, sociale jongen. Altijd vrolijk, altijd in voor een geintje. Ook ondeugend.” Volgens Van der Lem “zit er echt geen kwaad bij die jongen”. Kluivert, zegt hij, staat altijd open voor gefundeerde kritiek. “Louis en ik hebben bij Ajax heel veel aandacht besteed aan opvoeding en zelfdiscipline. Maar als een populaire voetballer het stadion verlaat, gaat een groot aantal mensen zich met hem bemoeien. Dan moet je sterk in je schoenen staan.”

Op het voetbalveld vindt Kluivert de afleiding die hij nodig heeft om de moeilijkheden in het gewone maatschappelijk leven te vergeten. Bij Ajax heeft hij drie seizoenen het voordeel van de twijfel gekregen wegens zijn talent voor het maken van cruciale doelpunten. Dat doet hij onder de moeilijkste mentale omstandigheden. Alleen grote voetballers als Cruijff, Van Basten en Gullit bleken in het verleden onder druk van conflicten goed te kunnen presteren.