Australische tennisfans treuren op nationale feestdag

De gedroomde ontmoeting tussen Andre Agassi en Patrick Rafter bleef uit na een bewogen weekeinde op Melbourne Park. De Franse dromer Nicolas Escude schakelde bovendien vandaag de laatste Australische deelnemer uit.

MELBOURNE, 26 JAN. Uitgerekend op Australia Day moest het publiek op Melbourne Park zich tevreden stellen met een flauwe ceremonie ter ere van twee tennishelden uit een roemrucht verleden. De Davis Cup-coaches John Newcombe en Tony Roche, die een plaats kregen in de Hall of Fame, waren tevens de laatste Australiërs die hun opwachting maakten op het centrecourt. En niet, zoals de toeschouwers vurig hoopten, Patrick Rafter of een van de andere nationale helden. Het leeuwenhart van de uitgeputte US Open-kampioen brak zaterdagavond in een dramatische partij tegen Alberto Berasategui en in het spoor van Rafter namen ook Richard Fromberg en Todd Woodbridge afscheid van de Australian Open.

Het lokale televisiestation Channel 7 was de nationale feestdag daarom graag begonnen met een minuut stilte. Gastcommentator John McEnroe had vandaag namelijk een spectaculaire reclamecampagne moeten ontketenen rond een duel waar iedereen al over sprak en dat er niet zal komen. Van Rafter zal Andre Agassi dit keer geen last meer hebben.

“Durf te dromen”, hield Newcombe de Australische jeugd voor. Maar de mooiste droom was al twee dagen eerder vernietigd. Alsof ze een rouwdienst bijwoonden, spraken de geschokte toeschouwers zaterdag het requiem uit over Rafter toen hij bij een 5-4 achterstand in de vierde set al op instorten stond. Het sonore Waltzing Mathilda, het tweede Australische volkslied, afgewisseld met de nationale hymne weerklonken op het centrecourt en ontroerd richtte Rafter zich nog één keer op. Tijdens zijn eerdere confrontaties met de Amerikanen Jeff Tarango en Todd Martin had de nummer 2 van de wereld echter al te nadrukkelijk op zijn reserves geteerd.

De torenhoge verwachtingen van zijn landgenoten lagen als bielsen op zijn rug en Rafter oogde tegen de sluwe Berasategui als een murw gebeukte bokser bij wie elk moment het licht uit kan gaan. Opgelucht na zijn martelgang in vier bedrijven (6-7, 7-6, 6-2 en 7-6) kondigde de service-volleyer uit Queensland aan een paar stevige pilsen te gaan drinken en zijn frustraties op een surfplank te verwerken. Zijn ondergang zette de toon voor de aftocht van de andere Australische tennissers.

Ook Fromberg ervoer de mentale kracht van de Slovaak Karol Kucera, de winnaar van de Hopman Cup én het ATP-toernooi in Sydney. Woodbridge was zich ervan bewust dat van hem een nieuw wonder werd verwacht na zijn fraaie zege in drie sets (7-6, 6-4 en 6-2) op de als vijfde geplaatste anti-tennisser Greg Rusedski. De partner van Mark Woodforde is geen speler die zich behaaglijk voelt onder een dergelijke druk. De 26-jarige Australiër trof bovendien een tegenstander in wie eindelijk de straatvechter is ontwaakt, want aan het talent van Nicolas Escude heeft niemand in Frankrijk ooit getwijfeld.

De solide baseliner uit Chartres toonde zich als puber van 16 jaar oud reeds de evenknie van generatiegenoten als Albert Costa en Gustavo Kuerten. Maar geestelijk kon Escude de stap van het juniorencircuit naar de grote jongens niet maken. Picasso werd hij in Frankrijk spottend genoemd vanwege zijn voorliefde voor dromerig uitgevoerd, creatief tennis zonder rendement. “En dus ploeterde ik vorig jaar nog op satelliettoernooien”, sprak Escude, hoofdschuddend. Vandaag schaarde hij zich verrassend onder de beste acht van het toernooi in Melbourne, zijn beste prestatie ooit.

In een jaar tijd steeg Escude van een nederige 415de plaats op de wereldranglijst naar de 81ste en na zijn triomftocht op de Australian Open ligt ten minste een plaats in de top-50 in het verschiet. Pas vorig jaar oktober op het indoortoernooi van Parijs Bercy herkende Escude in zichzelf het met talent gezegende kind van vroeger. Daar versloeg hij Roland Garros-kampioen Kuerten en de Braziliaan was ook in Melbourne één van zijn slachtoffers. Cruciaal was voor Escude de wijze waarop hij in de eerste ronde Magnus Larsson na een 2-0 achterstand in sets met 10-8 in de vijfde reeks versloeg. Het labiele wonderkind, twee jaar geleden al afgeschreven door de Franse tennisbond, bleek toch te kunnen vechten. Zo overleefde Escude ook tegen de Amerikaanse veteraan Reneberg een 2-0 achterstand en de 5-2 voorsprong van Woodbridge in de eerste set bracht hem dus niet in verlegenheid. “Ik put tegenwoordig juist inspiratie uit een achterstand.”

Escude dankt zijn metamorfose aan Davis- en Fed Cupcoach Yannick Noah die de tennissport in zijn land een nieuwe dimensie heeft gegeven en vooral aan oud-speler Tarik Benhabiles. De begeleider van de fragiele Fransman raakte de juiste snaar. “Hij hield me voor dat ik geen tijd meer had te verliezen”, biechtte Escude op. “Spelers die ik als junior moeiteloos versloeg, hadden al naam gemaakt in het profcircuit, terwijl ik liep te knoeien in de satelliettoernooien.”

Escude illustreerde zijn doorbraak vandaag in drie sets (7-6, 6-3, 6-2) tegen de ontgoochelde Woodbridge, die prompt de discussie over het dak boven het centrecourt heropende. Zo profiteerde ook Pete Sampras gisteren in zijn vermakelijke duel met Hicham Arazi van de fundamenteel andere status die het grandslamtoernooi op rebound ace krijgt als het dak vanwege de regen (of de dit jaar ontbrekende hitte) wordt gesloten. Alleen de kwetterende vogels laten in dat geval horen dat de Australian Open in de open lucht behoort te worden gespeeld. Vandaag zongen ze alleen voor Nicolas Escude; na het verlies van Pioline, Raoux en Roux de vaandeldrager van het Franse tennis.