Officieel Turks rapport: Band mafia en staat groter dan gedacht

ANKARA, 24 JAN. De omvang van het zogeheten Susurluk-schandaal, over de vermeende banden tussen de staat, de politiek en de mafia in Turkije, is veel groter dan werd vermoed.

Dat blijkt uit een onderzoek dat de hoofdofficier van justitie van het hof van cassatie, Vural Savas, de afgelopen maanden in opdracht van premier Mesut Yilmaz uitvoerde.

Delen van het rapport - de rest wordt als staatsgeheim aangemerkt - werden eerder deze week vrijgegeven in een televisie-interview met Yilmaz, die beloofde dat “de staat van boven tot onder zal worden doorgelicht”. De Turkse premier waarschuwde voor te grote verwachtingen. “Het schandaal omvat verschillende staatsministries en het kan daarom wel enige tijd vergen.”

De kern van de beschuldigingen is dat verschillende veiligheidsdiensten rechtse mafia-clans hebben gebruikt om politieke vijanden te elimineren. In ruil daarvoor kregen deze 'gangsters in uniform' de vrije hand in de handel van drugs en bij het afpersen van personen en organisaties. Die criminele activiteiten hadden plaats onder het mom van de bestrijding van de Koerdische terreur op grond waarvan de politie, de gendarme en de inlichtingendiensten buitengewone volmachten werden toegekend. Casino's in Turkije werden gebruikt voor het witwassen van de winsten. Bovendien werd bevestigd dat de Turkse binnenlandse veiligheidsdienst (MIT) - in samenwerking met de Israelische en de Syrische inlichtingendiensten - heeft gepoogd om de leider van de separatische Koerdische Arbeiders Partij (PKK) in Syrie te vermoorden. Tevens wordt uit het rapport duidelijk dat Turkije daadwerkelijk betrokken was bij de mislukte staatsgreep in 1995 tegen president Haydar Aliyev in Azerbajdzjan.

Het Susurluk-schandaal kwam eind 1996 aan het licht, na een auto-ongeluk aan de westkust van het land, waarbij een hoge politie-functionaris, een rechtse mafiabaas en een Koerdische parlementariër, samen met een voormalige schoonheidskoningin, waren betrokken. Slechts de parlementariër, Sedat Bucuk, overleefde het. Zijn parlementariere onschendbaarheid is pas recent opgeheven, evenals die van zijn collega en voormalige hoofd van de politie, Mehemt Ar.

Burgerorganisaties in Turkje voeren al maandenlang campagne om duidelijkheid te krijgen over de omvang van het Susurluk-schaandaal. De indruk is dat Yilmaz door verschillende staatsorganisaties, als het leger, onder druk wordt gezet om bepaalde delen van het onderzoek niet aan het publiek vrij te geven. Daarnaast wordt de vermeende betrokkenheid van Çiller juist extra benadrukt, in de hoop dat dat van invloed is op haar politieke carrière en het voortbestaan van haar Partij van het Juiste Pad (DYP). Volgens Yilmaz had het leeuwendeel van de criminele activiteiten juist plaats in de periode van midden 1993 tot 1996, toen zijn politieke rivaal Çiller aan de macht was.

Het Susurluk-schandaal wordt in Turkije vergeleken met de corruptieschandalen de afgelopen jaren in Italië. De 'Schone-Handen-Operatie' die daarop een reactie was, zou ook in Turkije moeten worden uitgevoerd. Anderzijds werpt de zaak een donker licht op de strijd tegen de Koerdische terreur in het zuidoosten van het land, die naar nu wordt bevestigd volledig uit de hand is gelopen. Activiteiten die aan de PKK werden toegeschreven, blijken nu te zijn uitgevoerd door de gangsters in uniform.