Kuifje is kunst geworden op stripfestival Angoulême

In Angoulême begon gisteren voor de vijfentwintigste keer de Salon de la Bande Dessinée. De Salon is met een grote uitgeversbeurs en vele exposities het belangrijkste stripfestival in Europa.

ANGOULÊME, 24 JAN. In Brussel, de geboortestad van Hergé, komt een Kuifje Museum. Verder zullen alle door Hergé getekende verhalen worden heruitgegeven, precies zoals ze oorspronkelijk verschenen in krant of tijdschrift. La Fondation Hergé kondigde dat aan tijdens de Salon de la Bande Dessinée in Angoulême. Dit gisteren begonnen festival, dat dit jaar voor de 25ste keer wordt gehouden, is het belangrijkste evenement op stripgebied in Europa. Behalve een immense beurs waar alle uitgevers van Frankrijk en een aantal van daarbuiten zich presenteren, zijn er ruim twintig tentoonstellingen te zien.

In het Museum van Schone Kunsten is een tentoonstelling gewijd aan wat het vierentwintigste album in de Kuifje-reeks had moeten worden. In Kuifje en de Alfakunst neemt de reporter het op tegen een bende kunstvervalsers. Het verhaal wordt op tweederde afgebroken. Voordat Hergé het avontuur tot een goed einde kon brengen, stierf hij. In het laatste plaatje wordt Kuifje afgevoerd om in polyester te worden gegoten. De boeven zijn van plan hem als een kunstwerk (als een César, om precies te zijn) te verkopen. Op de tentoonstelling is deze laatste schets in blauw neon (zie Bruce Nauman) uitgevoerd. De boodschap is duidelijk: Kuifje is inmiddels kunst geworden.

De expositie is chic maar stelt toch teleur. Ten eerste omdat er slechts drie originele schetsen te zien zijn. De rest is reproductie. Daarbij komt dat de schetsen al tien jaar geleden in boekvorm zijn verschenen. Hetzelfde boek ligt nu op de toonbank van het museum. Kuifje is kunst, maar Kuifje is vooral handel.

In Frankrijk is dat geen schande, want la bande dessinée is big business. Op de beurs is dan ook een ruimte ingericht waar uitgevers in alle rust kunnen onderhandelen over de rechten van vertalingen en merchandising. Lucky Luke, inmiddels vijftig jaar oud, is te koop als een videospelletje.

Van sommige succesreeksen worden honderdduizenden exemplaren verkocht. Maar omdat de markt zo enorm is, zijn er ook genoeg kansen voor kleinere uitgevers en alternatieve artiesten. Uitgevers als L'Association en het Zwitserse Editions Paquets richten zich met prachtig verzorgde boeken veeleer op de liefhebbers van grafisch werk dan op de klassieke stripliefhebbers. Daarnaast zijn ook de commerciële uitgevers als Dargaud en Casterman afhankelijk van nieuw talent. In het zestiende-eeuwse Hôtel Saint Simon is een twintigtal buitenlandse tekenaars te zien. Vernieuwend werk van Amerikanen als Art 'Maus' Spiegelman en Chris Wara, bizarre mensfiguren van de Argentijn Munoz. Nederland is vertegenwoordigd met platen uit het album Meccano van Hanco Kolk.

De leukste tentoonstellingen zijn echter te vinden aan de rand van de vestingstad. In een oud maar nog altijd functionerend sluisgebouw is werk te zien van een aantal kunststudenten uit Angoulême, Milaan, Tournai en Hamburg. In de vochtige ruimte overheerst het geluid van kolkend water, en boven de sluis hangt een bord met 'Bouillon van ideeën'. De studenten hebben de herrie van het water nog versterkt met sirene- en orgelgeluiden, lampen gaan aan en uit. Het maakt het kijken naar de tekeningen tot een spectaculaire ervaring, in tegenstelling tot de meeste tentoonstellingen waar een plechtige stilte en gefluister overheersen.