Richard Nixon en de godvergeten kannibalen

Stanley I. Kutler: The New Nixon Tapes. Abuse of Power. The Free Press, 675 blz. ƒ 73,75

'Het is een oud verhaal: keer je niet tegen de koning, tenzij je van plan bent hem te vermoorden', zegt president Nixon op 26 april 1973 tegen zijn minister van Justitie. Inhoudelijk hebben ook de New Nixon Tapes veel weg van een Shakespeariaans koningsdrama, met schimmige vijanden, verraad van medewerkers en een op de rand van de waanzin belancerende president.

Het taalgebruik van Nixon en zijn medewerkers is daarentegen puur twintigste-eeuws en Amerikaans.

In zijn boeken hanteert de 37ste president van Amerika een plezierig voortkabbelend proza. In 'Nixon: het toneelstuk' is hij messcherp en vooral uiterst grof. Heel wat sons of bitches moeten worden vernietigd; joden zijn cocksuckers, vooral als ze voor de belastingdienst werken; het gedonder met ondergeschikten is een helluva lot of crap; Republikeinse inbrekers zijn clowns; onnozele of juist te intelligente medewerkers fuckers; de directeur van de FBI is farting about, dat wil zeggen hij reageert niet snel genoeg. In bijna elke zin komt wel een goddamn of een Christ voor. De president gaat vloekend en tierend door het leven.

De vraag die senator Howard Baker destijds stelde - 'wat wist de president en wanneer wist hij het' - kan ook na lezing van de New Nixon Tapes niet definitief worden beantwoord. Maar waarschijnlijk was Nixon niet van tevoren op de hoogte van Watergate. Het tegendeel blijkt althans nergens uit de letterlijke weergave van de gesprekken die hij van juni 1971 tot juli 1973 met zijn medewerkers over het onderwerp voerde. Het zou natuurlijk kunnen dat Nixon in het beruchte 'gat van 18,5 minuten' in de banden het onderwerp te berde heeft gebracht. Maar dat valt niet meer te achterhalen.

Wel horen we de president met jongensachtige bravoure drie keer een kraak beramen: bij de denktank het Brookingsinstituut ('Blaas de kluis op!, gebiedt de president); bij Charles Bremer, de gestoorde man die presidentskandidaat George Wallace heeft neergeschoten (plaatsen van linkse lectuur in zijn appartement om hem als progressief te kunnen stigmatiseren); en in het Republikeinse hoofdkwartier in Washington. Bij zijn eigen partij dus, om de Democraten de schuld ervan in de schoenen te kunnen schuiven. En om zijn poging-tot-inbraak-theorie kracht bij te zetten - iedereen speelt voor luistervink. Mochten de Democraten de beschuldiging terugkaatsen en beweren dat de Republikeinen de inbraak in scène hebben gezet, dan zou hij, Nixon, zich verontwaardigd tot het Amerikaanse volk wenden: 'For Christ's sake'. (Hoe kunnen ze zoiets denken; is dan niets meer heilig, enz).

Zo geven de New Nixon Tapes een even fascinerend als onthutsend inzicht in doen en denken van de president. We wisten al dat Nixon de vernietiging van de bandjes heeft overwogen, maar er om redenen van historisch belang vanaf zag. Ze zouden hem nog van pas komen, dacht hij. Intrigerend is de discussie over de campagne van 1968, waarin hij werd afgeluisterd door zijn voorganger Johnson. Nixon hoopte de Democraten daarmee te kunnen chanteren: stop het onderzoek naar Watergate of wij maken de praktijken van Johnson openbaar.

Hard nieuws over 'Watergate' zelf bevatten de tapes niet. Hun nieuwswaarde kan dan ook niet de reden zijn waarom Nixon twintig jaar lang hemel en aarde heeft bewogen om publicatie van de tapes te voorkomen. Veeleer moet hij hebben beseft dat de weergave van zijn gesprekken dodelijk zou zijn voor zijn imago.

Intrigant

Vrijwel onmiddellijk nadat hij in augustus 1974 was afgetreden begon Nixon aan de restauratie van zijn reputatie. Zijn strategie was simpel: hij wierp zich op als elder statesman, door op gezette tijden een bijdrage te leveren aan het debat over de Amerikaanse buitenlandse politiek. Hij wilde als briljante geopoliticus de geschiedenis ingaan. De bandjes, wist Nixon, toonden hem van een andere kant: die van een paranoïde, wild om zich heen slaande politicus. Van een intrigant, die vloekend en tierend de ene na de andere cover-up bedenkt om echte en denkbeeldige vijanden om de tuin te leiden. Openbaarmaking ervan moest derhalve koste wat kost worden voorkomen.

Bij zijn overlijden in 1994 leek hij in zijn opzet te zijn geslaagd. Hij werd met alle egards begraven. Maar nog niet lag hij onder de grond, of het dagboek van voormalig stafchef H.R. Haldeman lag in de boekwinkels. Daarin kwam de 'oude Nixon' weer tevoorschijn: vijanden dienden te worden vertrapt, joden kregen ervan langs en de linkse pers had het op hem gemunt. Een jaar later was het opnieuw raak, met de publicatie van Nixon off the Record door zijn laatste assistente, Monica Crowley. Het was, zei voormalig assistent Leonard Garment, 'één grote verticale vinger (uitgestoken), naar zijn vijanden maar ook naar zijn vrienden.' En nu zijn er dan de tapes, waarop Tricky Dick vanuit het graf nogmaals in alle glorie zijn stem verheft.

Dat Nixon aan waanideeën leed is bekend. Maar de aard ervan was tot nu toe alleen bij benadering vast te stellen. Nu weten we meer. Nixons leidraad was: schakel anderen uit voordat ze jou te grazen nemen. De Democraten, meende hij, waren erop uit hem te 'vertrappen', een typisch Nixon-woord. Er zat niets anders op dan ze een stap voor te zijn.

En toch, vanaf het moment dat op 17 juni 1971 het doek voor de lezer opgaat, lijkt hij te beseffen dat het een heilloos avontuur is. De vijand - 'godvergeten kannibalen' - is volgens hem vrijwel onverslaanbaar. De Democraten zijn beter en sterker, slimmer en sluwer. Zijn medewerkers zijn daar niet van overtuigd, en dat maakt het alleen maar moeilijker. Ze deugen niet voor politieke oorlogvoering. Alleen hij, Richard Milhous Nixon, weet uit eigen ervaring wat de Democraten allemaal vermogen.

Wat volgt is een adembenemend toneelstuk van ruim 600 bladzijden. Charles 'Chuck' Colson voedt de criminele fantasie van de president; H.R. Haldeman bevestigt wat Nixon hardop denkt en drukt er een stempel van genialiteit op; Henry Kissinger is een slijmbal die verrukt is dat zijn baas van 'ruig' politiek spel houdt; E. Howard Hunt, G. Gordon Liddy en Donald Segretti (Spaghetti, volgens Haldeman) knappen het vuile werk op in het veld. Hunt, weten Nixons medewerkers te vertellen, heeft 40 boeken op zijn naam staan, over spionage, Koude Oorlog en porno. Een ware tijger, zegt Colson, en hij doet het allemaal niet voor geld. Een meester in vermommingen, een superdetective, voegt de president eraan toe.

The New Tapes is ook een slagveld van geofferde medewerkers. Nadat hij op 30 april 1973 Haldeman en Ehrlichman heeft ontslagen, zweert Nixon in een gesprek met Haldeman 'nooit meer over Watergate te zullen praten'. Gelukkig kan hij het toch niet laten. Op 12 juli, 250 bladzijden en bijna evenveel gesprekken over Watergate verder, klaagt de president tegen Kissinger: 'Ik bedoel maar. Ik heb twee armen afgesneden (Haldeman en Ehrlichman) en toen gingen ze achter het lichaam aan'. Kissinger: 'En dat na alle goede dingen die u voor het land heeft gedaan'... (...) Nixon: 'Blijf, blijf vechten.' Het doek valt.

Nixon, heeft Kissinger gezegd, meende dat het zijn lot was te verliezen. Hij wilde, aldus Kissinger, heel veel winnen, zodat hij des te dieper kon vallen. The New Tapes bewijzen zijn gelijk: de oude Nixon heeft bij wijze van spreken definitief gewonnen van de nieuwe. Los daarvan: geen president kon zo mooi schelden en raaskallen, geen politicus koos ondergeschikten en vrienden met zulke schitterende namen. Als Kennedy het beeld was, was Nixon het woord. Ze waren tegen elkaar opgewassen.

Uit: Stanley I. Kutler, Abuse of Power, The New Nixon Tapes. Telefoongesprek tussen Nixon en Kissinger, 17 op 18 april 1973, 23.45 uur - 00.04 uur.

Nixon keert terug van een banket en belt Kissinger om raad.

Kissinger: 'Het belangrijkste, nu, Mr. President, als u het mij toestaat, is het presidentschap beschermen, en uw autoriteit.'

Nixon: 'Dat zal moeilijk worden.'

Kissinger: 'Dat is absoluut van essentieel belang.'

Nixon: 'Sommige mensen pissen zelfs op de president, als ze denken dat het ze zal helpen. Het is verdomd zwaar. Ik ben eerlijk gezegd de enige, van de hele groep, die tot maart van de hele zaak geen godverdomde snars afwist.' (...)

Kissinger: 'Toch denk ik dat het van groot belang is - ik bedoel: om (het presidentschap) te beschermen.'

Nixon: 'Als het mogelijk is, zullen we het zeker doen; is het niet mogelijk, dan what the hell.'

Kissinger: 'Het is mogelijk, Mr. President.'

Nixon: 'Misschien moeten we in overweging nemen, om, laat ik eerlijk zijn, om me op het zwaard te werpen.'

Kissinger: 'Nee...'

(...)

Nixon: 'Raak niet ontmoedigd.'

Kissinger: 'Mr. President, ik ben niet ontmoedigd.'

Nixon: 'Je moet gewoon je werk doen. Twee of drie mensen moeten hier achterblijven, om het godverdomde fort te beschermen.'

Kissinger: 'U heeft dit land gered, Mr. President. Dat zal uit de geschiedenisboeken blijken, wanneer niemand meer weet wat Watergate inhield.'