Ontsnapt uit het slachthuis; De jacht op twee Britse varkens

Twee varkens zijn vorige week in Groot-Brittannië uitgegroeid tot nationale helden. Hun foto's verschenen op de voorpagina's van alle kranten. Ze kregen zelfs bijnamen: Butch Cassidy en Sundance Pig. Naar twee cowboys in een beroemde film. Net zoals die cowboys ontsnapten de varkens ook steeds opnieuw aan hun achtervolgers. Tot ze uiteindelijk toch werden gepakt.

Hun avontuur begon in de tuin van de straatveger Arnoldo Dijulio. Daar leidden ze een onbekommerd biggenbestaan. Ze aten zich rond aan de etensresten die Dijulio hen toe wierp. Ze rolden lekker door de modder. Ze vulden de lucht met hun vredig geknor.

Wat ze niet in de gaten hadden, was dat de straatveger hen alleen maar vetmestte voor de slacht. Als Dijulio naar hen keek, zag hij geen levende wezens. Hij dacht uitsluitend aan vlees.

Ze wogen vijftig kilo toen de stratenveger hen zwaar en mals genoeg vond om tot speklapjes te worden gehakt. Hij laadde hen in de aanhanger van zijn auto. Zo begon de tocht die hun laatste had moeten zijn.

Over wat er daarna gebeurde zijn hele kranten vol geschreven. Maar geen mens weet wat zich tijdens die reis in de aanhanger precies heeft afgespeeld. Dat één van de biggen onderweg door de kieren van de veewagen heeft gekeken en op een richtingaanwijzer het woord 'slachthuis' kon lezen is niet waarschijnlijk. Misschien hebben ze de doodsangst van hun soortgenoten in het abattoir gevoeld.

In elk geval vlogen ze naar buiten toen de straatveger de laadklep van zijn aanhanger bij het slachthuis zakken liet. Onmiddellijk stormden ze naar een gat in de omheining. Daarachter kolkte een brede rivier. De straatveger kon zijn ogen niet geloven toen hij de twee varkens spetterend naar de overkant zag drijven. Dat varkens konden zwemmen had hij nooit geweten. De varkens hadden dat zelf trouwens ook nooit vermoed.

De vlucht van de twee varkens sprak tot de verbeelding van iedereen die erover hoorde. Misschien omdat mensen zoveel lijken op varkens. Ze hebben allebei weinig leefruimte. Ze hebben beide een dikke huid en wentelen zich beide in hun eigen viezigheid. Net zoals varkens schikken mensen zich meestal in hun lot, hoewel dat knap beestachtig kan zijn. De twee ondernemende varkens lieten zien dat vrijheid lonkt als je het heft in eigen handen neemt.

In elk geval kwamen er allerlei acties op gang om het dappere duo te redden. “Laat ze toch met rust“, zei de plaatselijke burgemeester. “Ik hoop dat ze nooit worden gevangen“, zei de plaatselijke politieagent die vegetariër was en dus nooit vlees at. Scholen uit heel Groot-Brittannië lieten weten dat zij het koene koppel wel wilden adopteren. Maar de straatveger die nog altijd een gruwelijk trek had in karbonades, vond dat de voortvluchtige varkens zo snel mogelijk moesten worden gepakt en geslacht.

Hij bedacht zich pas toen een Britse sensatiekrant 50.000 gulden bood voor de varkens. Fotografen en cameramensen uit de hele wereld hadden inmiddels de jacht op Butch Cassidy en Sundance Pig geopend. Allemaal wilden ze als eerste beelden van de twee ontsnappingskunstenaars laten zien. Eén krant stuurde twaalf verslaggevers voor de achtervolging. Een televisiestation zette een helikopter in.

En nog waren de twee varkens iedereen ruim een week lang te slim af. Als ze al gesignaleerd werden, steeds ontsnapten ze weer. Tot Butch Cassidy zich uiteindelijk vastliep in een tuin aan de rand van het stadje Malmesbury. Een dag later kon ook Sundance Pig worden gepakt. Al weerde hij zich tot op het laatst als een tijger. Drie keer moest de man van de dierenbescherming hem met een verdovingsgeweer raken. Pas toen ging hij neer.

De twee varkens zijn door de krant die hen gekocht heeft, ondergebracht in een dierenreservaat. Ze hoeven nooit meer bang te zijn voor het slagersmes. Terugkijkend op hun avontuur, treuren ze misschien om hun vriendje. Want in de tuin van de straatveger waren ze aanvankelijk met zijn drieën. Maar de derde heeft nooit de benen genomen. De derde is geëindigd als varkensgehakt. Dat gebeurt er met varkens die bang zijn voor water en nooit ongehoorzaam durven zijn.