Bruno Barat heeft choreografietalent

Workshop van Het Nationale Ballet met choreografieën van Gerard Mosterd, Bruno Barat, Troy-Paris Mundy, Johanna Williams, Alfredo Fernandez en Greta Jorgensen. Gezien: 22 januari , Theaterschool, Amsterdam. Daar nog te zien: 23 en 25 januari. Inl.: 020-551.82.25 of 020-527.77.77

De workshops die de meeste gesubsidieerde Nederlandse dansgezelschappen vrijwel jaarlijks organiseren om hun dansers met choreografische ambities een mogelijkheid te bieden hun ideeën en talenten aan een publiek van niet alleen maar collega's, familie en kennissen te presenteren, zijn bijna altijd interessant. Niet alleen wegens de eventuele ontdekking van nieuw choreografisch talent, maar ook om de deelnemende dansers die vaak de kans krijgen en grijpen om een heel ander facet van hun kunnen te laten zien.

In een aantal gevallen betekenden de workshops inderdaad de eerste stap op de weg naar een succesvolle tweede carrière als choreograaf. Bij de recente workshop van Het Nationale Ballet, gegeven in de voor dit doel uitstekend geschikte zaal van de Theaterschool in Amsterdam, was er wat mij betreft maar één choreograaf die zo'n toekomst tegemoet kan zien: Bruno Barat.

Barat heeft bij eerdere gelegenheden al laten zien dat hij vanuit dansbeweging denkt, dat hij ideeën heeft die hij een interessante vorm kan geven. Zijn After All, door hemzelf, Robert Bell en Kevin Cregan voortreffelijk gedanst, is een goed doordachte compositie waarin drie mannen hun eigen plek in tijd en ruimte kiezen of er juist een slaaf van zijn. Zo lijkt Robert Bell zich niet los te kunnen maken uit het lichtveld van een kleine tv. Kevin Cregan zoekt naar nieuwe gebieden maar kan daar niet geheel in doordringen. Alleen zijn ledematen komen verder dan de omtrek van de in de ruimte verdeelde lichtvlakken en cirkels. Bruno Barat zelf speelt met het licht, staat er zo nu en dan midden in, trekt zich er uit terug en veroorzaakt levensgrote schaduwen op het achterdoek waardoor zijn fascinerende, flitsende bewegingen extra benadrukt wordt.

Barat heeft de laatste jaren gewerkt met choreografen uit het 'moderne' danscircuit. Dit is te zien. Het bewegingsmateriaal dat hij gebruikt is rijker, genuanceerder en veelzijdiger geworden zonder dat de exactheid verloren is gegaan. Barat verdient om kansen te krijgen meer te choreograferen - waar dan ook, zolang hij maar niet in de kuil van avondvullende producties valt. In dit 22 minuten durende werk, waarin de muziek van Steve Reich en het licht een nauwe en wezenlijke band met de choreografie hebben, weet hij net de nodige spanning vast te houden.

De andere vijf uitgevoerde choreografieën vond ik onder de maat en overlopend van niet waar gemaakte pretenties. Er was weer veel tekst, er werd volop met film en foto beelden gewerkt, er liepen leuke, dan wel zeer dramatische bedoelde types rond, er werd pittig met heupen en benen gezwaaid maar inventieve dans wilde het maar niet worden.

Soms was het zelfs helemaal geen dans. De uitvoerenden, bijna allemaal leden van Het Nationale Ballet, weerden zich dapper en dansen kunnen ze zeker, al blijven sommigen wel erg in een uiterlijke vorm steken.

Artistieke begeleiding, selectie, minder poespas en meer zelfkritiek is dringend nodig. Anders moet men zulke workshops vooral binnenshuis houden.