Vernon Jordan The First Friend

WASHINGTON, 22 JAN. Vernon Jordan had minister van Justitie kunnen worden toen zijn vriend Bill Clinton president werd. Maar Jordan, die gisteren in opspraak kwam als sleutelfiguur in het laatste schandaal rond de Amerikaanse president, verkoos een positie achter de schermen.

Als vertrouweling, adviseur en golfmaatje van Clinton speelt hij een zeldzaam invloedrijke rol. Een officiële functie in de regering heeft hij niet, maar er gaat zelden een week voorbij zonder dat hij en Clinton elkaar spreken. Toen The New York Times hem twee jaar geleden portretteerde, luidde de kop: The First Friend.

Vernon E. Jordan Jr. (62) is een man met een indrukwekkend netwerk van contacten in de politiek en het grote bedrijfsleven. Nadat Clinton in 1992 tot president was gekozen, belastte hij Jordan en Warren Christopher, de latere minister van Buitenlandse Zaken, met het zoeken van kandidaten voor zijn regering. En ook in de jaren die daarop volgden, speelde Jordan vaak een sleutelrol bij benoemingen op topniveau. Wie hem in Washington ziet opereren - of hij nu grappen maakt met de president of in zijn zwarte Mercedes een lift geeft aan Richard Holbrooke - herkent meteen de power broker, de makelaar in macht.

Clinton en Jordan kennen elkaar al sinds begin jaren zeventig en kunnen goed met elkaar opschieten. Ze komen allebei uit het zuiden en uit een eenvoudig milieu. Jordan groeide op in de sociale woningbouw in Atlanta in de tijd dat de rassenscheiding nog bij wet was vastgelegd. Zijn moeder kookte voor welgestelde blanken in de stad en bezorgde haar zoon een bijbaantje als chauffeur. Jordan studeerde rechten aan de zwarte Howard University in Washington. In 1971 werd hij directeur van de burgerrechtenorganisatie National Urban League.

In die functie leerde hij Clinton kennen, die gouverneur van Arkansas was. Toen Clinton die post bij de verkiezingen van 1980 verloor, betekende dat volgens velen het einde van zijn politieke carrière. Maar Jordan zocht hem op, want, zo zou hij later vertellen, “ik heb altijd geweten dat hij president zou worden”.

In hetzelfde jaar was Jordan ook het slachtoffer van een aanslag op zijn leven. In de stad Fort Wayne, in Indiana, schoot een racistische man hem met een jachtgeweer in zijn rug. Jordan overleefde de aanslag. Hij stapte over naar de commerciële advocatuur en werd partner bij het prestigieuze kantoor van advocaten en lobbyisten Akin, Gump, Strauss, Hauer & Feld. Inmiddels behoort Jordan tot het driemanschap dat het kantoor leidt. Ook is hij commissaris bij tal van bedrijven. Hij bezorgde de provinciale politicus Clinton veel contacten in het grote bedrijfsleven en stelde het bedrijfsleven gerust over diens bedoelingen. Als Jordan in het nieuws komt, is het meestal als gastheer van de Clintons tijdens hun vakanties op Martha's Vineyard of als golfpartner van de president. Minder bekend is dat hij soms ook diplomatieke missies uitvoert.

Jordans reputatie liep een deuk op toen vorig jaar bekend werd dat de speciale aanklager Kenneth Starr zijn rol in de Whitewater-affaire onderzoekt. Jordan zou goedbetaalde baantjes hebben geregeld voor Webster Hubbell, een andere oude vriend van Clinton, die als onderminister van Justitie wegens corruptie moest aftreden en in de gevangenis belandde. Dat was een vorm van zwijggeld, zeggen critici.