Indonesie

Aantal inwoners: 197 mln.

Oppervlakte (km2): 1.904.443

Inwoners per km2: 103,7

Hoofdstad: Jakarta

Munt: Rupiah

DE OUDSTE DOCHTER van president Soeharto, zakenvrouw Siti Hardyanti Rukmana, ofwel 'Tutut', organiseerde begin deze week een media-event waarbij zij twee kilo goud schonk aan de minister van Financiën Mar'ie Muhammad. Bedoeling van haar optreden in het kader van de actie Aku cinta Indonesia (Ik houd van Indonesië), was de bevolking op te wekken haar voorbeeld te volgen door zoveel mogelijk kostbaarheden aan de staat te schenken. Dit ter leniging van het financiële Zwarte Gat dat Indonesië dreigt op te slorpen.

Twee weken geleden begon Tutut bovendien de Gerakan Cinta Rupiah (De Liefde voor de Roepia Beweging), door onder het warme licht van de tv-lampen 50.000 dollar om te wisselen tegen de nationale munt.

De bevolking kijkt met afgrijzen naar de publiciteitsstunts van Tutut. Op straat verwijzen mensen naar het relatief schamele bedrag dat zij, als een van de meest welgestelde mensen van het land, heeft omgewisseld. Als mensen nog roepia's hebben, proberen zij die om te zetten in harde dollars. Dat is een van de redenen waarom de doodzieke economie maar niet beter wil worden.

Het specifieke van de Indonesische crisis is de koppeling tussen de monetaire malaise en het probleem op politiek niveau. Dat probleem heet Soeharto. De 76-jarige ex-generaal heeft het land de afgelopen dertig jaar omgevormd van een economisch rampgebied tot aspirant-Tijger. Gedurende dertig jaar lag het groeicijfer op 7 procent en werd de inflatie beteugeld. Veel mensen, vooral in de Javaanse steden, deelden mee in de nieuwe welvaart.

Soeharto bleef al die jaren aan de top, door de pilaren van zijn macht vakkundig tegen elkaar uit te spelen. De bureaucratie vormde hij om tot zijn eigen partij-apparaat, de Golkar, die het land tot in zijn kleinste geledingen moest besturen. Dat gebeurt in concurrentie met de alomtegenwoordige strijdkrachten, die door middel van het unieke systeem van de dwifunksi (dubbelfunctie) niet alleen verantwoordelijk zijn voor de landsverdediging, orde en veiligheid, maar ook voor het bestuur.

Met de economische vooruitgang als alibi schortte de zogenoemde Nieuwe Orde van Soeharto burgerlijke rechten en vrijheden op. Het parlement werd een stempelautomaat voor regeringsdecreten. Iedereen die zich verzette, werd verpletterd. De aldus verkregen stabiliteit maakte van het land een investeringsparadijs. Daarvoor zorgde ook de derde pijler van Soeharto's macht: een kaste van etnische-Chinezen, de toplieden van enige tientallen 'conglomeraten', die in belangrijke mate het geld verdienden, waarvan zij overigens een aanzienlijk deel in ruil voor protectie moesten afgestaan. Deze symbiose tussen macht en geld leverde de president en zijn zes kinderen, die allemaal in 'zaken' gingen, volgens schattingen zo'n veertig miljard dollar op. Dat bedrag komt overeen met de omvang van het hulppakket waarover Soeharto en het IMF onlangs een nieuw akkoord sloten.

Sinds enige jaren vertoont de almacht van de president haarscheurtjes. Vooral het opduiken in 1993 van Megawati Soekarnoputri als voorzitter van de kleine Partai Demokrasi Indonesia (PDI) kan worden gezien als een van de eerste signalen. Megawati geldt als een politiek relatief onervaren huisvrouw, maar zij ontleent groot gezag en een zekere mate van onaantastbaarheid aan het feit dat zij de oudste dochter is van de nog immer zeer populaire Soekarno, de in 1970 overleden eerste president van de republiek.

Sindsdien groeide er een 'buitenparlementaire oppositie' die de laatste tijd steeds duidelijker laat weten dat het volkscongres Pak Harto beter niet voor een zevende termijn moet herkiezen. In dat koor zongen vervolgens ook oud-ministers en leiders van machtige islamitische organisaties mee. En het opvallende is dat het machtsapparaat niet optreedt. Dat duidt op verwarring en misschien zelfs op instemming van delen van dat apparaat. Het gevolg is dat geen IMF-akkoord buitenlandse investeerders terugkrijgt in het land.

Soeharto heeft nog steeds geen opvolger aangewezen en dat is de voornaamste reden van de nervositeit van de markt. Dat Soeharto onlangs persoonlijk verantwoordelijkheid heeft genomen voor het herstelprogramma, tekent de man. De soldaat Soeharto zou zich een lafaard voelen als hij het slagveld in het donkerst van de strijd verliet, zeggen mensen die hem persoonlijk kennen. Bovendien heeft hij te denken aan de zakelijke belangen van zijn kinderen, zeggen economen. En Soeharto heeft aan politiek statuur gewonnen toen regeringsleiders van de VS, Duitsland en Japan hem belden met steunbetuigingen. Daar ligt volgens een oud-minister meteen ook het risico voor de nabije toekomst. Soeharto heeft zijn persoonlijke lot verbonden aan het welslagen van het IMF-saneringsprogramma. Als dat mislukt, is hij uitgespeeld. Het contract tussen de president en het volk, dat rechten en vrijheden offerde voor economische vooruitgang, zal dan worden opgezegd.