'Farmareuzen zullen markt beheersen'

In de farmacie is weer een megafusie op komst. SmithKline Beecham (SB) en America Home Products Corporation hebben gisteren bevestigd in onderhandeling te zijn.

ROTTERDAM, 22 JAN. Op de Londense beurs werd gisteren gegrapt dat SmithKline Beechams (SB) hoogste baas, Jan Leschly een overname van de Amerikaanse farma-gigant American Home Products (AHP) ook wel uit eigen zak kan betalen. SB's president and chief executive officer, Deen van geboorte, apotheker van zijn vak en als dubbelpartner van Tom Okker terugkijkend op een behoorlijke carrière als professioneel tennisser, wordt in Engeland gezien als 'UK's most over-paid man'. Maar voor de overname van American Home Products is meer nodig dan een geschat een inkomen van acht miljoen pond sterling per jaar.

Anders dan bij eerdere speculaties over fusies en overnemingen door SB zag Leschly zich dinsdagmiddag genoodzaakt met een minimale mededeling naar buiten te komen, nadat er een ongekende handel in aandelen SmithKline Beecham was ontstaan. De markt was 'electrified' en de waarde van de stukken begon een stratosferische hoogte te bereiken. Die ongekende stijging zette vandaag precies een week geleden in. Leschly bekende dat speculaties over fusie-besprekingen met American Home Products correct waren, maar over de uitkomst van die besprekingen valt volgens hem nog niets te zeggen. Meer commentaar mag worden verwacht als de gesprekken tot conclusies hebben geleid. Hoewel de laatste jaren fusies en overnemingen binnen de farmaceutische sector in termen van bedragen het ene record na het andere hebben doen sneuvelen, zou het hier om het ongekende bedrag van rond 100 miljard dollar - de gezamenlijke marktwaarde van beide bedrijven - gaan.

Het Amerikaans-Britse SB, na Glaxo Wellcome de nummer twee van het Verenigd Koninkrijk is 62,2 miljard dollar waard. American Home Products, op zijn thuismarkt nummer drie is goed voor veertig miljard dollar. Hoewel AHP hier vrij onbekend is, behaalt het bedrijf wel veertig procent van zijn totale omzet buiten de VS. American Home Products met een marktwaarde van rond veertig miljard dollar, nam in 1994 voor 9,6 miljard dollar American Cyanamid over. Dat heeft het concern in één keer omgetoverd tot een behoorlijk innovatieve onderneming, die aan research and development jaarlijks meer dan een miljard dollar uitgeeft. Maar het bedrijf blijft voornamelijk sterk in de productie van geneesmiddelen waarvoor geen doktersrecept nodig is. Met deze zogeheten over the counter-geneesmiddelen (OTC) is zij marktleider in Europa, Australië en Nieuw Zeeland en de derde grootste ter wereld.

Een combinatie van SB en AHP zou het nieuwe bedrijf op de eerste plaats van de wereldranglijst brengen. Het aandeel op de wereldmarkt zou zo'n zes procent gaan bedragen. Tot nu toe delen het Britse Glaxo Wellcome en het Zwitserse Novartis die eerste plaats met elk 4,4 procent.

Voor analisten is die plaats op het ereschavot echter minder interessant dan de winstvooruitzichten. Zij hebben berekend dat de 'synergie' tussen de beide bedrijven een kostenbeparing kan opleveren van 2,5 miljard dollar. Bovendien zouden ze meteen de sterkste partij zijn op de Amerikaanse markt. Op die markt wordt nu al het meest verdiend door farmaceutische bedrijven, maar het is bovendien de snelst groeiende.

SmithKline Beecham ontstond in 1989 door een samengaan van het in Philadelphia gevestigde en toen sukkelende SmithKline Beckam en het Londense Beecham, dat vanouds een sterke reputatie heeft op het punt van antibiotica.

In die tijd leek SmithKline Beecham juist in de race te zijn voor dit bedrijf. SB en AHP worden wel gezien als de twee meest rusteloze en ambitieuze bedrijven in de farmaceutische sector, maar daarbij is wel bepalend waaraan dat wordt afgemeten. Een gestage klimmer als het in New York gevestigde Pfizer, in oktober nog door het Amerikaanse blad Fortune verkozen tot “'s werelds meest bewonderde bedrijf”, kiest duidelijk en met succes voor een autonome groei.

En groeimogelijkheden zijn er voor de farmaceutische industrie. In 1995 bedroeg de totale verkoop op de wereldmarkt - gerekend in fabrieksprijzen - 284 miljard dollar. Veilige schattingen houden het op een jaarlijkse toename met 6,7 procent per jaar, zodat de totale markt rond de eeuwwisseling 379 milard dollar omvat. Gezien het feit dat giganten als Novartis, Glaxo Wellcome, Johnson & Johnson, Merch & Company, Bristol-Myers Squibb en Roche Holding elk slechts enkele procenten van die wereldmarkt in handen hebben, valt er nog veel te expanderen. Dat kan door zelf met steeds nieuwere en betere producten te komen, zoals Pfizer, het kan ook door een concurrent met een redelijk gevulde 'pijplijn' gewoon op te slokken.

In een interview met deze krant zei Leschly twee jaar geleden: “Als je op deze markt wilt overleven, moet je er in de eerste plaats zeker van zijn dat je producten in de pijplijn hebt waar de maatschappij op zit te wachten. Heb je dat niet, dan kun je beter elders solliciteren.”

Leschly voorspelde toen dat er rond de eeuwwisseling niet meer dan vijf tot tien mega-players op de wereldmarkt van de farmacie zullen zijn, die veel meer dan nu de markt domineren. “De mega-ondernemingen zullen de echte niche-players gewoon kopen. Als een klein bedrijf iets heeft op het gebied van kanker, dan koop je dat gewoon. Als iemand iets goeds heeft tegen psoriasis, wil ik het morgen hebben. We hebben de middelen en de organisatie om dat te doen.”