Dwangposities en rituele dansen van betrokkenen bij Schiphol

De Commissie Geluidhinder Schiphol heeft gisteren een suggestie van minister Jorritsma genegeerd om nog dit jaar overschrijdingen van de wettelijke normen voor de geluidsoverlast te gedogen. De onstuimige groei van Schiphol dreigt hierdoor een halt te worden toegeroepen.

HAARLEM, 22 JAN. De Commissie Geluidhinder Schiphol vindt in meerderheid dat minister Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) het zogeheten aanvullend gebruiksplan van Schiphol nu niet moet vaststellen. Dit blijkt uit het advies dat de commissie gisteren heeft opgesteld. Hierdoor blijft het onwaarschijnlijk dat Schiphol dit jaar zoveel zal kunnen groeien als het zelf wil.

Schiphol had eerder deze maand een aanvullend gebruiksplan ingediend, waarin het voorstelde in 1998 40.000 vluchten meer af te wikkelen dan in het geldende plan is toegestaan. Aangezien de wettelijke geluidsnormen daarbij zouden worden overschreden, verzocht de luchthaven de minister in feite die overschrijdingen te gedogen. Ook Jorritsma zelf leek hier blijkens een brief aan de Commissie Geluidhinder wel voor te voelen. De commissie is het belangrijkste adviesorgaan van de minister omtrent de lawaai-overlast van de luchthaven. In de commissie zijn zowel de luchtvaartwereld vertegenwoordigd als de milieubeweging, de omliggende gemeenten en de bewoners daarvan.

De commissie dringt er in haar advies unaniem op aan dat het kabinet eerst formuleert hoe het de ontwikkeling van Schiphol ziet tot de oplevering van de nieuwe baan, de parallelle Zwanenburgbaan. Het probleem is dat de luchthaven reeds het maximaal aantal vluchten ontvangt binnen de toegestane geluidsgrenzen, maar de luchtvaartmaatschappijen willen meer. Er is nog wel ruimte voor.

De kern van de huidige problemen is dat kabinet en Tweede Kamer, tegen beter weten in, jaar in jaar uit hebben volgehouden dat de groei op Schiphol veel lager zou uitvallen dan in werkelijkheid het geval was. Op grond daarvan werden grenzen voor de geluidshinder vastgesteld, die veel eerder dan verwachtop gespannen voet zijn geraakt met het groeitempo van Schiphol.

De irritatie groeit intussen zichtbaar bij alle partijen: bij de luchtvaartmaatschappijen die zich in hun plannen gedwarsboomd zien, bij de luchthaven zelf, bij de betrokken ministers Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) en De Boer (VROM), bij de Kamer, bij de milieubeweging en nu ook al bij de Commissie Geluidhinder Schiphol. Iedereen wil dat er een oplossing komt voor de problemen, maar op dit moment kan niemand daarvoor zorgen.

Vorig jaar werden de nieuwe geluidsnormen op Schiphol meteen al overschreden. Zowel minister Jorritsma als de rechter - in een kort geding aangespannen door milieubeweging en bewonersgroeperingen - stonden toe dat die overschrijdingen eenmalig werden gedoogd.

Schiphol diende daarop in november noodgedwongen een gebruiksplan in met ruimte voor 360.000 vluchten in plaats van de 420.000 die de luchtvaartmaatschappijen willen. Jorritsma keurde dat goed. De nieuwe verdeling van de vluchten laat Nederlandse maatschappijen deze zomer minder vluchten dan in 1997. Dat kost geld en banen. Er wordt dan ook druk uitgeoefend op luchthaven, minister en parlement om meer vluchten toe te staan.

Misschien zou daar wel ruimte voor te maken zijn door het geluid rond de luchthaven anders te waarderen. Een door de minister ingestelde adviescommissie onder leiding van de bestuurskundige R. In 't Veld liet in een tussenrapportage in december commissie al weten welke kant ze op wilde: spoeler normen en minder zwaar tillen aan overschrijdingen in gebieden waar niemand woont.

Ook de Commissie Geluidhinder is bereid tot aanpassingen in de geluidszones, maar volgens de wettelijke procedures. Die kunnen twee jaar duren. De commissie is echter verdeeld over wat er intussen moet gebeuren: gedogen of niet.

Maar Schiphol heeft haast, want dezer weken stellen de maatschappijen hun winterdienstregeling voor '98/'99 op. Als de luchthaven daarin extra vluchten wil opnemen, moet Schiphol nú bekendmaken dat daarvoor ruimte is. Zo waagde Schiphol het erop en kwam met een aanvullend gebruiksplan waarin de luchthaven vooruitliep op de aanbevelingen van de commissie-In 't Veld.

Jorritsma vroeg op haar beurt de Commissie Geluidhinder om advies. Deze reageerde aangebrand, want ze had al eerder gezegd dat de minister eerst eens moest komen met een plan hoe het kabinet wenst om te gaan met Schiphol tot de nieuwe baan klaar is, op zijn vroegst in 2003, maar waarschijnlijker in 2005.

De minister zat echter klem: wachten kón ze niet, want ze is verplicht binnen drie weken een besluit te nemen over het ingediende aanvullend gebruiksplan. Ze zou in dit stadium onvermijdelijk óf de luchtvaartwereld voor het hoofd stoten, óf de Commissie-In 't Veld of de Commissie Geluidhinder.

Kortom, de betrokkenen zijn in dwangposities gekomen en voeren een rituele dans op. Om opnieuw overschrijdingen te gedogen, moet Jorritsma haar woord breken. Dat kan ze alleen doen als er voldoende maatschappelijk en politiek draagvlak is voor gedoogbeleid. Uit de reactie van de Commissie Geluidhinder blijkt dat er nu niet te zijn. En uit de eerste reacties uit de Tweede Kamer, die vandaag over de materie debatteert, blijkt dat de minister zich ook over een breed politiek draagvlak niet veel illusies hoeft te koesteren.