Rusland begint serie catalogi verdwenen kunst

MOSKOU, 21 JAN. Uit twee musea vlakbij Sint Petersburg zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog 40.000 objecten verdwenen. Dat blijkt uit de eerste twee catalogi van een verwachte serie van zestien delen, die gisteren in Moskou zijn gepresenteerd.

“Dit cijfer wil niet zeggen dat we nu de waarheid kennen”, zei Nikolaj Nikondrov, verbonden aan de afdeling kunstrestitutie van het ministerie van Cultuur, “maar we komen nu een beetje in de buurt.”

Duitse soldaten gingen in het begin van 1940 niet alleen op strooptocht in Russische musea en kloosters, zij verbrandden ook vaak wat ze niet konden meenemen. Alleen al in 1944 vertrokken er 92 treinen met gestolen kunstwerken van West-Rusland naar Duitsland, vertelde Nikondrov gisteren. “En die plunderingen hebben onze houding aanzienlijk bepaald toen wij op onze beurt op strooptocht gingen.”

Verschillende pogingen in Rusland om de balans van verdwenen kunstwerken op te maken strandden de afgelopen decennia in vage aantallen tussen de vierhonderd- en achthonderdduizend stukken. In 1991 is opnieuw een begin gemaakt met het onderzoek, dat vooral bemoeilijkt wordt omdat tijdens de oorlog vele archieven in vlammen zijn opgegaan.

In de nu gepubliceerde catalogi is onder meer het Paleis van Catharina opgenomen, dat even buiten Sint Petersburg, in Tsarskoje Selo, ligt. Het werd beroemd om zijn 18de-eeuwse barnstenen kamer, een geschenk van de Pruisisische vorst Friedrich Wilhelm I aan Peter de Grote. De Duitsers ontmantelden de kamer volledig en verscheepten het barnsteen naar Kaliningrad. Kleine fragmenten doken onlangs op in Duitsland, maar verder ontbreekt sinds 1945 elk spoor van de 55 vierkante meter barnsteen die nu opnieuw in het paleis wordt aangebracht. Ook de vele andere kamers en de destijds, gedeeltelijk met bladgoud bedekte trappenhuizen zijn intussen ingrijpend gerestaureerd.

“Tijdens de oorlog hebben museummedewerkers vele collecties verpakt om elders op te slaan”, vertelde gisteren Larisa Bardovskaya, adjunct-directrice van het Catharina Museum, “maar soms hadden ze geen tijd meer, omdat de nazi's voor de deur stonden. En zo is het ook gegaan in Tsarskoje Selo. Toen de Duitsers binnenkwamen, konden ze alles verpakt en gemerkt meenemen.”

De Russische overheid hoopt dat particuliere verzamelaars in de catalogi eventuele stukken zullen herkennen en zich dan zullen aanmelden. Intussen oefenen Duitsland en andere Europese landen nog steeds druk uit op de voormalige Sovjet-Unie om de kunstwerken die de Sovjet-legers destijds als compensatie uit het westen meenamen, te restitueren. Het Russische parlement verwierp begin vorig jaar een veto van president Jeltsin over een wetsontwerp dat Russische oorlogsbuit tot Russisch eigendom verklaard.